Chantal Blommers 25 april 2023, 15:01

Dit fonds richt zich specifiek op circulaire plannen: 'Ontwikkelingen komen zo in stroomversnelling'

Van het verwerken van Schiphol-gras tot spaanplaat tot het volledig recyclen van autobanden. Veel innovatieve, circulaire plannen lopen stuk, omdat er geen financiering wordt gevonden. De investeerders van het Polestar Capital Circular Debt Fund (PCDF) bieden een oplossing. “Deze manier van investeren brengt ontwikkelingen in een stroomversnelling.”

20220111 985 Bij ECOR wordt gras verwerkt tot spaanplaat.

Om de veiligheid rondom de landbanen van Schiphol te waarborgen, wordt het gras er onaantrekkelijk gemaakt voor vogels en andere dieren en het wordt regelmatig gemaaid. Dat leverde een grote afvalstroom op, tot het bedrijf ECOR een techniek ontwikkelde om het gras een tweede leven te bieden als grondstof. Het wordt gereinigd en geperst en verwerkt tot MDF-panelen.

ECOR is één van de voorbeelden van bedrijven die door Polestar Capital in het zadel zijn geholpen. Na het succes van ECOR werd vanuit Polestar het Polestar Capital Circular Debt Fund (PCDF) opgericht dat ondernemers helpt met financiering voor plannen die de circulaire economie bevorderen. “Het gaat om bedrijven die een bewezen techniek hebben ontwikkeld en toe zijn aan het bouwen van een eerste fabriek”, zegt fondsenmanager Daan van Kassel. “Er is te veel geld nodig om dit vanuit eigen middelen te financieren, maar het bedrijf is nog niet groot genoeg om bij banken aan te kunnen kloppen. Met het PCDF zorgen we dat zij toch door kunnen met hun plannen.”

Flinke lijst met eisen

Dan moet er wel aan een flinke lijst met eisen worden voldaan, legt Reinier van der Vusse, expert circulaire economie bij Polestar Capital, uit. “Om in aanmerking te komen voor een lening moet het bedrijf aantonen dat het een afvalstroom aanzienlijk kan verminderen, dat het een biobased variant maakt van een grondstof of dat het nieuwe product de CO2-uitstoot vermindert. Daarnaast kijken we naar het potentieel: kan dit bedrijf wereldwijd worden opgeschaald?”

Reinier van der Vusse (links) en Daan van Kassel van PCDF.

Verder wordt de hele productieketen onder de loep genomen. Vast moet staan dat het bedrijf ook op andere duurzame doelstellingen goed scoort. Zo moet werknemers een veilige werkomgeving worden geboden. Van der Vusse: “Als investeringsfonds gaan wij alleen met bedrijven in zee waarvan we overtuigd zijn dat ze een impact kunnen maken én voldoende inkomsten zullen genereren.” Polestar Capital heeft inmiddels 14 bedrijven geholpen met opschalen. Meer dan 150 financieringsplannen zitten er in de pijplijn. “Een deel van die bedrijven zal financiering via ons krijgen”, zegt Van Kassel. Het gaat, zo zegt Van der Vusse, bijvoorbeeld om een fabriek om autobanden volledig te kunnen recyclen. “Zij hebben een techniek ontworpen om de banden compleet te vermalen tot een poeder en voegen hier hulpstoffen aan toe, waarna het opnieuw aan rubber hecht.”

Het belang van impact investeren

Zodra een concept zich met financiering van PCDF bewezen heeft en winstgevend is geworden, kunnen bedrijven vaak wél bij banken terecht voor financiering. “Op dat moment worden wij geherfinancierd en krijgen wij ons geld terug, dat dan weer beschikbaar komt voor andere bedrijven”, legt Van Kassel uit. Het fonds wordt gevuld door betrokken banken, pensioenfondsen en andere financiële partijen. “Investeerders moeten een bepaalde interesse in duurzaamheid en de circulaire economie hebben. Anders zijn er makkelijkere manieren om rendement te behalen”, zegt Van Kassel. “Gelukkig is het zo dat steeds meer partijen het belang inzien van impact investeren.”

Van der Vusse verwacht dat dit alleen maar zal toenemen. “We staan aan het begin van een enorme transitie. Er is al een bak aan ambitie, maar ook wet en regelgeving komt op ons af uit Europa. Bedrijven krijgen te maken met verplichtingen op het gebied van circulariteit en inzet van circulaire grondstoffen. Het is belangrijk om ondernemers met een oplossing door middel van financiering de mogelijkheid te bieden om hun plannen uit te werken. Mooi dat wij daarin iets kunnen betekenen.”

Lees ook:

'Röntgenfoto' van groente en fruit werkt verspilling de voedselketen uit

Voedselverspilling is nog altijd een groot probleem. Nederland heeft zich gecommitteerd aan het doel van de Verenigde Naties om in 2030 de helft minder voedsel te verspillen ten opzichte van 2015. In het huidige tempo wordt die mijlpaal echter niet gehaald, zeggen onderzoekers van Wageningen University & Research (WUR). Meer en beter monitoren is noodzakelijk om voedselverspilling tegen te gaan. En dat is precies waar Snikkers met zijn bedrijf op inzet. Houdbaarheid is onbekend Van al het verspilde voedsel is ongeveer 40 procent groente en fruit. Dit komt door de korte en vooral variërende houdbaarheid, verklaart Snikkers. “De houdbaarheid is afhankelijk van veel zaken: de kwaliteit van het product zelf, de weersomstandigheden, het seizoen en nog veel meer. Door al deze factoren verandert de houdbaarheid steeds. Daardoor is het in de praktijk vaak gissen tot wanneer groente en fruit precies goed is.” Afnemers Veel producten hebben zoiets als een standaard houdbaarheidsdatum, zegt Snikkers. Maar daar kun je niet gek veel mee. “Je weet gemiddeld wel zo’n beetje waar je aan toe bent. Maar je kunt niet beslissen welke batch naar welke afnemer gaat. Als je als leverancier aardbeien naar supermarkten in Nederland en Engeland stuurt en je levert ook aan een bedrijf dat er smoothies van maakt, dan wil je dat de aardbeien met de kortste houdbaarheid in de smoothies belanden en niet dat die lading naar Engeland gaat. Eindigt die batch wel in Engeland en het wordt daar afgekeurd, dan krijgt de leverancier niet betaald en worden de aardbeien weggegooid. Het fruit was perfect geweest voor smoothies, maar misschien zijn de beste aardbeien inmiddels al in de blender beland”, aldus Snikkers. Het kan ook dat aardbeien veel langer goed blijven dan de houdbaarheidsdatum op de verpakking aangeeft. Snikkers: “Een teler rekent met een gemiddelde houdbaarheid van zes dagen, maar er zijn ook aardbeien die het tien of elf dagen uithouden. De werkwijze van winkels is: komt de aangegeven houdbaarheidsdatum dichtbij, dan krijgt het product een 35 procent sticker in de hoop dat mensen het alsnog kopen. Gebeurt dat niet, dan worden de aardbeien uit de winkel gehaald en weggegooid zodra de houdbaarheidsdatum is verstreken. Er is een grote kans dat de aardbeien die het wel tien dagen uithouden en dus nog vier dagen eetbaar zijn in de prullenbak belanden. Dit soort voedselverspilling kan makkelijk worden voorkomen.”De scanner meet met licht en is te vergelijken met een röntgenfoto.Scanner Om voedselverspilling te beperken, heeft OneThird scanners ontwikkeld waarmee producten nauwkeurig worden gemeten. Snikkers: “We meten de moleculaire samenstelling van groente en fruit met licht. Je kunt het zien als een soort röntgenfoto. Die meting gaat heel snel, in slechts een paar milliseconden is het fruit gescand. Met algoritmes vertalen we de scan en de data die daaruit voortkomt naar een duidelijke boodschap. Zo weten verschillende partijen in de voedselketen precies hoeveel dagen een product nog vers is en wanneer het verouderingsproces begint.” Medische industrie De technologie die wordt gebruikt om groente en fruit te meten, komt oorspronkelijk uit de medische industrie. “De mens is gebouwd uit biologisch materiaal”, verklaart Snikkers. “Een tomaat ook. Een techniek die is bewezen in de medische wereld, hebben we aangepast en weer toegepast in de voedingssector.” Hij neemt de sensor die patiënten in het ziekenhuis om hun vinger krijgen als voorbeeld. “Die registreert het zuurstofgehalte en is vergelijkbaar met de meetmethodes die wij gebruiken. Het verschil is dat wij geen zuurstof meten, maar bijvoorbeeld het watergehalte in een vrucht.” Slimmere voedselketen Met deze data kan de voedselketen slimmer georganiseerd worden. De informatie die de scanners genereren, is meteen beschikbaar. Telers, distributeurs en retailers kunnen hier direct hun processen op aanpassen. “Op basis van de scan kunnen telers de kwaliteit van hun producten verbeteren”, meent Snikkers. “De scan maakt inzichtelijk of fruit meer voeding, meer water of meer zonlicht nodig heeft. Omdat de informatie direct beschikbaar is, kunnen zij waar nodig de manier van telen gelijk aanpassen.” Wanneer er meer informatie beschikbaar is over de kwaliteit van de producten, kunnen distributeurs de handel beter verdelen. Snikkers: “Distributeurs krijgen verschillende aardbeien aangeleverd van verschillende telers en van verschillende kwaliteit. Aan de andere kant zijn er ook verschillende afnemers met allemaal hun eigen eisen: de één is kritischer op kwaliteit dan de ander. Wanneer zij beter de kwaliteit snappen van de producten in hun distributiecentrum, eindigen de juiste producten op de juiste plek.” Ook retailers hebben baat bij meer inzicht in de kwaliteit van groente en fruit. Zo kunnen supermarkten hun producten scannen en vervolgens de daadwerkelijke houdbaarheidsdatum printen op basis van het algoritme. De kans dat groente en fruit vroegtijdig wordt weggegooid, wordt kleiner. De scanners kunnen op dit moment vier producten analyseren: tomaten, aardbeien, avocado’s en blauwe bessen. Aan het einde van dit jaar moeten dat er tien zijn.Data delen De data die telers, distributeurs en retailers ophalen, kan ook met elkaar gedeeld worden. Volgens Snikkers is dat gunstig. “Op het moment dat een teler een meting heeft gedaan, weet een distributeur al van welke kwaliteit de producten zijn. Ongeacht dat het misschien nog twee dagen onderweg is met de vrachtwagen. Zij kunnen daar rekening mee houden in hun verkoopplan. Is het kritische batch, dan moet het namelijk zo snel mogelijk de winkel in. Zo niet, dan is er nog genoeg tijd om de lading naar het buitenland te sturen.”Door informatie met elkaar te delen, kan worden nagegaan wat er in de gehele keten gebeurt. “Stel dat de teler een meting doet met een goed resultaat. In het distributiecentrum wordt vervolgens nog een keer gescand en daar komt een slecht resultaat uit. Dan weet je dat er tussen die twee punten iets is gebeurd. Het kan bijvoorbeeld zo zijn dat de airco in de vrachtwagen niet goed werkt, wat een nadelig effect heeft op de houdbaarheid. Dat soort dingen kunnen worden opgehelderd, terwijl nu vaak onduidelijk blijft wat het probleem is”, aldus Snikkers. Database De scanners kunnen op dit moment vier producten analyseren: tomaten, aardbeien, avocado’s en blauwe bessen. Aan het einde van dit jaar moeten dat er tien zijn. Het uitbreiden van de database kost veel tijd en geld, vertelt Snikkers. “Om een betrouwbaar algoritme te ontwikkelen, is een enorme hoeveelheid aan data nodig. Het kost minimaal een jaar om een product toe te voegen aan de database, omdat gegevens nodig zijn uit alle momenten van het teeltseizoen. Maar eigenlijk wil je het product in alle jaargetijden nog eens zien om nauwkeuriger te meten.” Welke producten de scanners kunnen aflezen, wordt door verschillende factoren bepaald. Snikkers: “Bij tomaten speelt het volume een belangrijke rol: dat is het meest geteelde product. Avocado’s aan de andere kant zijn dure producten. Wordt er minder verspild, is dat ook financieel gezien erg voordelig.” Meer lezen over voedselverspilling: Hoe voedselproblemen worden opgelost in frisdranksiroop’s Werelds eerste bananenpureefabriek staat in GeldermalsenDoor deze Indiase start-up blijven mango's 12 dagen langer houdbaar