Jaime Donata 14 juni 2020, 07:00

Waarom duurzaamheid bij elke webshop op de agenda moet staan

De e-commerce sector is booming en dat wordt door de coronacrisis alleen maar versterkt. Daarmee groeit ook de behoefte aan duurzame verpakkingsoplossingen. Maar duurzame e-commerce gaat verder dan de verpakking zelf. Daarbij krijgt de consument steeds meer invloed op duurzaamheid in de keten.

E commerce

Volgens Philippe Christiaansen, salesmanager e-commerce bij Smurfit Kappa, heeft de keuze van de consument een grote invloed op de duurzaamheid van de hele keten. Het is een opkomende trend die ongeveer twee jaar geleden begon. “Bij een grote speler als Zalando kun je er tegenwoordig voor kiezen om bovenop het aankoopbedrag 25 cent te betalen voor CO2-compensatie.” Deze bijdrage gaat naar het keurmerk Gold Standard om projecten voor emissiereductie mee te financieren.

Daarnaast ziet Christiaansen dat online retailers ook vaker een manager duurzaamheid aanstellen. “Zij zien er op toe om de keten zelf zo duurzaam mogelijk te maken. Daar valt namelijk veel te winnen.” Denk aan de wijze waarop een product wordt aangeleverd. Wordt er plastic gebruikt of niet? Is de verpakking van één of meerdere materialen gemaakt? Hoe wordt het product bezorgd: thuis of bij een ophaalpunt? En rijdt de bezorger in een elektrische of diesel bestelbus?

Duurzame keuzes voor webwinkels

De keuzes die webshops maken zijn cruciaal voor verduurzaming van de keten. Volgens Christiaansen kunnen zij bijvoorbeeld impact maken door meer duurzame producten op te nemen in het assortiment. “En door duidelijke foto's en adequate informatie te geven is de kans op teleurstelling kleiner bij de consument. Zo verminder je het aantal retourzendingen.”

'Bezorgdiensten hoeven veel minder kilometers te maken als de consument het bezorgmoment zelf mag bepalen'

Ook op het gebied van vervoer, een grote vervuilende factor in de e-commerce keten, valt steeds meer te kiezen. Er zijn bijvoorbeeld vervoerders die elektrisch rijden of zelfs per fiets bezorgen. Ook kunnen consumenten steeds vaker zelf kiezen tussen bezorging aan huis of via een ophaalpunt. Hoe meer de consument dit zelf kan bepalen, hoe hoger de hitrate van bezorgers, stelt Christiaansen: “We zien dat bezorgdiensten veel minder kilometers hoeven te maken wanneer de consument zelf mag bepalen hoe laat een pakket aan huis wordt bezorgd.”

Parcel data tools

Wat zijn andere uitdagingen op het gebied van duurzaamheid binnen de e-commerce sector? Pieter van der Linden, e-commerce businessmanager bij Smurfit Kappa, ziet dat veel online winkels een sterke groei doormaken: “Door de snelgroeiende markt en de hevige concurrentie kiezen veel webshops voor een zo breed mogelijk assortiment. Dat betekent ook: veel verschillende soorten producten met verschillende afmetingen. Dat is een extra uitdaging voor duurzaam verpakken.”

De aandacht voor het optimaliseren van de verpakkingsketen neemt toe. Van der Linden: “De consument wil niet steeds dozen opgestuurd krijgen die veel te groot zijn voor het product. Daarom worden er steeds meer tools ontwikkeld die parcel data gestuurd zijn. Daarmee kun je het formaat van de verpakking afstemmen op de omvang van een product.” 

Grote webwinkels laten soms een eigen geautomatiseerde inpaklijn maken, maar veel kleine en middelgrote webshops pakken hun producten nog steeds handmatig in. Speciaal voor deze partijen ontwikkelde Smurfit Kappa een parcel data tool. De e-Dimension tool is een uitkomst voor bijvoorbeeld webshops die in de doorgroeifase zitten en toch duurzaam en op maat willen verpakken.

Ook ontwikkelde het bedrijf een tool die verpakkingen test op robuustheid tijdens het vervoer. Een pakketje maakt namelijk nogal wat mee nadat het een magazijn verlaat. “Door pakketschade onderweg te voorkomen, verklein je de kans op retournering, waarmee je de keten optimaliseert en verduurzaamt”, zegt Van der Linden.

Amazon en de 'frustration free packaging guideline'

Volgens Christiaansen heeft ook de komst van Amazon naar Nederland impact op de duurzaamheidseisen die aan de e-commerce keten worden gesteld. “Ik verwacht dat veel online verkopers hun product via Amazon willen aanbieden. Dat betekent dat zij zich moeten houden aan de frustration free packaging guideline van Amazon. Denk daarbij aan richtlijnen voor zo efficiënt mogelijk verpakken, zo min mogelijk opvulmaterialen in de lege ruimte en minimale lekrisico's.”

Smurfit Kappa is een gecertificeerde partner van Amazon. “Aanbieders kunnen hun verpakkingen door ons laten testen om te kijken of ze voldoen aan de richtlijnen. Binnenkort organiseren wij daar een webinar over. Ook gaan we onze kennis over frustration free packaging de komende maanden nadrukkelijker delen met onze partners”, vertelt Christiaansen.

Transparante keten

Over de brede linie ziet Smurfit Kappa binnen de e-commerce sector steeds meer bewustzijn rondom duurzaamheid. Christiaansen: “De consument wordt kritischer. Millennials willen transparantie. Waar komt een product vandaan? Hoe is het verpakt en vervoerd? Welke impact heeft mijn aankoop op de wereld? Als je daar als webshop niet over nadenkt, ga je vroeg of laat de consument verliezen.”

'Als je als webshop niet nadenkt over de impact van je product op de wereld, dan verlies je de consument'

Smurfit Kappa ziet een belangrijke rol voor zichzelf weggelegd in het stimuleren van ketensamenwerking. Vervoerders hebben bijvoorbeeld steeds vaker eigen richtlijnen over hoe zij verpakkingen aangeleverd willen krijgen. Daarover adviseert Smurfit Kappa de webshops, onder andere in klantsessies in het Experience Center in Oosterhout. “Wij willen samen met alle partijen in de keten aan de slag om de duurzaamheidsambities van deze sector waar te maken.”

Luister ook deze podcast: Duurzame innovatie in de verpakkingsindustrie: Smurfit Kappa deelt oplossingen

Waar staan we over vijf jaar?

Hoe ontwikkelt de e-commerce zich de komende jaren? Volgens Christiaansen wordt de opkomst van de grote verkoopplatforms alleen maar sterker. “Kleinere webshops moeten daarom nog beter nadenken over hoe ze relevant en onderscheidend blijven voor de consument. Dat betekent bijvoorbeeld dat de ontvangst van een pakket echt een feestje moet zijn. Een mooi, strak design van een verpakking doet iets met het gevoel, de wow-factor wordt steeds relevanter. Daarnaast wordt het belang van goede informatie over de milieu-impact van de eigen keten groter.”

Voor Smurfit Kappa zelf is het sluiten van de kringloop van verpakkingsmaterialen een belangrijke volgende stap. Van der Linden: “Wij werken samen met grote e-fulfilment bedrijven, die voor verschillende verkooppartijen het verpakkingsproces en de verzending uit handen nemen. De kartonnen verpakkingen waarmee producten bij hen binnenkomen, nemen wij over als oud papier voor nieuwe verpakkingen. Dat is onderdeel van ons circulaire businessmodel voor verpakkingsoplossingen.”

Lees ook: Innovatie in verpakkingen: van 5 verschillende materialen naar 100 procent karton

Hoofdbeeld: AdobeStock | In tekst beelden: Smurfit Kappa

Duurzaamheid in de zorg: gezonde voeding als businesscase voor ziekenhuizen

Aan het woord is Henk Voormolen, directeur advies & duurzaamheid bij Albron. Het bedrijf ontwikkelt duurzame voedingsconcepten voor organisaties uit allerlei branches, waaronder de zorg. Waar ziekenhuizen en zorginstellingen lang geleden ‘vocht en voeding’ vooral als een lastig logistiek proces zagen, ziet Voormolen de laatste jaren veel positieve veranderingen. Er is ook steeds meer bekend over de invloed van eten en drinken op het herstel van patiënten. Nu de zorg weer in relatief rustiger vaarwater is gekomen, hebben ziekenhuizen weer meer ruimte om daarmee aan de slag te gaan.'Gezonde voeding en duurzamer ondernemen gaan hand in hand'Voeding en herstelZo spelen eiwitten een belangrijke rol bij spieropbouw en wondgenezing. Gezonde vetten zijn essentieel voor een goed werkend immuunsysteem. En mensen die ondervoed zijn, eten beter wanneer zij betrokken zijn bij het proces rondom het eten. Dat is vooral in care, de langdurige zorg, een belangrijk thema. “Denk aan het koken, de geuren die uit de keuken komen of het dekken van de tafel. Het is wetenschappelijk aangetoond dat mensen daardoor beter gaan eten”, vertelt Voormolen.Bovendien kan eten ook op een andere manier bijdragen aan sneller herstel wanneer mensen in het ziekenhuis liggen (cure, zorg gericht op genezing). “De hele dag in bed liggen is voor een patiënt het slechtste dat er is. Je wilt mensen juist zo snel mogelijk weer activeren”, stelt Voormolen. In plaats van maaltijden op een plateau in bed te serveren, richten ziekenhuizen bijvoorbeeld een buffet in waar patiënten kunnen ontbijten of lunchen. “Voor de conditie van patiënten is dat ontzettend goed, voor sommigen is tien stappen een marathon.” Lees ook: Eiwitrijke zeewierburger in ziekenhuis verbetert spierkrachtBusinesscaseJuist omdat voeding zo’n positief effect heeft op het herstel van patiënten, is er ook een sterke businesscase voor ziekenhuizen. Voormolen: “Goede voeding kan problemen oplossen waardoor de ligduur van patiënten aanzienlijk korter wordt. En daarmee heb je direct de aandacht van een ziekenhuisbestuur, want financiering en kostenbesparing staan altijd op de bestuursagenda.”Ziekenhuizen zien voeding steeds vaker als onderdeel van hun kerntaak. Maar ze zijn ook gebonden aan beperkte budgetten en het is in de praktijk best complex om alle disciplines binnen het zorgproces te laten samenwerken. Voormolen: “Uiteindelijk is het gemeenschappelijke doel van iedereen om mensen beter te maken. Je kunt niet claimen een high-end ziekenhuis te zijn als eten en drinken een ondergeschoven kindje is. Voeding kan een grote impact hebben op de gezondheid, welzijn en activatie van patiënten, maar niet als je het benadert als een efficiënt logistiek proces”, stelt Voormolen.Iedereen rondom de patiënt moet zich bewust worden van het belang van voeding: van de arts die patiënten in zijn spreekkamer ontvangt tot de verpleegkundige en de voedingsassistent. Een mooi voorbeeld vindt Voormolen hoe het Amsterdam UMC dat aanpakt. Dit ziekenhuis lanceerde het voedingsprogramma ‘Zorg op het Bord’ om precies dat voor elkaar te krijgen.SmaakAlbron speelt in op de individuele behoefte van patiënten en ziet bijvoorbeeld veel kansen om met de patiënt in gesprek te gaan over smaak- en geurervaringen. “Wanneer mensen ziek zijn en medicatie krijgen, kan hun smaakperceptie veranderen. Bijvoorbeeld bij oncologiepatiënten, ouderen en nu ook bij COVID-19 patiënten. En als het eten minder goed smaakt, eten mensen minder. Terwijl het voor hun herstel belangrijk is om voldoende voedingsstoffen binnen te krijgen”, vertelt Elma Brandsma, conceptmanager zorg bij Albron.Dit wordt onder andere toegepast in brood; in Nederland en België een basisproduct van veel maaltijden. Onderzoekers van de Karel de Grote Hogeschool en het Center for Gastrology Leuven vonden een manier om brood aan te passen aan de individuele smaak van oncologiepatiënten door de smaken die zij waarderen toe te voegen tijdens de bereiding.“In het onderzoek vielen patiënten, die dit smaak gestuurde brood kregen, veel minder af dan de mensen in de controlegroep”, zegt Brandsma. Door de coronacrisis is een vervolgonderzoek in samenwerking met de Hogeschool van Rotterdam uitgesteld, maar Albron hoopt hier snel weer mee aan de slag te kunnen gaan.VoedselverspillingInspelen op de individuele behoefte van de patiënt betekent óók dat er minder eten in de prullenbak verdwijnt. Bovendien geldt dat hoe korter de tijd tussen het bestellen en het moment van eten, hoe meer mensen daadwerkelijk eten, weet Brandsma. In het voedingsconcept van IJsselland Ziekenhuis vraagt de voedingsassistente daarom zo laat mogelijk aan patiënten wat zij willen eten, en hoeveel. “Daardoor kun je de verspilling op het bord goed reduceren. En het geld dat je bespaart kun je investeren in betere voeding. Want alles wat je in de prullenbak gooit is weggegooid geld.”Voedselverspilling: 'Alles wat je in de prullenbak gooit is weggegooid geld'Innovatie en duurzaamheid in de zorgVoedselverspilling tegengaan en de transitie naar plantaardig voedsel zijn enkele duurzame stappen die de zorg kan zetten. Toch staat duurzaamheid in de zin van ‘planet’ hier nog in de kinderschoenen, zegt Voormolen. Zorginstellingen lopen al snel tegen veiligheidsgrenzen aan, waardoor de ruimte voor verduurzaming beperkt is, of in elk geval lijkt. “Er zijn veel goeie initiatieven, bijvoorbeeld op het gebied van kleding, energie, wegwerpartikelen, afval, verspilling of waterzuivering. Maar infectiepreventie gaat niet goed samen met het hergebruik van materialen. Het is een uitdagende omgeving op het gebied van duurzaamheid.”Personeelstekorten, de hoge werkdruk die dit met zich meebrengt en een krap budget maken die uitdaging nog wat groter. “Ik denk dat dat ook de reden is dat eten en drinken niet altijd op de bestuursagenda van ziekenhuizen staat”, zegt Voormolen.Van curatief naar preventiefBrandsma en Voormolen pleiten voor een shift van een curatief gezondheidssysteem, gericht op zieke mensen beter maken, naar een preventief gezondheidssysteem, gericht op ziektes voorkomen. Het financieringsmodel is daar echter niet op gebouwd.Gesprekken met verzekeraars over een ander financieringsmodel komen langzaamaan op gang. Collectieve actie is nodig. Er zijn verzekeraars die wél investeren in preventie, maar die hebben daar niet altijd zelf rendement van. Brandsma: “Elk jaar stappen er weer mensen over van de ene naar de andere zorgverzekeraar. Als elke verzekeraar investeert in preventie, dan maakt dat niet meer uit.”Lees ook: Albron: "Single issue-keurmerken staan échte verduurzaming in de weg"Gepersonaliseerde voedingEen volgende stap is het bieden van gepersonaliseerde voeding op patiëntniveau. Albron is onderdeel van een onderzoeksconsortium naar personalised nutrition. “Gangbare voedingsadviezen kloppen in het algemeen, maar individueel kunnen mensen heel anders reageren op dezelfde voedingsstoffen”, legt Voormolen uit. Ook kijkt het consortium naar de beste methode om op de lange termijn gedragsverandering te realiseren en de wijze waarop apps kunnen worden ingezet om persoonlijke voedingsadviezen te ondersteunen. Verder onderzoek is nodig, stelt Voormolen. “Verschillende organisaties investeren daarin.”'Eten en drinken is veel meer dan een facilitaire aangelegenheid'In de praktijk moet nog wel wat gebeuren voordat ziekenhuizen hiermee echt aan de slag kunnen. Alleen al omdat de fysieke ruimte zich niet altijd leent voor variatie; ziekenhuizen hebben één grote keuken waar alles wordt bereid of beschikken op afdelingen alleen over pantry’s. “Je moet dus overal opnieuw over nadenken: van de inkoop en de plek van bereiden tot de logistiek, het voedingsmanagementsysteem en training van medewerkers,” zegt Voormolen.“We zijn er nog niet, maar er is wel een beweging ontstaan, dat voor specifieke groepen patiënten bepaalde accenten logischer zijn dan andere. De zorg die we aan iemand met een gebroken heup verlenen is totaal anders dan de zorg aan een nierpatiënt, dat vinden we allemaal logisch. Voor eten en drinken zou dat hetzelfde moeten zijn. Het is veel meer dan een facilitaire aangelegenheid, het moet onderdeel worden van het kernproces van de zorg.”Lees ook: Zes duurzame oplossingen in de zorgsectorHoofdbeeld: Albron/IJsselland Ziekenhuis | In tekst beelden: AdobeStock