Willemijn van Benthem 02 juni 2021, 15:32

De oplossing voor de emissieloze bouwplaats: neem radicale besluiten

Emissie-loos bouwen: het is nog een toekomstdroom. Helaas blijkt uit de Rapportage Maatregellijst 2020 van SKAO dat de Nederlandse bouwsector nog weinig maatregelen neemt die daartoe leiden. Vooral de elektrificatie van bouwmachines zet niet door. Directeur Gijs Termeer: “Als de overheid de vraag uitzet naar emissie-loos bouwen, dan komt het in aanbestedingen.”

190618 319 gijs hr Gijs Termeer: "Er wordt veel over emissie-loos bouwen gepraat, maar er zijn in de markt nog geen ontwikkelingen”

In 2030 verlangt de overheid dat heel Nederland emissie-loos bouwt. En dat terwijl onderzoek van de VN uitwijst dat de bouwsector verantwoordelijk is voor 40 procent van de wereldwijde CO2-uitstoot. Daar is dus actie op nodig. Om tot een emissie-loze bouwplaats te komen is het volgens Gijs Termeer noodzakelijk om stikstofuitstoot terug te dringen en klimaatafspraken en afspraken over schone lucht na te komen.

Als eigenaar  van het aanbestedingsinstrument de CO2 Prestatieladder, is SKAO (Stichting Klimaatvriendelijk Aanbesteden en Ondernemen) de partij die ziet waar de ontwikkelingen zijn. Termeer: “Onze maatregellijst, onderdeel van de CO2-Prestatieladder, wordt al vijf jaar door ruim 1.000 bedrijven en organisaties ingevuld, en laat zien welke maatregelen zij nemen.”

In die vijf jaar was duidelijk zichtbaar dat het de goede kant op ging met minder emissie en meer maatregelen die werden genomen om letterlijk duurzamer te werken. Termeer: “Je zag een paar jaar geleden elektrificatie opkomen van de machines.” Maar helaas, moet Termeer vertellen: “Je ziet nu dat die beweging wat betreft emissieloos materiaal in 2020 niet doorzet. Dat is raar, want er is veel aandacht voor, er liggen hele bouwprojecten stil omdat ze niet door mogen vanwege die uitstoot.” Termeer had een andere uitslag verwacht. Of het de effecten van corona zijn? Hij kan het niet inschatten. “Het kan zijn dat bedrijven denken het is crisis, dus ik investeer minder. Maar dat kan ik niet goed zien.”

Denk vooruit

De bestuurder van het SKAO ziet een oplossing in het betrekken van alle partijen bij het oplossen van het klimaatprobleem: burgers, overheid, bedrijven. “Er wordt nu gewerkt aan een routekaart emissie-loos bouwen door Rijkswaterstaat, Prorail en machinebouwers. Er wordt veel over gepraat, maar er zijn in de markt nog geen ontwikkelingen.” En dat vindt Termeer zowel begrijpelijk als zorgelijk. Begrijpelijk, omdat hij ook het probleem ziet dat er onvoldoende goed en elektrisch groot bouwmateriaal beschikbaar is wat ook betaalbaar is. “De meeste beschikbare machines draaien nog steeds op diesel. Je ziet ook dat emissie-loos te duur is, dat vergt een investering. En om die te kunnen doen, moet je opdrachtgevers krijgen die daarin willen mee-investeren.”

Termeer ziet een oplossing in de infrasector, omdat 95 procent van de projecten uitgezet wordt door de overheid. “Dus de overheid bepaalt daar voor 100 procent hoe er wordt ingekocht, hoe je die werken uitvoert met publieke gelden! Dus als zij nou zorgen dat er vraag komt naar emissie-loos bouwen, dan komt het in aanbestedingen.” Kwestie van heel vroeg in het aanbestedingsproces, liefst ervoor nog, nadenken over hoe je duurzaamheid gaat aanpakken. Want met elke stap die je al zet, sluit je mogelijkheden uit. Termeer: “Op het moment dat je een weg plant aan te leggen, komt die weg er. Terwijl het misschien ook een treinspoor kan zijn dat veel duurzamer is in alle opzichten.”

Radicale stappen voor de toekomst

Verder is het van belang na te denken binnen bestaande activiteiten. Hoe kun je bijvoorbeeld via criteria aansturen om met ander materiaal te werken? Termeer: “De overheid moet kaders creëren, zeggen: dit mag, dit mag niet en goede acties belonen met gunningvoordeel in aanbestedingen en subsidies voor innovatief materieel, en daarnaast vervuilende machines in de komende jaren verbieden.” Hij ziet heus wel in dat het lef kost om de stap te zetten, want de markt van mobiele voertuigen in de bouwindustrie is vanuit Nederland klein.

“Er moet een bredere poel komen, want als je alleen vanuit Nederland vraagt: doe mij een emissie-loze machine, dan kom je er niet. We moeten doorpakken en investeringszekerheid bieden.” Met andere woorden: als we zorgen dat de vraag op gang komt, gaan de bedrijven als Caterpillar en Volvo die bouwmachines ook maken. Hoe zorgen we ervoor dat bedrijven die niet kunnen investeren, wel nieuw materieel kunnen opkopen en niet met oud materieel blijven zitten? Termeer ziet een oplossing: “Koop oud materieel op met een goede regeling. Als je radicaal emissies naar beneden wilt brengen, moet je radicale besluiten durven nemen. Als burger, als bedrijf en zeker als overheid.”

Meer lezen over de duurzame transitie in de bouw? Lees hier over de versnellende lessen.

"We gaan voorop in de volgende stap om de maatschappij mooier, gezonder en beter te maken"

Dit is een gesponsored artikel."Als we bestaande technologieën slimmer integreren en erin slagen om de verduurzaming ook economisch aantrekkelijker te maken, dan gaat het lukken", is het uitgangspunt van Mark van Wordragen, statutair directeur van Croonwolter&dros. Welke uitdagingen ziet Croonwolter&dros in de energietransitie? En welke kant moet het op met de installatietechniek op weg naar de conclusie in 2050? Van Wordragen neemt ons mee in het denken en doen van Croonwolter&dros.    Visie en praktijkMark van Wordragen combineert een diepgaande praktijkkennis met een helikoptervisie en stuurt aan op een duurzame koers voor Croonwolter&dros. "Zeker als het gaat om de energietransitie is technische kennis cruciaal om invulling te geven aan de gestelde doelen", zegt Van Wordragen. "Naast het isoleren van de gebouwschil komt de verduurzaming van de gebouwde omgeving voornamelijk neer op het aanpassen van de gebouwtechniek: de opwekking, de afgifte en het management van energie. Dat is onze corebusiness." Croonwolter&dros is actief binnen de gehele keten van gebouwinstallaties, van ontwerp en bouw tot onderhoud en exploitatie. "Samen met de bouwbedrijven binnen onze moedermaatschappij, de TBI-holding, kunnen we nóg verder gaan", voegt Van Wordragen toe. "Dan pakken we niet alleen de gebouwsystemen aan, maar ook de verduurzaming van de gebouwschil.""De verduurzaming gaat te traag. We moeten bestaande technologie slimmer en efficiënter in gaan zetten."Gas eraf om 2050 te halenDe verplichtingen die gekoppeld zijn aan de verschillende ijkmomenten liegen er niet om. De gehele gebouwde omgeving moet van het gas af en per 2023 is energielabel C verplicht voor kantoorgebouwen van 100 m2 en meer. In 2030 moet de gebouwde omgeving 49 procent minder CO2 uitstoten en per 2050 moet het allemaal CO2-neutraal zijn. Van Wordragen voelt dan ook de hete adem van de realiteit in zijn nek: "Het is goed dat we concrete doelstellingen hebben om naartoe te werken", zegt hij. "We hebben ons als top 3-installateur niet voor niets verbonden aan de Paris Proof-doelstellingen. Maar de verduurzaming gaat op dit moment echt te traag."Slim opschalen van capaciteit"De jaartallen 2030 en 2050 voelen voor veel mensen nog ver weg en de urgentie wordt nauwelijks gevoeld", zegt Van Wordragen. "Als we de investeringen in verduurzaming, de energielabeling van kantoorgebouwen en de te behalen doelstellingen tegenover het werk zetten dat nog verzet moet worden, dan gaat het op deze manier niet lukken." Van Wordragen wil versnellen en maakt zich daarom hard voor het formuleren van tussentijdse doelstellingen en het opschalen van capaciteit. "We moeten het nu doen met de technische kennis en de vakmensen die we op dit moment in huis hebben. Dat betekent dat we bestaande technologie slimmer en efficiënter moeten gaan inzetten.""Een duurzame toekomst bereik je niet met een specifieke technologie, maar met het vermogen om welke duurzame technologie dan ook slim in te passen in de behoefte van de samenleving."Bestaande techniek in nieuwe toepassingen"Croonwolter&dros is meer een system integrator die gebruikmaakt van bewezen technieken dan een innovator", benadrukt Van Wordragen. "Toch hebben we korte lijnen met de TU Delft, de incubators van YES!Delft en met fabrikanten. We houden zo voeling met de nieuwste ontwikkelingen in de wereld van technische installaties en duurzame energieopwekking, terwijl de wetenschappers op hun beurt kunnen brainpicken van onze praktijkkennis.""Zodra een nieuwe ontwikkeling kansrijk genoeg lijkt om zich in de praktijk te kunnen bewijzen, gaan wij onderzoeken hoe we het betrouwbaar en betaalbaar kunnen integreren binnen onze aanpak", zegt Van Wordragen. Voorlopig ziet hij voldoende mogelijkheden voor verduurzaming binnen de bestaande toepassingen: "We hebben nog lang niet de maximale capaciteit van onze technologie bereikt. Er valt bijvoorbeeld veel winst te behalen door te denken in slimme samenstellingen van energieopwekking, -besparing en -verbruik."Winst op korte én lange termijn"Als we de transitie willen versnellen, dan moeten we gebouweigenaren overtuigen dat verduurzaming niet alleen goed is voor de maatschappij en de volgende generaties, maar ook voor henzelf", zegt Van Wordragen. "Daarom zetten we vol in op schaalvergroting van duurzame oplossingen. Wij willen dé partij worden die de transitie betaalbaar maakt." Croonwolter&dros onderstreept deze ambitie door voor zichzelf de lat hoog te leggen en opdrachtgevers het belang te laten zien van verder kijken dan de investeringskosten op korte termijn. "Natuurlijk, subsidies en belastingvoordelen verlagen de investeringsdrempel, maar nog steeds wordt te gemakkelijk vergeten om te kijken naar de winst over de totale levensduur van vijftien, twintig, dertig jaar.""Wij willen dé partij worden die de transitie betaalbaar maakt."Slim en modulair opschalen"Om duurzaamheid betaalbaar te maken, moet je slimmer ontwerpen en efficiënter bouwen", aldus Van Wordragen. "We zetten daarom groot in op de modulaire bouw van systemen, waarbij we slim ontworpen modules industrieel produceren tegen lagere kosten. Met deze werkwijze bouwen we meerdere gebouwsystemen tegelijk op een centrale locatie. De systemen halen we na een grondige test uit elkaar en we klikken ze op de projectlocatie als modules weer in elkaar. Hierdoor besparen we tot wel 70 procent op transportbewegingen en de bijbehorende CO2-uitstoot ten opzichte van het bouwen op de klantlocatie."Een ander speerpunt in de aanpak van Croonwolter&dros is de ontwikkeling van smart grids: decentrale energienetwerken, waarbij plaatselijke energieopwekking door zonne-energie en warmtepompen gekoppeld wordt aan gebouwsystemen, back-upbatterijen en laadpalen voor voertuigen. Van Wordragen: "Met een smart grid kunnen bedrijfscomplexen, gebouwen en wijken grotendeels zelfvoorzienend zijn, terwijl te veel geproduceerde energie teruggeleverd kan worden aan het net en winst oplevert."Dominant in duurzaamheidCroonwolter&dros ziet voor zichzelf in de toekomst een dominante rol in duurzaamheid. "Wij zijn een solide speler in de markt en hebben samen met onze TBI-holding alle kennis en kunde in huis om in langjarige projecten te investeren, ze te ontwikkelen en te onderhouden", aldus Van Wordragen. "We zijn sterk in het totaal én sterk in de niches. Daarnaast zijn we in staat om ons razendsnel nieuwe technologieën eigen te maken. Want wat de nieuwe duurzame technologie, marktvraag of overheidskoers ook gaat zijn, bijvoorbeeld zoutreactoren, waterstof of kernenergie: wij zorgen dat het volgens onze kwaliteitsstandaard ingepast wordt in solide oplossingen voor onze klanten."Wat dat betreft is Croonwolter&dros in de 140 jaar dat het bedrijf bestaat niet veranderd. "Destijds zorgden we als eerste Nederlandse installateur voor de transitie van kolenkachels naar de collectieve cv", besluit Van Wordragen. ‘En nu gaan we nu voorop in de volgende stap om de maatschappij mooier, gezonder en beter te maken."Kijk hier voor de infographic over de gebouwde omgeving in transitie.