Sabine Sluijters 21 juni 2021, 15:47

Tandpasta zonder tube van Smyle wint prijs voor groene innovatie

Het duurzame tandpastamerk Smyle is vandaag uitgeroepen tot winnaar van de Green Quest. Het bedrijf dat een alternatief ontwikkelde voor de traditionele tandpastatube werd als beste beoordeeld uit 31 inzendingen.

Bnr green quest foto Almar Fernhout (tweede van rechts) oprichter van Smyle nam vandaag de Green Quest Award in ontvangst. Foto: BNR

Almar Fernhout, bedenker en oprichter van Smyle, is blij met de uitverkiezing. “Dit is geweldig. Het gaat altijd maar over CO2 in de lucht, en ondertussen stikt de wereld in plastic.” Daarom ontwikkelde hij tandpasta die niet als pasta in een tube zit, maar als tabletjes in een glazen potje. “In plaats van een klodder tandpasta op je borstel, stop je een tabletje in je mond. Daar kauw je een paar keer op, en met een natte tandenborstel kun je daarna meteen beginnen met poetsen.”

Enorme milieuwinst

“Doordat het een tabletje is heb je allerlei stoffen die niet al te best zijn, niet meer nodig”, zegt Fernhout. “Dan moet je denken aan harde chemicaliën, microplastics, allergenen en gluten. Ook is het vegan en dierproefvrij.” De tabletjes worden geleverd in een glazen flesje dat kan worden bijgevuld bij een volgende bestelling. Dat maakt de tandpastatube overbodig, wat milieuwinst op kan leveren. 

Want de flesjes kunnen worden hergebruikt, wat met tandpastatubes vrijwel onmogelijk is. Tandpastatubes zijn gemaakt van aardolie en worden opgebouwd uit verschillende laagjes plastic, soms ook nog om een dun laagje aluminium heen. Daardoor is het technisch èn economisch bijna onmogelijk om tubes te recyclen. “Er belanden elk jaar zo’n 1,5 miljard tubes op onze vuilnishopen en in oceanen. De rest wordt verbrand en daar komt CO2 bij vrij”, zegt Fernhout.

Tabletjes in een glazen flesje

Fernhout bedacht de tandpastatabletjes niet zelf, maar stuitte op de innovatie bij een Amerikaans bedrijf en maakte ze in tien maanden na. De tandpastapilletjes worden in Nederland gemaakt en verpakt in een papieren zakje waarmee het glazen flesje nagevuld kan worden. De werkzaamheid van de pillen is onderzocht in samenwerking met ACTA, de academie voor tandheelkunde in Amsterdam.

De jury koos voor de tandpastapillen van Smyle omdat de impact potentieel groot is. “We hebben de milieu-impact doorgerekend voor de Europese situatie en laten valideren door Climate Impact Forecast”, zegt Fernhout. Tot nu toe heeft het bedrijf met zijn innovatie 250.000 tubes tandpasta uitgespaard. Als het aan Fernhout ligt worden dat er dit jaar nog 1 miljoen. "Als wij een miljoen tubes besparen, dan staat dit gelijk aan meer dan 25.000 bomen die je zou moeten planten om de CO2-uitstoot die de tubes in hun leven veroorzaken, teniet te doen.”

Superslimme innovatie

Volgens juryvoorzitter Jaqueline Cramer heeft Smyle een ‘superslimme’ innovatie bedacht, die een alternatief biedt voor een product dat iedereen elke dag gebruikt. “En zowel de verpakking als het product zelf voldoen aan de hoogste duurzaamheidseisen.” Ook de praktische toepasbaarheid telde volgens Cramer mee. Smyle wordt vooral online gekocht en heeft nu 40.000 afnemers in 49 landen. Daarnaast is het product te koop bij Ecoplaza en PicNic. 

Naast Smyle vielen nog twee innovaties in de prijzen. Zo ging de publieksprijs naar Green Eco Furnace van MOVI Charcoal Furnaces. Dit bedrijf ontwikkelde een houtskooloven die zonder externe brandstof CO2-neutrale houtskool maakt. De CO2 die normaal gesproken vrijkomt gebruikt de Green Eco Furnace als hittebron. Er werden bijna 4600 stemmen uitgebracht. Volgens oud-premier Jan Peter Balkenende, die de prijs uitreikte, is de Green Eco Furnace een terechte winnaar omdat het mondiaal inzetbaar is en het kappen van bomen voorkomt.

Thuisbatterij Cube

De start-up iWell sleepte de ENGIE Duurzame Technologieprijs in de wacht voor zijn thuisbatterij Cube. Daarmee kan zonne- en windenergie ook gebruikt worden op momenten dat het niet wordt opgewekt. Tegelijkertijd kan de Cube ingezet worden om het elektriciteitsnet te balanceren. Want de batterijen kunnen met elkaar verbonden worden en zo een groot flexibel netwerk vormen dat inspeelt op de verwachte stroomproductie en vraag. Daarmee kan het elektriciteitsnet ontlast worden.

Volgens Wisse Hummel, Manager New Business Factory bij ENGIE kan het systeem van iWell de energietransitie vooruit helpen. “Naast energie besparing en duurzame opwekking, zien we een uitdaging in de energiedistributie en de beperkingen van het stroomnetwerk. Er zijn daarom nog veel kansen voor opslag van energie. iWell weet de opslag van energie te combineren met een goede businesscase voor appartementgebouwen, waardoor de klant de groene opgewekte energie maximaal kan benutten."

Nederland blijft achter bij behalen groene SDG's

The Green Quest Award is een wekelijks radioprogramma van BNR Nieuwsradio waarin duurzame innovaties in Nederland worden besproken die een aantoonbare bijdrage leveren aan de Sustainable Development Goals (SDG’s) van de Verenigde Naties. Innovaties die volgens Balkenende heel belangrijk zijn, omdat Nederland nog ernstig achterblijft bij het behalen van die doelstellingen. “Nederland scoort laag op de groene SDG’s. Bij de opwek van hernieuwbare energie staan we op de 23e plaats van de 27 landen. De stikstofvervuiling is bovengemiddeld en de biodiversiteit in Nederland neemt razendsnel af.” En veel tijd hebben we volgens de oud-premier niet meer. “Het is nog 9 jaar tot 2030, dan moeten de SDG’s behaald zijn. We mogen dus geen dag verloren laten gaan.”

Batterij en waterstoffabriek in één: is deze Nederlandse uitvinding de toekomst van energieopslag?

Afgelopen week liet Battolyser Systems weten dat het onder de auspiciën van de nieuwe CEO klaar is om de Battolyser de wijde wereld in te sturen. Rond 2014 bedacht hoogleraar Fokko Mulder op de TU Delft dat je een ongewone batterij en een ‘waterstoffabriekje’ samen in een ontwerp kon passen. Sindsdien bewees dat ontwerp zich in het lab, maar nu is het tijd voor het echte werk; er loopt een proef om de werking en veiligheid van de Battolyser vast te stellen bij een energiecentrale van Vattenfall.Ondertussen krijgt Slee al steeds meer vragen wanneer de Battolyser gekocht kan worden. En dus is hij in gesprek over serieuze, commerciële toepassingen van de Battolyser - terwijl de tests nog lopen. Volgens Slee is dat geen probleem. “De tests gaan over de veiligheid en operatie. Dat moeten we natuurlijk goed uitzoeken. Maar de techniek die we gebruiken heeft zich al in het lab en testopstellingen bewezen, en we weten wat de voordelen zijn ten opzichte van andere manieren om energie op te slaan.”Gratis stroom voor waterstofDe Battolyser is volgens Slee namelijk dé oplossing voor energieopslag. Als straks alle stroom uit duurzame bronnen zoals zon en wind komt, moeten we die stroom op kunnen slaan. In de avond, als er geen zon is, heeft men immers veel stroom nodig. En ook in de zonloze winters moeten we nog stroom kunnen krijgen. Maar zo’n opslagsysteem moet wel flexibel zijn, om op elk moment in te kunnen spelen op ‘de energiemarkt’.Met de Battolyser worden oude windparken weer winstgevendAls het hard waait en er is overproductie door windturbines, kost de stroom bijna niks. Door hem dan op te slaan in de batterij, en hem te verkopen als er weinig opwek is, kun je geld verdienen. En mocht er zóveel stroom zijn dat de batterij vol loopt, dan maakt ons systeem er automatisch waterstof van. Die kan de industrie of zwaar transport gebruiken, je kunt ermee verwarmen, of je kan hem opslaan en later gebruiken om weer stroom te maken.”Een nieuw soort batterijNu bestaan er natuurlijk al batterijen, en ook elektrolysers (de ‘fabriekjes’ die waterstof maken) zijn niet nieuw. Maar de Battolyser is anders, verzekert Slee. “Ten eerste gebruiken wij een heel ander soort batterij dan je meestal ziet. Die van ons heeft elektroden van nikkel en ijzer. Twee materialen die ruim voorradig zijn, goedkoop, en ze komen niet uit conflictgebieden.” Zulke batterijen bestaan al sinds de 19e eeuw, maar bleken toen gevaarlijk omdat ze zuurstof en waterstof produceren. “Maar Fokko bedacht dat dat ongewenste bijproduct in deze tijd juist gewenst is, en maakte daarom een ontwerp dat de waterstof die vrijkomt bij het opladen van een nikkel-ijzer-batterij isoleert en opvangt.”Het idee kwam precies op het juiste moment, toen waterstof nog niet zo populair was als nu. Daardoor kon Mulder zijn ideeën patenteren, en nu is het tijd om daar de vruchten van te plukken. De nikkel-ijzer-batterij zorgt er wel voor dat het ontwerp afwijkt van andere batterijen. “Wij willen dat de elektroden zo groot mogelijk zijn, zodat er veel elektriciteit opgeslagen kan worden en daarmee kan je ook veel efficiënter waterstof maken. Dat maakt het ontwerp van de Battolyser wat groter dan van elektrolysers.”Deze techniek maakt nieuwe businessmodellen mogelijkEen flexibel energiesysteemDat is echter een klein offer voor de voordelen: veel meer flexibiliteit in wanneer je stroom opslaat, ontlaadt en wanneer je waterstof maakt, een hogere efficiency dan de meeste waterstofmachines nu halen en robuust; nikkel-ijzer batterijen zijn niet stuk te krijgen. “In het lab halen we zelfs 80-90% procent rendement. Daar gaat in de praktijk wat vanaf, omdat je stroom moet transporteren en omvormen, maar ik denk dat dat mee zal vallen. Een groot voordeel is dat de waterstof in ons systeem al onder druk uit de machine komt. Daardoor hoef je het niet te comprimeren, een proces dat normaal veel energie vraagt.”De techniek lijkt dus onberispelijk. Maar is de markt al klaar voor iets als de Battolyser? Groene waterstof is nog veel duurder dan de grijze variant, gemaakt van aardgas. En batterijen zijn duur, waardoor lokale stroomopslag vaak niet loont. Maar het is de combinatie van flexibiliteit, efficiency en levensduur die dat volgens Slee gaat veranderen.En de commerciële projecten die Battolyser nu op het oog heeft, kunnen sowieso al geld verdienen. “Het gaat dan bijvoorbeeld om windparken die gebouwd werden toen de stroomprijzen veel constanter waren. Met dat idee werden grote investeringen gedaan, die nu moeilijk terugverdiend worden als stroomprijzen steeds lager zijn als de wind hard waait. Door een Battolyser te plaatsen bij zulke windparken, kun je de stroom opslaan en pas verkopen als de prijs hoger is of de goedkope stroom gebruiken om waterstof te maken. Zo haalt de investeerder in dat windpark toch nog geld uit een project.”Bij dat soort projecten kan de Battolyser de komende tijd zijn waarde bewijzen. Als er nog meer zon- en windenergie wordt opgewekt zal energieopslag steeds belangrijker worden en daarmee de business case voor Battolyser nog aantrekkelijker. “We kijken nu al naar systemen met een capaciteit van een megawatt. Die kan je bij elkaar zetten om veel grotere Battolysers te maken; net als de andere elektrolysers is ook ons systeem modulair, je kunt het in blokjes opbouwen.” Dus ook als er straks gigantische projecten zijn met groene waterstof, zoals NortH2 van Shell, kan de Battolyser daar uitkomst bieden.Van Shell naar duurzaamVoor Slee, die pas sinds 1 mei bij Battolyser Systems werkt, is dit het begin. Hij komt zelf van Shell, waar hij bij Renewables & Energy Solutions (de ‘groene tak’ die zich op duurzame energie richt) en Shell Ventures zat, die investeert in allerhande (duurzame) start- en scale-ups. “Maar ik merkte dat ik niet telkens de investeerder wilde zijn; ik wil zelf impact maken.”Na een tijd bij de waterstof business van Shell, besloot hij over te stappen naar Battolyser Systems. Een veel kleiner bedrijf dan de oliekolos Shell. “Maar hier kan ik volgens mij nóg meer impact hebben op de wereld - en dat is uiteindelijk wat ik wil doen.” En daarin zijn zijn ambities allerminst kleiner dan die bij Shell. “Iedereen wil dat de energie transitie versnelt en de marktpotentie is enorm, maar er is innovatie nodig om economisch te kunnen schalen. Battolyser Systems maakt nieuwe businessmodellen mogelijk, en kan daarmee echt een grote speler worden.”.Lees hier al onze artikelen over waterstof