Marc Seijlhouwer 30 juni 2021, 15:15

Wat is het emissiehandelssysteem ETS? En hoe werkt het?

Het Emissiehandelssysteem (in het Engels: Emission Trade System of ETS) is hét wapen van de EU tegen CO2-uitstoot op het continent. Door een prijs te hangen aan het uitstoten van CO2 moeten bedrijven minder uitstoten, anders kost het hen teveel geld. En omdat er een beperkt en afnemend aantal certificaten is in het systeem, neemt de hoeveelheid uitgestoten CO2 geleidelijk af. Maar hoe werkt zo’n ETS precies, en wat zijn de zwakke punten? Wij zoeken het uit.

Zonsondergang energiecentrale uitstoot duitsland adobe stock change inc Marktwerking moet bedrijven via het emissiehandelssysteem (ETS) uiteindelijk dwingen minder CO2 uit te stoten. | Beeld: Adobe Stock

Wat is het ETS?

Het ETS stamt uit 2005. Toen zag de EU al in dat de uitstoot van CO2 op een manier aan banden moest worden gelegd. Daarom kwamen zij met het idee van CO2-certificaten: rechten om een bepaalde hoeveelheid CO2 uit te stoten. Het aantal certificaten is niet onbeperkt. De EU bepaalde voor elke bedrijfstak hoeveel de maximale uitstoot mag zijn. Wil een bedrijf meer uitstoten, dan moet het ergens anders certificaten kopen – bijvoorbeeld van bedrijven die duurzamer zijn geworden, en daardoor een overschot aan emissierechten in handen hebben.

De EU gaf aanvankelijk een groot deel van de certificaten gratis weg om het systeem op gang te brengen. In de beginfase bleef de prijs per ton CO2 vrij stabiel rond de dertig euro. Zo’n 40 procent van alle CO2 viel in die tijd onder het emissiehandelssysteem.

Welke bedrijven horen bij het ETS?

Niet alle vervuilers vallen onder het ETS. De bekende bedrijfstakken, zoals energiecentrales en zware industrie, zitten in het systeem. Maar transport, en in het bijzonder luchtvaart, vallen voor het grootste deel niet onder het systeem: maatschappijen hoeven alleen voor vluchten binnen de EU certificaten te kopen. Ook andere logistiek valt niet onder het ETS, net als de CO2 die individuele EU-burgers uitstoten.

Werkt het ETS goed?

Het ETS heeft problemen die langzaam worden opgelost nu de EU ook inziet dat er een paar weeffouten in het systeem zitten. Zo was het gratis weggeven van certificaten in het begin een vergissing, omdat het de prijs van CO2 te lang stabiel hield. Veel bedrijven produceerden minder CO2 dan ze maximaal mochten, en hadden certificaten over. Hierdoor werd het uitstoten van broeikasgassen te goedkoop.

Toen de economische crisis rond 2008 begon, daalde de productie van bedrijven nog verder. Daardoor was de reserve van CO2-certificaten nog groter en daalde de prijs tot een dieptepunt van minder dan vijf euro per ton.

Tussen 2013 en 2020 ging het systeem deels op de schop. Het aantal certificaten in omloop ging omlaag en er kwam een Europa-breed limiet aan de uitstoot. Ook mochten bedrijven niet zomaar alle certificaten die ze van fase 2 (die van 2005 tot 2012 liep) over hadden meebrengen in fase 3. Vanaf 2018 had dit een sterk effect op de prijs van CO2, die steeg tot 30 euro per ton – hetzelfde bedrag als bij de introductie van het ETS.

Maar onlangs bleek dat bedrijven uit de energie-intensieve industrie het ETS helemaal niet als een blok aan hun been zagen. Ze verdienen grif geld aan de handel in certificaten, omdat ze nog steeds een overschot hadden en dat slim konden verhandelen op de markt.

Wat is de toekomst van het ETS

Met alle misstanden, de te lage prijs voor CO2-uitstoot en andere problemen lijkt het ETS na 16 jaar nog steeds niet te werken zoals bij de introductie bedoeld was. In de aankomende fase 4 van het systeem moet dat allemaal veranderen. De hoeveelheid CO2 die bedrijven ieder jaar uit mogen stoten wordt straks bepaald door de hoeveelheid CO2-certificaten die het jaar ervoor in omloop waren, en niet aan de hand van het aantal toegestane certificaten. Daardoor is de onbalans tussen uitstoot en vergunningen straks verleden tijd. Ook zal de hoeveelheid certificaten in omloop sneller afnemen, met 2,2 procent per jaar in plaats van 1,74 procent per jaar. Met deze twee maatregelen moet het ETS een echte stok achter de deur worden om de uitstoot in de EU terug te brengen.

Wat betekent het ETS voor mij?

De burger zelf is gevrijwaard van CO2-belastingen; alleen zwaar vervuilende bedrijven doen mee. Maar uiteindelijk kan de prijs van CO2 die bedrijven betalen doorberekend worden in de prijs van goederen zoals staal, of in de stroomprijs. Dat is alleen het geval als bedrijven op de oude voet doorgaan. Als ze vergroenen, bijvoorbeeld door over te stappen op duurzame energie, stoten ze minder CO2 uit en hoeven ze dus niet extra te betalen als CO2 uitstoten duurder wordt. Dat is het mechanisme waardoor het ETS uiteindelijk bedrijven duurzamer moet maken via marktwerking.

Uitspraak Raad van State vertraagt ontwikkeling wind op land

“Dat proces kost tijd en daarmee is er een risico dat de energietransitie wordt vertraagd”, schrijft de Nederlandse WindEnergie Associatie in een reactie. Ook vreest de organisatie voor financiële risico’s voor lopende projecten. Snelheid is dan ook geboden ‘zodat procedures voor nieuwe projecten geen lange en onnodige vertraging opleveren’.Zeven keer zoveelWindenergie op land is op dit moment een van de goedkoopste en meest efficiënte bronnen van duurzame elektriciteit. In totaal staan er op 1 januari 2021 op land en op zee 2.610 windmolens met een totaal vermogen van 6.719 megawatt. 4.278 megawatt daarvan staat op land. Het afgelopen jaar is de ontwikkeling van windenergie in een stroomversnelling gekomen. In 2020 is er 2.261 megawatt bijgebouwd, bijna zeven keer zoveel als een jaar eerder. De windturbines op land zijn nu samen goed voor een jaarlijkse productie van circa 11 terawattuur aan duurzame elektriciteit.Hoewel het sinds vorig jaar dus snel gaat loopt de ontwikkeling van windenergie in Nederland achter bij de oorspronkelijke ambitie. In het Energieakkoord uit 2013 was de doelstelling om 6.000 megawatt op land te realiseren in 2020. De teller is echter blijven steken op 4.278 megawatt. Geen van de individuele provincies heeft zijn doel voor 2020 gehaald. Wel wordt in 2021 nog eens naar verwachting 1.500 megawatt aan windvermogen in gebruik genomen, verdeeld over alle provincies."Dit gaat zeker vertraging opleveren"De vraag is welke gevolgen de uitspraak in de praktijk heeft voor de verdere ontwikkeling van wind op land. Het oordeel van de Raad van State stelt dat overheden de bestaande windturbinenormen niet mogen gebruiken voor windturbineparken totdat een milieubeoordeling is gemaakt. “Dat maakt het lastig om nog een vergunning te krijgen voor de ontwikkeling van een windmolenpark”, zegt bestuursrechtadvocaat Eline van Leeuwen. Namens advocatenkantoor Ploum staat zij bedrijven bij die windmolenparken ontwikkelen. “Dit gaat zeker vertraging opleveren voor de ontwikkeling van wind op land.”Toch betekent dat volgens de Raad van State niet dat er in de tussentijd geen nieuwe besluiten meer kunnen worden genomen over windmolenparken. De gemeenteraad kan bij een bestemmingsplan eigen normen stellen, maar moet dan wel uitleggen zolang die normen maar goed worden gemotiveerd voor het concrete bestemmingsplan. “Dat is een soort ‘escape’ voor gemeentes om toch een vergunning te kunnen verlenen. Maar die eigen normen moeten ook aan Europese regelgeving voor zaken als geluidshinder en veiligheid voldoen.”Veel onzekerhedenDaarmee komt de beoordeling van de normen dus op het bordje van de afzonderlijke gemeentes te liggen. Dat kan leiden tot verschillende normen in verschillende gemeentes. “Dit levert een hoop onzekerheid op voor windmolenparkontwikkelaars”, zegt Van Leeuwen. “Het gaat dan om windparken waarvoor nog geen vergunning is verleend of waar wel een vergunning voor is maar waar nog rechtsmiddelen tegen kunnen worden ingesteld.”Hoe lang de procedure van een milieubeoordeling duurt is onbekend, maar dit kan een proces van een jaar of langer zijn. Ook is nog niet gezegd of de normering voor geluid, slagschaduw en veiligheid ook daadwerkelijk onvoldoende is. Van Leeuwen: “Het kan ook zo zijn dat uit de milieueffectrapportage blijkt dat de normering uit het Activiteitenbesluit gewoon goed is en in stand kan blijven.” Wel zijn windturbines in de loop der jaren veel groter geworden, waarmee ook de milieueffecten zijn toegenomen. De kans dat er zwaardere normen gesteld gaan worden is dan ook reëel.Windmolens. We kunnen niet zonder ze, maar veel mensen willen niet want ze zijn lelijk en zorgen voor overlast. Maar het kan ook anders. Lees hier wat kunstenaars, ingenieurs en ontwerpers bedachten om een windmolen stiller en mooier te maken