Chris Thijssen 29 maart 2016, 09:11

Fabrikant leidt 10.000 Chinese agrariërs op tot dronepiloot

De Chinese dronefabrikant DJI heeft de ambitie om 10.000 mensen op te leiden tot agrarisch dronepiloot. In het thuisland richt het bedrijf honderd servicepunten op.

O Fh Q10k X Aii2 JI Vv UIL5tf Igq25 NN Cf1ce Gv57h M3w Q

Dat schrijft BoerenBusiness. Vorig jaar november kondigde DJI – bekend van de populaire Phantom-consumentendrone – aan zich op de landbouw te gaan richten. Daarvoor werd de Agras MG-1 ontwikkeld. Deze octocopter kan 10 liter aan gewasbeschermingsmiddelen meenemen en over het gewas spuiten.

Voorheen werd deze markt volledig door Yamaha beheerst met hun R-Max. De vliegende spuiten worden bijna altijd ingezet op de kleine rijstveldjes in Azië, waar voorheen het spuitwerk met de hand gebeurde. Een drone kan dat veertig keer sneller. In Europa zijn proeven gedaan met het spuiten van wijnranken op steile heuvels.

After sales-ondersteuning

Volgens verkoopdirecteur Cao Nan gaat DJI in China 10.000 mensen opleiden om met de spuitdrone te kunnen werken. Honderd after sales-punten moeten ondersteuning bieden. Ook biedt DJI financiering aan waarmee tot 10.000 mensen hun eigen bedrijfje op kunnen richten. De fabrikant is van mening dat een agrarische drone meer ondersteuning in de verkoop en service vraagt dan andere toepassingen. De servicepunten bieden hulp bij testvluchten, onderhoud en assemblage.

Volgens DJI wordt op 3 procent van de agrarische bedrijven in China gebruik gemaakt van drones. In Japan en China zou dat maar liefst 50 procent zijn. Het bedrijf profiteert van het overheidsbeleid, dat het gebruik van moderne landbouwtechniek stimuleert. Gek genoeg kent het land zeer strenge eisen voor consumenten drones. Naar verwachting zullen meer fabrikanten zich daarom op commerciële toepassingen gaan richten.

Lees ook op BoerenBusiness.nl:

Wageningen UR zet streep door de naam LEI

Simplot’s GMO-aardappel krijgt groen licht in Canada

Bron: BoerenBusiness | Foto: DJI (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)
 

Ook de schoonste kolencentrale niet meer schoon genoeg voor Nuon

Samen met de TU Delft onderzoekt Nuon de mogelijkheden om in de Eemshaven overschotten aan wind- en zonnestroom om te zetten in ammoniak. Ombouw van de aardgasgestookte Magnum-centrale tot een moderne kolencentrale is daarmee definitief van de baan.Geen steenkool maar een 'superbatterij' voor windenergieHet hernieuwbare ammoniakgas is, net als conventioneel aardgas, te gebruiken om de bestaande gasturbines van de elektriciteitscentrale aan te drijven. Bij de verbranding van ammoniak komen bovendien alleen onschadelijke stikstof en waterdamp vrij, geen CO2, zegt Alexander van Ofwegen, directeur Nuon Warmte.Opslaan van het duurzaam geproduceerde gas kan volgens Van Ofwegen zolang als nodig is: "Zo heb je altijd een voorraad brandstof voor die momenten dat er weinig wind of zon is."Energieopslag in plaats van 'schone steenkool'Bij oplevering van de multifuel-centrale in 2013 had Nuon plannen om een vergasser voor steenkool of biomassa te bouwen in de Eemshaven.Door vaste brandstoffen als steenkool of houtpellets te vergassen, in plaats van direct te verbranden, kan het rendement van een elektriciteitscentrale sterk omhoog. Ook is het dan mogelijk om een groot deel van de CO2 al voor verbranding af te vangen.Deze moderne vorm van kolenstroomopwekken blijkt voor Nuon nu niet meer interessant. Wat de betreft de Magnum-centrale komt er gewoon geen steenkool meer in.In Amsterdam heeft Nuon nog een conventionele kolencentrale. Eind 2015 gaf Nuon aan open te staan voor suggesties om deze centrale vervroegd te sluiten.Met de TU Delft en andere partners uit het Nederlandse Power to Ammonia-consortium verwacht Nuon vaart te zetten achter de ammoniakopslag. De 'veelbelovende techniek' is volgens de partijen al binnen tien jaar op grote schaal toepasbaar. Van Ofwegen: "We hopen binnen vijf jaar een demonstratie op relevante schaal te kunnen doen."Bron: Nuon | Foto: Nuon, via Flickr. Infographic: Nuon