Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 17 april 2013, 12:59

Criteria jaarverslagen moeten einde maken aan 'feel good'-rapporten

Harvard-economen vinden dat bedrijven moeten stoppen met ‘feel good‘-rapporten over duurzaamheid. Twee organisaties geven concrete richtlijnen voor het rapporteren van financiële en niet-financiële criteria.

Comp e1366192474620

l;le en niet-financiële criteria.

Duurzame verslaggeving is belangrijk: het maakt bedrijven bewust van hun milieu- en sociale impact en het trekt ook nog eens consumenten en ngo’s aan. Beursgenoteerde bedrijven publiceren daarom steeds meer van hun duurzame ontwikkelingen.

Maar toch zien Harvard-economen Robert G. Eccles en George Serafeim nog teveel feel good-verslaggeving over duurzame prestaties als energiebesparing op bedrijfsruimtes of afvalcompostering. Op de website van Bloomberg schrijven zij dat er aan de kernactiviteiten van bedrijven nog maar weinig verandert. Op basis van de informatie die ondernemingen nu leveren kunnen investeerders ook geen goed oordeel maken.

Ook vinden zij dat er bij bedrijven meestal een trade-off plaatsvindt: bedrijven investeren in duurzame prestaties, maar moeten daarvoor wel financiële middelen leveren. Eccles en Serafeim vinden dat bedrijven allround moeten presteren. Eerder schreef Duurzaambedrijfsleven.nl al over een onderzoek van de twee Harvard-economen, waarin zij concluderen dat duurzaam ondernemen een 4,8 procent beter rendement oplevert.

 

Allround presteren

 

Twee organisaties geven nu precies die richtlijnen om een einde te maken aan het feel good-rapporten en de juiste financiële en niet-financiële informatie te delen. De International Integrated Reporting Council (IIRC) – een coalitie van bedrijven, ngo’s, investeerders en accountants –  introduceerde gisteren een internationale standaard voor geïntegreerd rapporteren. Beursgenoteerde bedrijven moeten allround presteren: op financieel en sociaal gebied.

Het raamwerk bevat natuurlijk nog steeds de financiële statistieken, maar de IIRC voegt ook de minder makkelijk meetbare categorieën toe: de natuurlijke waarde van water en land, intellectueel eigendom, de sociale waarde en de relatie van het bedrijf tot ngo’s wordt inzichtelijk gemaakt.

Met de internationale standaard voor geïntegreerde rapporten kunnen bedrijven een alomvattend verslag uitbrengen, waar investeerders vervolgens weloverwogen op kunnen beoordelen. Het raamwerk van de IIRC staat tot 15 juli open voor kritiek zodat iedereen kan meebeslissen over wat het nieuwe standaard voor duurzaam rapporteren moet zijn.

 

Rapporteren per sector

 

Ook de SASB wil dat bedrijven duurzaamheid in hun jaarlijkse verslaggeving opnemen, maar  is een andere mening toegedaan over de manier waarop. SASB, een non-profitorganisatie die zich richt op duurzame verslaglegging, vindt dat verschillende industrieën zeer uiteenlopende behoeftes hebben. Criteria voor verslaglegging moeten dan ook sectorspecifiek zijn.

Om de daad bij het woord te voegen publiceerde SASB gisteren – apart van de IIRC – een rapport met nieuwe richtlijnen voor de financiële sector. Hierin staan Key Performance Indicators (KPI’s) beschreven voor onder anderen commerciële banken, vermogensbeheerders en investment banking.

Bron: Bloomberg

Foto: Juhan Sonin

IEA: ‘Energie nog net zo vuil als 20 jaar geleden’

Dit schrijft het International Energy Agency (IEA) in een vandaag uitgebracht rapport. Ondanks het feit dat wereldleiders zich uitspreken over het belang van duurzame energie én ondanks de enorme toename daarvan in het laatste decennium, is de geproduceerde energie volgens IEA-directeur Maria van der Hoeven in principe nog net zo vuil als twintig jaar geleden.“Het streven om ’s wereld energiesystemen te verschonen is tot stilstand gekomen”, constateert de voormalig CDA-minister. Tussen 2000 en 2010 nam de hoeveelheid door kolencentrales geproduceerde energie met 45 procent toe, terwijl de generatie van duurzame energie in dezelfde periode met 25 procent groeide. Kortom: kolen zijn nog steeds koning, mede doordat overheden er niet in slagen om investeringen in duurzaamheid te stimuleren.In het eerste kwartaal van 2013 werd wereldwijd voor 22 procent minder geïnvesteerd in hernieuwbare energie en ook is  de toekomst van het Europese ETS onzeker, Europa’s belangrijkste instrument om de verduurzaming van bedrijven te stimuleren. Dankzij het controversiële schaliegas verduurzaamt de VS wél zijn energieaandeel, maar de werkelijke milieu-impact van deze energiesoort is voorlopig nog onbekend.Belang duurzame energieVolgens Van der Hoeven moet het gebrek aan vooruitgang bij iedereen de alarmbellen laten afgaan. “We kunnen het ons niet veroorloven nog eens 20 jaar de boel de boel te laten. We hebben een snelle groei nodig van technologie voor duurzame energie als we een potentieel catastrofale opwarming van de aarde willen afwenden.”Om de CO2-uitstoot op te vangen is het inzetten van CCS-technologie – het opslaan van CO2 – volgens de IEA zeer belangrijk. Er zijn hiervan nog geen commerciële centrales in werking, maar de autoriteit adviseert om voor 2050 63 procent van de kolencentrales met deze technologie te voorzien. Op dit moment zijn er 13 grote CO2-opslag demonstratieprojecten, die een kwart van de wereldwijde CO2-uitstoot kunnen opvangen.De IEA is positief over de toename van technologieën voor zonne- en windenergie. In 2011 en 2012 groeide dit met respectievelijk 42 en 19 procent.Bron: ReutersFoto: Indy Slug via Flickr.com