Chantal Blommers 14 juni 2023, 15:07

Volop kansen voor pensioenfondsen om circulaire economie mogelijk te maken

Pensioenfondsen lopen risico’s omdat zij nog te traditioneel hun geld beleggen, dat schrijft het Sustainable Finance Lab in een rapport. Door meer te investeren in de circulaire economie sla je twee vliegen in één klap: de fondsen worden toekomstbestendiger én duurzame startups komen makkelijker aan financiering. Dit is hoe ze dat aan kunnen pakken.

Adobe Stock 606238013 Pensioenfondsen zouden meer moeten beleggen in de circulaire economie volgens het Sustainable Finance Lab. | Credits: Adobe

De Nederlandse economie moet in 2050 volledig circulair zijn. Dat betekent dat er geen afval meer wordt geproduceerd en grondstoffen worden behouden. Maar zover is het nog lang niet, constateert het Sustainable Finance Lab (SFL), een academische denktank van verschillende universiteiten die duurzame kansen onderzoekt. Hoewel Nederland volgens SFL internationaal gezien vooroploopt, moet er nog heel wat gebeuren om die nieuwe economie tegen die tijd te realiseren. “Vooral de voor de transitie zo belangrijke startende en snel groeiende circulaire ondernemingen blijven achter”, schrijven Gerdie Knijp en Rens van Tilburg in hun onderzoek. “Financiering blijkt voor hen een belangrijk knelpunt.”

Pensioenfondsen zouden een oplossing kunnen bieden, beredeneren zij. Zij hebben immers de middelen en ook de tijd om het geld voor de langere termijn te beleggen. “Een circulaire belegging is een voorbeeld van een lange termijn belegging. Het gaat om nieuwe markten, nieuwe technologieën en nieuwe bedrijfsmodellen waarvoor geduldig kapitaal nodig is”, aldus Knijp en Van Tilburg. Maar pensioenfondsen zouden niet alleen in moeten stappen, omdat dit de circulaire bedrijven – en de wereld – helpt. Ook voor de fondsen zelf is het slim, volgens het SFL zelfs nodig, dat zij in actie komen. Een aantal punten uit het rapport:

Traditioneel beleggen is op de lange termijn onverstandig

Beleggingen die niet bijdragen aan een circulaire economie worden op de lange termijn onrendabel, zegt SFL. De traditionele economie zal immers gaan verdwijnen, terwijl in de circulaire economie groei te verwachten is. Beleggingsfondsen staan volgens het rapport nog onvoldoende stil bij wat dit voor hen kan gaan betekenen. “Bij de pensioenfondsen en toezichthouder De Nederlandse Bank is er nog maar beperkt aandacht voor de risico’s die gepaard gaan met de huidige lineaire economie.” Voorbeelden van deze risico’s zijn grondstoffenschaarste, de gevolgen van afvalvervuiling, het snel veranderende beleid rondom de circulaire economie of een veranderende marktvraag.”

Overheden gaan met regels komen

Knijp en Van Tilburg verwachten dat de overheid binnen niet al te lange termijn met regelgeving zal komen, om ‘de noodzakelijke circulaire transitie te versnellen’. Dat gebeurt niet alleen op Nederlands niveau maar ook Europees zal er ‘steeds dwingender beleid komen’. “Denk bijvoorbeeld aan financiële prikkels voor levensduurverlenging van producten, een reparateursregister voor elektrische en elektronische apparaten, beleid op circulaire inkoop door de Nederlandse overheid, en maatregelen rondom het scheiden van afval.”

Dit jaar is in Europa bijvoorbeeld al de ontbossingswet aangenomen. Die schrijft voor dat de productie en consumptie van goederen in Europa niet mag bijdragen aan ontbossing elders in de wereld. Bedrijven moeten dit kunnen aantonen. “Producenten van soja, koffie, cacao, rubber, hout, vlees en palmolie zullen hierdoor geraakt worden, maar ook bedrijven die in hun keten gebruik maken van deze producten. Ook beleggers zullen kritisch hun portefeuilles moeten bekijken.”

Ook klanten willen focus op duurzaamheid

Pensioendeelnemers gaan duurzaamheid ook steeds belangrijker vinden, constateert SFL. “Pensioendeelnemers geven steeds meer aan dat zij via het beleggingsbeleid een positieve impact willen maken. Juist de private fondsen die zich richten op de voor de transitie zo belangrijke startende en snel groeiende bedrijven, lijken goede kansen te bieden aan pensioenfondsen om echt het verschil te maken.” Onderzoek toont aan dat dit de voorkeur heeft van de deelnemers, zélfs als dit ten koste gaat van het rendement. Bij wet is vastgelegd dat pensioenfondsen in hun beleggingsstrategie rekening moeten houden met de voorkeuren van de deelnemers, dus wat zij vinden, doet ertoe.

Meer samenwerken

De overstap naar circulaire beleggingen is niet één, twee, drie gemaakt, erkennen Knijp en Van Tilburg. Als tip geven zij pensioenfondsen mee om meer samen te werken. “Niet alle fondsen zijn belegbaar voor pensioenfondsen, omdat ze niet groot genoeg zijn. Kleinere beleggingen leveren ook relatief meer kosten op. Pensioenfondsen zouden meer kunnen samenwerken om beleggingen mogelijk te maken.” Met name private beleggingsfondsen zijn geschikt om in te stappen als pensioenfonds, denken zij. “Pensioenfondsen kunnen met hun beleggingsbeleid een belangrijke bijdrage leveren aan de noodzakelijke versnelling van de circulaire transitie. Dit is zowel nodig om de risico’s te beheersen, als om de door de deelnemers gewenste positieve impact te realiseren.”

Lees meer:

Engie: tegen 2050 moet zon- en windkracht 90 procent van stroom opleveren

Volgens Engie moet het energieverbruik in de vijftien landen waarvan de energiesystemen met elkaar verweven zijn, waaronder Nederland, België en de grootste economieën van Europa zoals Duitsland en Frankrijk, tegen 2050 met 34 procent omlaag om de nettonul-doelstellingen te halen. Tegelijkertijd zal het elektriciteitsverbruik bijna verdubbelen. Om die doelstellingen te halen, zal Europa grote veranderingen moeten doorvoeren. Volgens Engie moet een "divers scala aan technologische keuzes" worden toegepast" met geen ruimte voor dogma". Vooral zon- en windkracht moet sterker worden ingezet, zegt de energiereus. Tegen 2035 zal 78 procent van de elektriciteitsproductie via hernieuwbare bronnen moeten gebeuren, en tegen 2050 zelfs 90 procent. Dat betekent dat tegen 2050 zes keer zoveel hernieuwbare energie moet worden geproduceerd.Gascentrales op waterstof en biogasOm de schommelingen in de productie op te vangen, moet Europa ook voor 600 gigawatt aan bijkomende capaciteit ontwikkelen, in de vorm van batterij-opslagsystemen, waterkrachtcentrales en gascentrales. Dat is een verviervoudiging van de huidige capaciteit. Engie benadrukt dat gascentrales zullen draaien op groene waterstof of biogas. De bestaande gasinfrastructuur kan volgens de energiereus aangepast worden “aan een volledig koolstofvrije energiemix voor een beperkte kostprijs”. Indien geen nieuwe gascentrales gebouwd worden, berekent Engie dat de energietransitie 37 miljard euro meer zal kosten.En kernenergie? Engie, de uitbater van de Belgische kerncentrales, voorziet voor kernenergie geen grote rol in de transitie naar een koolstofarm energienetwerk. Het bedrijf gelooft dat kernenergie een steeds kleiner aandeel zal hebben in de Europese stroomproductie. In Frankrijk denkt het bijvoorbeeld dat het aandeel zal verminderen naar een derde van het totaal, terwijl dat vandaag de dag nog zo’n 70 procent is.Ook in België is Engie niet al te happig meer op kernenergie. Het bedrijf onderhandelt momenteel met de regering over een verlenging van de twee jongste kernreactoren, maar was eigenlijk geen vragende partij voor die verlenging. Kernenergie is volgens Engie “geen core business” meer. In de plaats wil het meer investeren in zon en wind.Lees ook:De energietransitie in hoogspanningsland: ‘Dit wordt de grootste ombouw van Nederland’ Nederland heeft meer kleinschalige elektrolyseprojecten nodigCO2-uitstoot Nederland daalt het hardst van de EU