Romy de Weert 06 oktober 2021, 14:16

Een trui van mensenhaar: is dit een duurzame oplossing voor de kledingindustrie?

Kleding gemaakt van mensenhaar moet volgens designer Zsofia Kollar de milieuonvriendelijke productie van textiel verminderen. Met haar project Human Material Loop laat ze zien dat mensenhaar een waardevolle grondstof is, die gebruikt kan worden voor bijvoorbeeld wandkleden of truien. “Haar is een waardevolle grondstof, maar dat bewustzijn moet groeien bij mensen.”

Human material loop knit li jiahao photo kwadwo amfo 13 Met het project Human Material Loop onderzoekt Kollar of menselijk haar potentie heeft als duurzaam materiaal van de toekomst. | Credits: Kwadwo Amfo

In Europa wordt jaarlijks 72 miljoen kilo menselijk haarafval weggegooi. Gemiddeld produceren kappers wekelijks minstens tien grote zakken haar als afval. Dat komt terecht op stortplaatsen of in verbrandingsovens. Enorm zonde, vindt Kollar, want we kunnen het volgens haar juist zo goed gebruiken. “Mijn doel is om dit afval om te zetten in wandtapijten, geweven verhalen over wat wij mensen bijdragen aan onze planeet, de kracht van onze diversiteit te laten zien door mensenhaar te gebruiken als materiaal.”

Om een trui te maken van menselijk haar heb je slechts 300 gram haar nodig.

Met het project Human Material Loop onderzoekt Kollar of we menselijk haar als duurzaam materiaal kunnen gebruiken. “Menselijk haar is niet veel anders dan wol, alpacahaar of andere dierenvezels. Waarom gebruiken we wel het haar van schapen, maar is het gek als we ons eigen haar gebruiken? Om een trui te maken van menselijk haar heb je slechts 300 gram haar nodig – vergelijkbaar met een zakje pinda’s”, zegt Kollar.

Een bos haar kan 2 ton dragen

Menselijk haar kan, als het nat is, tot wel anderhalf keer worden uitgerekt voordat het breekt. En een bos haar kan zo’n 2 ton aan gewicht dragen. “Bovendien kunnen haren heel veel olie opnemen, waardoor we het kunnen gebruiken om olierampen in zeeën of oceanen op te ruimen”, zegt Kollar. “Menselijk haar kan voor zoveel problemen een oplossing bieden.”

Maar zijn mensen bereid om hun alpacatrui in te leveren voor een trui van menselijk haar? Kollar denkt van wel. “Ik heb een enquête uitgezet met als eerste vraag of mensen een producten van mensenhaar willen dragen. Mensen antwoorden twijfelend. Ik legde uit hoe vervuilend de textielindustrie is en stelde daarna opnieuw de vraag of mensen bereid zijn om een trui van mensenhaar te kopen. Toen antwoordde 80 procent van de respondenten ja”, zegt Kollar.

Een wandkleed van mensenhaar. | Credit: Zsofia Kollar

Bewustwording

Mensen kennis bijbrengen over de gevolgen van de huidige kledingproductie op het klimaat helpt volgens Kollar om mensen te laten veranderen. “Bewustwording speelt een grote rol in de transitie naar een leefbare planeet. Ik denk dat het gesprek over de impact van de textielindustrie steeds meer op gang komt, maar het kan sneller.” Bovendien ziet Kollar dat veel mensen denken dat duurzame kleding duurder is. “Maar mensenhaar is een afvalproduct, dus dat hoeft helemaal niet duur te zijn.”

Haar groeit overal ter wereld

Kollar wil haar project internationaal uitbreiden. “De manier waarop we spullen produceren is niet langer houdbaar. We moeten veranderen en met een oplossing komen die we wereldwijd kunnen toepassen”, zegt Kollar. Want katoen wordt vooral geteeld in warme gebieden, zoals China en India, maar haar groeit overal ter wereld. “En als je de resten niet gebruikt voor textiel, kun je haar ook gebruiken als natuurlijke bemesting voor gewassen.”

Wil je op de hoogte blijven van alle ontwikkelingen? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.

CEO Sunrock: "De grootste uitdaging van de energietransitie is de beschikbaarheid van eigenlijk alles"

Wat doet Sunrock zoal om de klimaatdoelen van Parijs te halen? “Alles wat wij doen draagt bij aan de klimaatdoelen van Parijs. Ons bestaansrecht bevindt zich in die maatschappij die draait op schone energie. Daar werken we naartoe. We willen zoveel mogelijk daken benutten voor het opwekken van zonne-energie. We zagen dat in Nederland niet snel genoeg zonnepanelen op de daken van bedrijfspanden kwamen, ondanks de subsidies. Dus zijn wij ons daarop gaan richten.” “We leveren de energie-oplossing die past bij de eigenaar van het vastgoed. Voor de een stopt dat bij de verhuur van het dak. De ander wil de energie ook zelf gebruiken. We zien dat steeds meer vastgoedeigenaren willen profiteren van de zonne-energie die ze zelf opwekken. Dat is duurzamer, want het is lokaal opgewekte energie. Ook financieel is het aantrekkelijk. Vorig jaar hadden we vanwege COVID-19 regelmatig met negatieve energieprijzen te maken. Maar de afgelopen 4 maanden zien we prijzen van 80 tot 150 euro per megawattuur. Je eigen energie is dan al snel goedkoper.” Ook biedt het een oplossing voor een steeds nijpender probleem: de schaarste op het elektriciteitsnet. Niet alleen wij krijgen geen aansluiting meer, maar ook de gebouweigenaren zelf niet. Wij zorgen dan met een batterij en het optimaliseren van het verbruik dat een zo klein mogelijke netaansluiting volstaat. Zo kunnen we bijvoorbeeld op een pand van Prologis twee keer zoveel zonnepanelen neerleggen op een standaardaansluiting, dankzij een grote batterij in combinatie met een snellaadsysteem voor vrachtwagens.” Liever luisteren? Johannes Duijzer was onlangs te gast in onze podcast Change Short Stories.Welke bijdrage gaan jullie de komende jaren leveren aan de toekomsteconomie? “Eind dit jaar hebben we 230 megawatt aan zonnepanelen operationeel verdeeld over 120 locaties. We zijn heel hard aan het bouwen. Sunrock heeft 35 tot 45 procent van de markt voor grootschalige daksystemen. In Nederland willen wij groeien naar 600 megawatt. Dat klinkt eenvoudig maar is het niet. Een heel belangrijk element is de geschiktheid van de daken. We hebben nu 400 megawatt gecontracteerd, daarvan is eind dit jaar 230 megawatt operationeel. Daar staat bijna het dubbele aan potentieel tegenover. De helft valt dus af omdat het dak niet stevig genoeg is, de isolatie ongeschikt is voor zonnepanelen of de netaansluiting niet volstaat. We groeien met onze oplossingen alle kanten op: op grote daken met off-grid mogelijkheden zoals bij Prologis, en ook in de kleinere markt zien we veel kansen. Daarnaast breiden we internationaal uit en wordt het aanbod steeds slimmer en complexer. De bedoeling is dat we over vijf jaar 1,5 gigawatt operationeel hebben. Een forse ambitie, want het wordt moeilijker door de beperkingen. Tegelijkertijd wordt de dominante politieke en economische beweging ook steeds strenger en duidelijker. Want duurzame stroom moet gewoon en gaat gebeuren.”Wat zijn de grootste uitdagingen voor de sector de komende jaren? “De grootste uitdaging is de beschikbaarheid van eigenlijk alles. Van alle materialen, zonnepanelen, omvormers, technisch personeel. De opdracht is zo gigantisch. Mensen begrijpen dat vaak nog niet. Maar als we echt verduurzamen in het tempo dat nodig is om in 2030 onze doelen te halen, betekent dat een gigantische hoeveelheid materiaal en werk. De echte vragen zijn: hoe krijgen we het operationeel gedaan? En waar halen we de spullen vandaan? Op de korte termijn is daar niet zomaar een oplossing voor. Als Europa hebben we de hele zonnepanelen-industrie naar China verbannen. Dat heb je niet zomaar terug. Daardoor zijn we nu heel afhankelijk. We zien de eerste bedrijven die vanuit Europa gaan leveren. Die zijn nu nog veel te duur. Maar op termijn, ik sluit niks uit. Er is ook een positieve ontwikkeling. We zien dat duurzame energie mainstream economie geworden is. Met name jong talent vindt het steeds aantrekkelijker. Drie jaar geleden was het nog heel experimenteel om bij Sunrock te gaan werken, maar nu is het juist de toekomst als je carrière wilt maken. Als je de komende 30 jaar de goede dingen wilt doen en relevante zaken wilt leren, is dit een heel interessant bedrijf."Dit artikel is onderdeel van een reeks interviews met directeuren en andere beslissers over hun impact op de toekomsteconomie. Eerder spraken wij Wieger Droogh van PreZero, Coen de Ruiter van Greenchoice, Arthur van Schayk naar Remeha en Piet Jan Heijboer van Croonwolter&dros. Benieuwd naar hun verhalen? Lees ze hier.