André Oerlemans
19 april 2023, 14:30

Chemie kan veel meer gerecycled plastic gebruiken als het geen afval meer is

Om te kunnen stoppen met olie als grondstof moet de chemie veel meer gerecycled plastic gebruiken. Helaas wordt dat nog te vaak gezien als afval en mag je er bijvoorbeeld geen plastic folie of bakjes voor voedsel van maken. Dat is een denkfout, zo blijkt. Recyclers kunnen er zelf voor zorgen dat ze een einde-afvalstatus krijgen en zo veel meer gerecycled plastic leveren aan de chemische industrie. Maar daar hebben ze wel hulp bij nodig.

Adobe Stock 286930290 Veel meer gerecycled plastic kan de einde-afvalstatus krijgen | Credits: Adobe Stock

Dat blijkt uit het rapport ‘End of Waste’ dat consultancybureau Ecomatters in opdracht van platform Groene Chemie Nieuwe Economie (GCNE) en Invest-NL heeft opgesteld. Voorzitter Arnold Stokking van GCNE en CEO Rinke Zonneveld van Invest-NL overhandigden het onderzoek aan gedeputeerde Jeannette Baljeu van Zuid-Holland, Jacqueline Vaessen van ChemistryNL, en hoofd afval, recycling en EU circulaire economiebeleid Hagar Ligtvoet van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.

Gerecycled plastic in plaats van olie

Zowel GCNE als Invest-NL streeft naar een circulaire chemie zonder fossiele brandstoffen en zonder CO2-uitstoot in 2050. Dat betekent onder meer dat er een alternatief voor olie als grondstof voor plastic moet komen. Behalve grondstoffen uit biomassa kan gerecycled plastic een belangrijke vervanger van olie worden. Dan moet het materiaal wel maximaal gerecycled kunnen worden. Het probleem is alleen dat gerecycled plastic nog te vaak als afval wordt gezien. Vervuilde grondstoffen kunnen gevaarlijk zijn voor mens en milieu en mogen dus niet voor alle toepassingen gebruikt worden.

Veel onduidelijkheid

Recyclebedrijven moeten daarom zelf kunnen aantonen dat hun afval verwerkt kan worden in veilige producten. Daarvoor hebben ze een einde-afvalstatus
nodig. Hoe dat systeem werkt en hoe ze zo’n certificaat kunnen aanvragen: dat is voor veel recyclebedrijven nog veel te onduidelijk. Uit het rapport blijkt dat de huidige einde-afvalstatus ook niet de rechtszekerheid biedt die recyclebedrijven, klanten of investeerders zoeken. Daardoor worden innovatieve oplossingen van bedrijven die nodig zijn voor een circulaire economie ontmoedigd en afgeremd.

Bedrijven meer zelf doen

Volgens Ecomatters kunnen recyclebedrijven zelf meer doen om zo’n status te verkrijgen voor hun grondstoffen. Ze moeten dan aantonen dat het gerecycled plastic voor één specifiek doel gebruikt wordt, dat er een duidelijke vraag naar is – bijvoorbeeld vanuit de chemie -, dat het voldoet aan alle voorschriften, normen en productspecificaties en dat het geen negatieve gevolgen heeft voor mens en milieu. Daarvoor moeten ze bewijzen verzamelen en die vastleggen in een dossier. Het rapport geeft daarvoor tips en adviezen. Daarna kunnen bedrijven een einde-afvalstatus aanvragen bij een omgevingsdienst.

In hele Europa geldig

Zo’n status heeft geen juridische basis en biedt dus geen rechtszekerheid bij verkoop van het product. Daarom geeft het rapport beleidsmakers en overheden een aantal aanbevelingen om het huidige systeem te verbeteren. Om de kennis bij recyclebedrijven te vergroten zou er een centraal aanspreek- en informatiepunt moeten komen, waar alle expertise te raadplegen is. Via een campagne zouden meer bedrijven te weten moeten komen dat ze zelf zo’n einde-afvalstatus kunnen aanvragen en dat dit voldoende is om hun producten aan de chemie te verkopen. Dan moeten wel alle regels en criteria duidelijk gemaakt worden, vooral op het gebied van veiligheid.

Ook op het gebied van wetgeving kan er nog veel verbeteren. De einde-afvalstatus zou meer juridische zekerheid moeten bieden, bijvoorbeeld in de vorm van certificaten die in heel de EU geldig zijn. Daarvoor zijn duidelijke criteria nodig, waarbij de nadruk op de afvalstromen van plastic en biomassa moet liggen. Nederland kan hierin het voortouw nemen bij invoering op Europees niveau, meent Ecomatters.

De wereld produceert zo’n 460 miljoen ton plastic per jaar. Daar is 6 procent van alle olie voor nodig. Wereldwijd wordt 14 procent van al het plastic gescheiden ingezameld en 5 procent gerecycled. In Nederland wordt 45 procent van het plastic gescheiden ingezameld voor recycling. Daarmee is het koploper in Europa, maar er wordt nog steeds 55 procent verbrand.

Geen vertraging

Volgens GCNE en Invest-NL is er dus meer ondersteuning voor ondernemers nodig en kunnen beleidsmakers meer duidelijkheid scheppen. “Mede gezien de klimaaturgentie kunnen we ons geen enkele vertraging in de grondstoffentransitie veroorloven. Groene Chemie, Nieuwe Economie hoopt dat met de adviezen uit dit rapport een aantal belangrijke barrières geslecht worden”, zegt Stokking, voorzitter van het platform.

Gedeputeerde Jeannette Baljeu: “Het benutten van secundaire grondstoffen is van groot belang voor een circulaire economie. Het is daarbij belangrijk dat we de einde-afvalcriteria op uniforme wijze hanteren. De provincie zet zich daarom in voor goede informatievoorziening en het wegnemen van onduidelijkheden in regelgeving.”

Lees ook:

De overhandiging van het rapport van Ecomatters | Credit: GCNE

Proef! Plantaardige boter van BuVé

Proefpersoon: Erika van Zinderen Bakker Dieetstatus: Plantaardig Guilty pleasure: ChipsVroeger, toen ik nog alles at, moest ik niets hebben van margarine. Ik was absoluut van #teamroomboter. Dat veranderde toen ik plantaardig ging eten. Door voortschrijdend inzicht vond ik het niet eens moeilijk om afscheid te nemen van de ‘echte’ boter en over te stappen op margarine. Plantaardige margarine voldoet prima als plakmiddel voor hagelslag of vlokken en ik maak zelfs de heerlijkste ‘boterkoek’ met margarine. Alleen zoet brood of een lekker geroosterd broodje met alleen boter … tsja, dat is nog behelpen. En toen belandde er een nieuw product in mijn mailbox: ‘BuVé, een premium plantaardig boteralternatief met een unieke samenstelling. Gemaakt van noten en net als ambachtelijke boter een gefermenteerd product. Biologisch, smaakvol en puur’. Dat belooft wat. Wat is het? BuVé is een plantaardig alternatief voor boter op basis van cashewnoten. Het is te koop bij Ekoplaza en kost daar 3,49 euro (pakje van 125 gram). Het doorschijnende bakje laat een iets korrelige, lichtbeige substantie zien. In het verleden heb ik zelf wel eens plantaardige ‘kaasjes’ gemaakt van cashewnoten. Daar deed het me erg aan denken.Wat zit er eigenlijk in? Het product is voor 50 procent gemaakt met cashewnoten en heeft in totaal slechts vier ingrediënten: cashewnoten, kokosolie, water en zout. Er zitten geen conserveringsmiddelen, verdikkingsmiddelen of additieven in en het is biologisch. De cashewnoten komen van boerencoöperaties in Burkina Faso, zijn Fairtrade, biologisch en worden lokaal verwerkt. En natuurlijk: hoe smaakt het? Ik begon met geroosterd brood. Een geroosterd broodje met alleen boter. Dat was vroeger echt ‘m’n lievelings’. BuVé doet wat het moet doen: het smelt precies zoals echte boter en het heeft een zachte, romige smaak. Echt een heel goed alternatief voor roomboter. Doordat de boter licht zout smaakt, is het extra lekker. Nu ben ik enthousiast, ik wil meer. Toevallig is het paastijd en slingeren hier in huis nog wat paasbroden rond (duivekater, paasstol en suikerbrood). Ik proef ze allemaal met BuVé en ben helaas een beetje teleurgesteld. Wat ik lekker vind aan roomboter, en zelfs aan margarine, is de temperatuur. Het is een romig, zacht en koud smeersel. Dat koude, dat mist BuVé. Ook is de combinatie met zoet brood heel anders dan met m’n geroosterde broodje. Ik proef de cashewnoten er een beetje doorheen. En het zout dat ik eerst zo lekker vond, vind ik in deze combi een beetje jammer. Ook een broodje met BuVé en hagelslag valt me tegen. Conclusie Ik vind het lastig om één conclusie te trekken. Als hartige botervervanger vind ik BuVé echt heel geschikt. Ik heb nog niet eerder een plantaardige botervervanger geproefd die zo romig was. Maar in combinatie met zoet vind ik hem minder geslaagd. De prijs is bovendien pittig, dus voor een baksel zou ik een margarine gebruiken. Omdat ik zelf weleens vergelijkbare substanties met cashewnoten en kokosolie heb gemaakt, denk ik ook dat je zo’n ‘botertje’ vrij eenvoudig zelf maakt. Volgens mij komt dat heel aardig in de buurt, ook al is dat dan niet gefermenteerd, zoals BuVé. Alle voor- en nadelen op een rij, kom ik uit op een 6,5. Meer lezen? Changemaker Sheila Struyck: "Ik ben gefascineerd door het vakmanschap en de gastronomie"Gezond vegan voedsel uit de automaat: 'De markt is er klaar voor'Melkveehouders aan de slag met plantaardige alternatieven: “Bijt elkaar niet”