Leestijd 6 minuten

Wonen in 3D-geprinte huizen, een duurzame oplossing of een luchtkasteel?

Een woonhuis dat eruitziet als een grote betonnen kei die plompverloren in de natuur lijkt te zijn gevallen. Sinds kort is het geen toekomstmuziek meer: de eerste 3D-geprinte woning in Nederland is een feit. En het is meer dan het uiterlijk dat tot de verbeelding spreekt; het vraagt ook om veel minder materiaal. Is dit de oplossing om de bouw duurzaam te maken?

Huis print
Beeld: 3dprintedhouse.nl

Op het Eindhovense Meerhoven is een huis te zien dat met beton letterlijk in 3D is geprint. Een echtpaar heeft de woning net betrokken als proef, om te ondervinden hoe het is. Hoogleraar bouwkunde Theo Salet stond met zijn studenten van de TU Eindhoven (TU/e) aan de wieg van dit spraakmakende project dat zelfs de Engelse media haalde. De professor vertelt hoe het begon. “In 2015 hebben we op de Eindhovense Dutch Design Week een geprint paviljoen getoond. Daar was veel belangstelling voor, zoals ook van minister Blok.”

Na die design week namen wethouder Yasin Torunoglu en de TU/e het initiatief om het paviljoen op te schalen en ook een echte woning te printen. Salet: “En daarna wilden we de industrie erbij betrekken en een koper vinden voor de woningen.” Dat lukte. Bouwbedrijf Weber Beamix stapte in en Vesteda kocht de te printen woningen, om deze te verhuren aan particulieren. Project Milestone kon van start gaan.

Kennis doorgeven

Wat Salet als onderzoeker vooral bezighield, was de vraag: wat is de impact van al onze theoretische bevindingen op de samenleving? Ofwel, hoe breng je theorie letterlijk in de praktijk? Salet: “Toen we uit de onderzoekfase waren en een deel van de woning hadden geprint en getest op onze universiteit, is de kennis overgedragen aan Weber Beamix. Daar hebben ze een eigen printfabriek gebouwd waarmee de woning is neergezet die nu op Meerhoven staat.” Als hij terugkijkt op het hele proces, zegt hij nu: “Het kost tijd om de kennis over te dragen, maar daarmee is de kennis wel doorgegeven aan de industrie.” 

En dat is precies wat Salet zo belangrijk vindt: het moet niet bij theorie blijven. Ondertussen keek het hele team - met de gemeente -  hoe  zo’n bouwwerk een bouwvergunning kon krijgen. Want ook dat hoort bij woningbouw. Salet: “We keken op allerlei manieren hoe het beginidee om een huis te printen tot een volledig eindproduct kon leiden. Dit noemen we ook wel de valorisatiekant van de universiteit: je kunt onderzoek plegen tot je een ons weegt, maar je hebt ook de taak die kennis over te dragen aan de maatschappij.”

Efficiënt gebruik van beton

Een geprint (en dus geheel op maat gemaakt huis) is uniek, maar is het ook duurzaam en toekomstbestendig? Het blijft immers beton, een grondstof die voor veel CO2-uitstoot zorgt, onder andere omdat er veel energie nodig is bij de productie. Salet is niet zo negatief over dit bouwmateriaal. “Het is niet veel slechter dan andere materialen. Beton wordt alleen ontzettend veel gebruikt, tien keer meer dan andere grondstoffen. Die hoeveelheid maakt het zo vervuilend.”

Daarnaast wordt volgens Salet niet efficiënt omgegaan met beton. Zo gebruiken bouwers vaak meer dan nodig om bijvoorbeeld vloeren goed uit te vullen. “Met de printer werk je daarentegen precies en op de centimeter, dus dat scheelt volgens onze berekeningen zomaar de helft van het beton. Als je dan ook nog nagaat hoeveel huizen er moeten worden gebouwd om de toekomstige woningnood op te lossen, kun je door huizen te printen zomaar de klimaatdoelstellingen in 2050 halen voor ons gehele land.”

Laten zien dat het kan

Salet vindt het een uitermate boeiende tijd, omdat we met alle nieuwe technologieën projecten innovatief kunnen aanpakken, zoals het eerste geprinte huis van project Milestone. Er zijn namelijk nog veel meer toepassingen mogelijk. “We kunnen leidingen implementeren in de muren en zelfs zorgen dat bedradingen niet meer nodig zijn. Dat hebben we bij deze eerste woning nog niet gedaan, omdat de nadruk lag op het realiseren van de woning an sich, inclusief het organiseren van de woonvergunning en alle voorwaarden die komen kijken bij het neerzetten van een woning.”

Op dit moment zijn de TU/e, de gemeente en Weber Beamix druk bezig met het produceren van het tweede en derde geprinte huis. In totaal moeten er vijf huizen komen. De twee woningen die ze over een jaar willen printen hebben meerdere verdiepingen, in tegenstelling tot de eerste woning die uit één woonlaag bestaat. 

De vierde woning moet een combinatie  zijn van uniek geprint materiaal en standaard fabriekselementen. De vijfde woning zou zover moeten zijn ontwikkeld, dat een bewoner een tablet in handen krijgt en aan de hand van figuurlijke bouwstenen een eigen huis kan ontwerpen en met een druk op de knop de printer kan starten.

Opschalen en innoveren

Zoals gezegd, Salet is positief gestemd over de toekomst. Hij hoopt wel dat vooral gemeenten zich hard willen maken voor deze manier van bouwen. “Uiteindelijk kunnen zij zorgen voor de versnelling. Bijvoorbeeld doordat een gemeente zegt: 'Dit stuk grond is beschikbaar, kom maar met innovatieve ideeën om hier nieuwe huizen neer te zetten op een duurzame manier.' Zo bied je ruimte om techniek in de praktijk te brengen en uiteindelijk op te schalen.” 

De ontwikkeling van het 3D-printen van huizen kost geld. Vandaar dat Salet de oplossing ziet in opschalen, in volume. Als er meer huizen zijn om te printen kunnen investeringen worden verdeeld. Salet hoopt dan ook dat de gemeenten het initiatief willen nemen om projecten als deze uit te schrijven, en hij hoopt daarnaast dat de nationale overheid geld wil investeren in de technologie. “Dan kan Nederland de koploperpositie behouden, die het land nu nog heeft op dit gebied. We lopen voorop met kennis. Daarom hoop ik hartgrondig dat bij de formatie van het nieuwe kabinet, gedacht wordt aan een ministerie van Bouw. We hebben nog zoveel stappen te zetten naar een duurzame en woonbare toekomst. Maar op dit moment zijn er teveel loketten waar je moet aankloppen.”

Salet voegt daaraan toe dat behalve de overheid, ook burgers hard nodig zijn. Burgers die geloven in ontwikkelingen als deze geprinte huizen en hun wensen willen delen. Salet: “Overheid, kennis, burgers en bedrijven: een samenwerking met deze vier partijen is de truc om te komen tot een duurzame toekomst in de bouw. In ons polderlandje moet dat toch kunnen?” Hij lacht. “Als iemand het kan, is het Nederland.”

Lees hier meer over duurzaam bouwen en hier over de duurzame wens van bewoners

Change Inc.

join the changesluit je gratis aan

Bij een ecosysteem van 42.512 professionals, bedrijven en start-ups die samen aan oplossingen werken voor een betere toekomst. Met dagelijks kwaliteitsjournalistiek, inzichten en evenementen, want morgen wordt vandaag bedacht.

Join the change, word lid

Nieuws & Verhalen

Changemakers

Bedrijven


Producten & Diensten

Magazines


Lidmaatschap

Inloggen

Sluit je aan


Over Change Inc.

Over ons

Waarom Change Inc.

Team

Partnerships & Adverteren

Werken bij Change Inc.

Pers & media

Onze partners

Contact

Start

Artikelen

Changemakers

Bedrijven

Menu