Redactie Change Inc. 04 november 2022, 16:00

Opinie: Wereldwijde klimaataanpak vraagt veel meer inzet van het Westen

In de wereldwijde klimaataanpak is de rechtvaardigheid tussen rijke en arme landen ver te zoeken. Klimaatexpert Linda van Dongen van ASN Bank vindt dat het Westen meer verantwoordelijkheid moet nemen voor klimaataanpak.

Opinie het betoog 'Het is hoog tijd dat wij onze verantwoordelijkheid nemen tegenover de lage- en middeninkomenslanden', vindt Klimaatexpert Linda van Dongen van ASN Bank.

De Westerse wereld heeft haar huidige welvaart bereikt dankzij grote hoeveelheden fossiele brandstoffen. Maar in de klimaataanpak is de rechtvaardigheid tussen rijke en arme landen ver te zoeken. Het is hoog tijd dat wij onze verantwoordelijkheid nemen tegenover de lage- en middeninkomenslanden.

Klimaatverandering stopt niet bij landsgrenzen; het is een wereldwijd fenomeen. De gevolgen van klimaatverandering zijn echter onevenredig verdeeld. Arme landen hebben meer te lijden onder klimaatverandering dan rijke landen. Het zijn vooral landen die in warmere klimaatzones liggen en waar de economie afhankelijk is van landbouw, zoals India, Bangladesh, Somalië, Haïti en Kenia. De bewoners van deze landen voelen de gevolgen van de klimaatverandering harder, maar hun overheden zijn vaak niet in staat de problemen met eigen middelen en kennis aan te pakken. De Westerse wereld moet de verantwoordelijkheid voor haar gedrag uit het verleden nemen door minder ontwikkelde landen financieel te compenseren. En door geld en technologie beschikbaar te stellen waarmee armere landen hun uitstoot kunnen beperken.

Rechtvaardige fasering klimaatdoelstelling

Om de huidige destructieve koers te keren is het nodig om wereldwijd in 2050 CO2-neutraal te zijn. Als deze doelstelling op dit moment aan de hele wereld wordt opgelegd, belemmert dat de minder ontwikkelde landen in hun streven naar een redelijke welvaart en welzijn van hun bevolking. Daarom moet er een logische, rechtvaardige fasering in de doelstelling aangebracht worden: een onderscheid in snelheid tussen ontwikkelde en ontwikkelingslanden. De Westerse wereld moet haar eigen uitstoot versneld terugbrengen. Dat geeft minder ontwikkelde landen meer tijd om hetzelfde te doen zonder dat het hun ontwikkeling op een onoverkomelijke achterstand zet. Bovendien kan een grotere klimaatambitie van het Westen de klimaatinspanningen van armere landen versnellen. Het Westen moet laten zien dat het zijn verantwoordelijkheid neemt en dat het terugdringen van de wereldwijde opwarming sneller kan en moet.

Ambitieuze koers is noodzaak

Die versnelling is hard nodig om de doelstelling van het Klimaatakkoord van Parijs te halen. We lopen fors achter op het doel om de temperatuurstijging te beperken tot maximaal 1,5 graden. Handelen vanuit wat ‘haalbaar en betaalbaar’ is, is achterhaald. We moeten doen wat nodig is. De Westerse wereld moet laten zien dat zij ver vóór 2050 CO2-neutraal kan zijn. Dat begint ermee dat we fossiele brandstoffen snel uitfaseren door te desinvesteren uit fossiel, niet in aanloop naar 2050, maar op korte termijn, uiterlijk per 2040.

We komen er alleen als we een wereldwijde, ambitieuze koers kiezen en ons op het gezamenlijke belang richten door de kosten eerlijk te verdelen en onze (morele) verantwoordelijkheid te nemen. De klimaatconferentie in Egypte, COP 27, is een moment van de waarheid – het zoveelste. Blijven we ons verschuilen achter excuses of nemen we de verantwoordelijkheid voor ons verleden en de toekomst van de wereld?

Linda van Dongen zet zich als klimaatexpert bij ASN Bank in voor het klimaat en woningverduurzaming.

Wat kunnen we verwachten van de COP27 en welke afspraken willen mensen graag zien?

COP staat voor Conference of the Parties. Parties refereert naar de 197 landen die in 1992 akkoord gingen met het klimaatverdrag. Daarin werd afgesproken dat deze landen de gevaarlijke impact van de mens op het klimaat willen tegengaan, onder meer door de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen. Het is de zevenentwintigste keer dat de partijen bij elkaar komen. Vorig jaar was de COP26 in Glasgow. Wat is de verwachting van de COP27? Het thema van dit jaar is het helpen van ontwikkelingslanden. Welvarende landen willen bespreken hoe ze ontwikkelingslanden kunnen helpen om van fossiele energie af te komen. Ontwikkelings- en armere landen willen graag afspraken over geld dat nodig is voor de opbouw na rampen die door klimaatverandering worden veroorzaakt. Denk aan overstromingen, hittegolven of juist watertekort. Armere landen krijgen daar nu al veel vaker mee te maken. En omdat klimaatverandering is versneld door industrialisatie, verwachten ze dat rijkere landen daarin hun steentje bijdragen. Deze oproep is niet nieuw dit jaar. Ontwikkelingslanden vragen al jaren om financiële hulp, maar tot op heden maakt het Westen veel minder over dan is beloofd. Wat is er afgesproken tijdens de COP26 in Glasgow? Dat lees je hier Wel of geen vleestaks? Onderzoeksbureau Ipsos vroeg aan ruim 22.000 respondenten in 34 landen wat ze hopen dat tijdens de komende klimaattop wordt afgesproken. Uit het onderzoek blijkt dat de meeste respondenten (68 procent) voor subsidie is om duurzame aankopen, denk aan een elektrische auto of zonnepanelen, te stimuleren. Ook zien veel respondenten (59 procent) het wel zitten dat klimaatvriendelijke producten goedkoper worden, en producten die het klimaat beschadigen duurder. Maar de belasting verhogen op autorijden en vliegen, zodat mensen eerder voor een klimaatvriendelijk alternatief kiezen, dat zien dan weer veel minder mensen zitten (39 procent voor, 24 procent neutraal en 30 procent tegen). Verder is 29 procent voor het verhogen van belastingen op rood vlees en melkproducten, omdat ze schadelijk zijn voor het klimaat - maar daar is 40 procent tegen. Een meerderheid is ook tegen een belastingverhoging op fossiele brandstoffen (29 procent voor, 42 procent tegen). Er zitten opvallende verschillen tussen de landen. Zo zijn veel van de respondenten in China en India groot voorstander van meer belasting heffen op fossiele brandstoffen (50 procent), en moeten ze daar in Japan (15 procent), België (18 procent) en de VS (21 procent) veel minder van hebben. Dat zijn ook de landen die een belasting op rood vlees en melkproducten zien zitten, terwijl ze daar in Hongarije (15 procent), wederom Japan (17 procent) en Israël (18 procent) weinig van willen weten. De tijd dringt Tot 18 november hebben wereldleiders de tijd om afspraken te maken en te onderhandelen om klimaatverandering binnen de perken te houden. Maar vaak lopen de onderhandelingen uit en duurt het langer. Wil je op de hoogte blijven van de ontwikkelingen van de klimaattop? Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief, want Change Inc. doet uitgebreid verslag van de top.Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.