Sabine Sluijters 17 juni 2021, 17:10

Kernfusie ook voor Nederland een interessante optie

De energietransitie moet versnellen en daarbij kunnen we alle vormen van duurzame energie goed gebruiken. Sinds gisteren lijkt er een nieuwe loot aan de stam van de energieopwekking te groeien: kernfusie. Dit duurzame broertje van de gangbare kernenergie verkeerde ondanks investeringen van tientallen miljarden al ruim vijftig jaar in onderzoeksfase. Maar het concept van het Canadese General Fusion lijkt een aantal hardnekkige bezwaren op te lossen en daarmee de commerciële toepassing van kernfusie binnen handbereik te brengen.

Demoplant general fusion 1 Artist impression van de proefreactor die in Engeland gebouwd wordt Foto: General Fusion

De aankondiging van de bouw van de proefreactor blijft dan ook niet onopgemerkt. “Het is bijzonder interessant dat General Fusion een eerste demonstratiereactor voor kernfusie gaat bouwen in Engeland. Ik volg de ontwikkelingen met belangstelling”, laat staatssecretaris energie en klimaat Yeşilgöz-Zegerius in een reactie weten.

Fantastische doorbraak

Ook Henri Bontenbal, kamerlid voor het CDA is enthousiast. “Als natuurkundige word ik hier natuurlijk heel blij van. Want het is iets dat we nog niet kunnen en het zou een fantastische doorbraak zijn als het deze start-up lukt en hoop dan ook van harte dat dit toegevoegd kan worden aan het pallet aan koolstofneutrale elektriciteitsbronnen.”

Volgens Olof van der Gaag, directeur Nederlandse Vereniging Duurzame Energie (NVDE) is het goed dat op alle vlakken van de energievoorziening aan innovatie wordt gewerkt. “Er is veel discussie over kernenergie in Nederland maar het blijft goed om te kijken wat daarin de mogelijkheden zijn. Dus voor Nederland is het interessant om te kijken wat uit deze pilot komt.”

Kernfusie goede aanvulling van duurzame bronnen

Kernfusie kan een goede aanvulling zijn op de huidige mix aan duurzame bronnen. Want elektriciteitsproductie verduurzaamt heel snel. Steeds meer stroom komt van wind en zon en de verwachting is dat in Nederland over 9 jaar driekwart van de stroom duurzaam is opgewekt. Daarnaast groeit het aandeel elektriciteit in de energiemix. Uiteindelijk zal ruim de helft van de energie uit elektriciteit komen.

Daarmee groeit ook de behoefte aan zogenaamde ‘baseload’, waarmee de onbalans tussen vraag en aanbod kan worden opgevangen. Want op bewolkte windstille dagen hebben we ook stroom nodig. Die buffer wordt nu geleverd door traditionele gascentrales, die aangaan bij te weinig duurzame stroom en uit bij een overschot. Maar die centrales stoten CO2 uit.

Lees ook het nieuws over de demonstratiereactor die het Canadese General Fusion in Engeland gaat bouwen  

Haalbaarheid

Een kernfusiecentrale kan daarvoor een oplossing zijn denkt Van der Gaag. De vraag is alleen of het technisch haalbaar en betaalbaar is. “Op zichzelf zijn nieuwe bronnen van elektriciteit heel interessant. De vraag is alleen of die ook flexibel inzetbaar zijn. Zo’n centrale moet dat technisch aankunnen.”  

Daarnaast moet het ook betaalbaar zijn. Want door betere afstemming van vraag en aanbod, een goede verhouding tussen zon en wind en het vergroten van opslagcapaciteit zal de vraag naar ‘baseload’ energie afnemen. Zo schat Eneco in hun nieuwe strategie dat hun gascentrales op termijn nog maar 2.000 draaiuren zullen maken. “Je hebt dus een businesscase nodig die uit kan met maximaal 2.000 uur”, zegt Van der Gaag. “Een klassieke kerncentrale is gespecialiseerd in volcontinue draaien. Dit soort innovaties worden interessant als ze die flexibiliteit aankunnen.”

Jeff Bezos investeerder

De vraag is of de kernfusiereactor van General Fusion hiervoor de oplossing is. De proefreactor in Engeland vergt volgens persbureau Bloomberg een investering van 400 miljoen dollar. Maar waar de ontwikkeling van kernfusie voorheen vooral een aangelegenheid van overheden was, begint de private sector nu ook interesse te tonen. General Fusion zelf wordt gefinancierd door private partijen waaronder de Nederlandse investeringsmaatschappij SET Ventures, maar ook miljardair Jeff Bezos, de oprichter van Amazon.

Hoewel het nog gaat om een proefreactor en de techniek dus nog bewezen moet worden, is het hoopgevend genoeg om goed in de gaten te houden. Het IEA stelde onlangs nog dat de energietransitie na 2030 moeilijker zal worden. Vooral het vergoenen van de industrie wordt tegen die tijd een uitdaging waarvoor we nieuwe technieken nodig hebben die nu nog verre van volwassen zijn.

Eneco geen interesse

Ook Eneco, dat dinsdag bekendmaakte in 2035 CO2-neutraal te willen zijn, geeft in zijn strategie aan voor een derde van die ambitie nog niet te weten met welke technologie dat te halen is. Toch zegt het bedrijf desgevraagd niet te kijken naar kernfusie voor het bereiken van zijn duurzaamheidsdoelstelling.

Volgens Bontenbal heeft Nederland een blinde vlek voor nieuwe technieken zoals kernfusie. Het kamerlid bereidt, mede naar aanleiding van dit artikel, schriftelijke kamervragen voor. “We moeten kijken hoe we dit soort ontwikkelingen beter kunnen volgen. We hebben onze mond vol van allerlei technieken maar dit staat echt onvoldoende op de radar.” 

Kernfusie voor Nederland een prima optie

De verwachting is dat tegen 2028 of 2029 een eerste commerciële reactor gebouwd kan worden. “Dat is vrij dichtbij”,  vindt Bontenbal. “Start-ups hebben de neiging om het mooier voor te doen dat het uiteindelijk is. Dan blijkt het toch iets duurder te zijn of duurt het langer. Maar als je nooit iets probeert dan vind je nooit wat.”

Een kernfusiecentrale in Nederland is volgens Bontenbal dan ook een prima optie. “Je moet zoiets natuurlijk nooit ongeclausuleerd doen. Maar als het veilig en betaalbaar is, zou ik niet weten waarom het niet kan. Want we moeten geen enkele bron die ons gaat helpen om klimaatneutraal te worden uitsluiten.”

Benieuwd hoe kernfusie werkt? We leggen het hier uit.

Investeerders leggen drie miljoen euro bij elkaar voor windenergie van Kitepower

CEO Johannes Peschel was een praktiserende vliegeraar, tot hij bij een ongeluk tijdens het landboarden zijn arm brak. “Toen dacht ik, deze kracht kan beter worden ingezet: voor energie in plaats van een gebroken bot.” Na jaren van onderzoek besloten Peschel en universitair hoofddocent aan de TU Delft Roland Schmehl het bedrijf Kitepower op te zetten.Het idee van vliegerenergie is al van 2011. Astronaut Wubbo Ockels bedacht dat je energie kan halen uit de wind met behulp van een vlieger. Dat doe je door de vlieger vast te binden aan een lier die een dynamo rond laat draaien. Als de vlieger in achtjes ronddraait, wekt hij de meeste energie op. Kitepower ontwikkelde dit idee verder.Inmiddels heeft het harde werken resultaat. Op 16 juni maakte Kitepower bekend dat het Zuid-Hollandse investeringsfonds ENERGIIQ, de stichting ifund en Windhandel Beheer elk een miljoen euro in het bedrijf willen investeren. De inmiddels serieuze startup zal het geld gebruiken om het energiegevende vliegerproject, ofwel het airborne windenergiesysteem (AWES), verder te ontwikkelen om zo een echte commerciële stap te kunnen zetten.     Efficiënte energiebronnenPeschel klinkt rustig aan de telefoon. De richting die hij heeft is duidelijk. “Wind en zon zijn de meest efficiënte energiebronnen, altijd voorradig, wereldwijd bereikbaar en daarom zeer geschikt om in te zetten voor een echt CO2-neutrale wereld.” Alleen is zon niet altijd toereikend of aanwezig. Wind wel. En zolang er nog geen goede infrastructuur is om zonne-energie op te slaan voor de donkere uren, of het teveel te verplaatsen naar andere gebieden, bestaat er een grote behoefte aan nog meer energiemakers. En zie hier, de oplossing lijkt bijna te simpel om waar te zijn. Een vlieger van zestig vierkante meter wordt de lucht ingehouden en de trekkracht die het op de grond veroorzaakt, kan 150 huishoudens van energie voorzien.  Drie miljoen investeringNu Kitepower de drie miljoen euro investering heeft gekregen, is het een stap naar de verwording van een echt bedrijf. Het bedrag lijkt groot, maar Peschel is niet zo gauw onder de indruk. “Ik vind dit helemaal niet eng, ik ben niet alleen, heb goede mentoren en vooral hele goede mensen in mijn team. Ik ben maar verantwoordelijk voor een klein onderdeel in het geheel.”Zijn verhaal is heel duidelijk. Het voordeel van deze vliegers is dat ze hoog in de lucht hangen, en daardoor minder oppervlakte in beslag nemen ten opzichte van de grote windturbines die nu op land of zee staan. Over het algemeen worden windturbines gezien als grote gevaartes waar mensen nu al moeite mee hebben om in hun ‘achtertuin’ te plaatsen, terwijl we daar – willen we met hernieuwbare energie echt stappen maken – nog veel meer van nodig hebben. Volgens Peschel kan vlieger-energie aangevuld met de zonne-energie uiteindelijk het probleem van het tekort aan energie oplossen. Peschel: “Het grote voordeel van Kitepower is dat het flexibel en mobiel is, en ook in de nachten doorwerkt.”Zijn ambitie is groot: hij wil dit wereldwijd neerzetten, evengoed in landen waar het minder winderig lijkt te zijn. “Ook daar is het heel goed mogelijk. De vliegers gaan zo hoog de lucht in, dat er altijd wind en dus energie te vangen is.” En het probleem van vliegtuigen die daardoor een slalom zouden moeten maken, wuift hij weg. “Die hebben een eigen routekaart, dus daar kunnen we rekening mee houden. Ook in gebieden waar drones mogen vliegen zijn er nog legio mogelijkheden.”Opschalen voor concurrentievoordeelMet de drie miljoen euro aan investering is Kitepower voornemens het plan verder te brengen met nog meer onderzoek. Want de kunst is nu om op te schalen, aangezien energie in Nederland tegen bodemprijzen wordt verkocht. En hoe groter de opschaling, hoe beter Kitepower daarmee kan concurreren. Daarom is het bedrijf nu op eilanden bezig om het project verder te vergroten, zoals op Aruba.Over vijf jaar wil Peschel honderden Powerkites werkend hebben. De vliegers hebben een vermogen van 100 kilowatt per kite, goed voor 450 megawatturen per jaar. Zo wordt gericht gepland om uiteindelijk een wezenlijke bijdrage te leveren op het niveau van landelijke energie. De drie miljoen die nu worden geïnvesteerd, zijn daarom geweldig, stelt Peschel, maar nog niet genoeg. “We moeten door naar het volgende level. We doen nu pilots in Nederland, waar we overigens nog mensen voor zoeken die hun grond daarvoor ter beschikking willen stellen. Mag ik daarvoor een oproep doen hier?”Meer lezen over de kracht, maar ook de benodigde infrastructuur van windenergie? Lees hier.