Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 06 juni 2014, 16:18

Nederland koploper gebruik duurzame palmolie

Het aandeel duurzame palmolie dat de Nederlandse voedingsindustrie verwerkt, is gegroeid naar 61 procent in 2013. Nederland behoort daarmee tot de wereldwijde koplopers.

Palmolie800

In 2011 was het aandeel RSPO-gecertificeerde palmolie nog 30 procent en een jaar later al 53 procent. Dat bleek bij de presentatie van de derde jaarrapportage tijdens de Europese conferentie van de Roundtable on Sustainable Palm Oil (RSPO) in Londen. Dat meldt de website VMT voor de voedings- en drankenindustrie in Nederland en België.

Certificering

Voorzitter Eddy Esselink van de Nederlandse Task Force Duurzame Palmolie is trots op het resultaat. Volgens Esselink behoort de Nederlandse voedingsindustrie tot de koplopers. In het eerste kwartaal van 2014 was de groei in Nederland 38 procent ten opzichte van dezelfde periode in 2013. Dit is vergelijkbaar met de wereldwijde cijfers voor het eerste kwartaal.

De Task Force wil dat uiterlijk eind 2015 alle palmolie in Nederlandse voedingsmiddelenindustrie is gecertificeerd. De cijfers geven Esselink het vertrouwen dat die doelstellingen haalbaar zijn.

Bestuurslid Johan Verburg van de RSPO zet daar vraagtekens bij. Die laatste 40 procent is het moeilijkste, zegt hij. Hij verwacht dat het omslagpunt pas is bereikt als gecertificeerde palmolie de norm wordt.

Omstreden

De RSPO-certificering is overigens omstreden. Een certificaat geeft aan dat er geen bos is gekapt voor nieuwe palmolieplantages, maar geeft geen garanties voor bestaande palmoliebedrijven. Grote fabrikanten als Unilever, Mars, Ferrero en Danone leggen zichzelf strengere standaarden op dan die van de Roundtable. De multinationals stellen bovendien hogere eisen aan de bescherming van ecosystemen en sociale rechtvaardigheid.

Tijdens de conferentie bleek ook hoe ingewikkeld het proces is. De Indonesische vice-minister Bayu Krisnamurthi van Handel en de Europese ambassadeur Oegroseno zeiden dat de balans tussen verduurzaming en geld verdienen ontbreekt. In een interview met VMT dreigt Oegroseno de export van palmolie naar de Unie te staken vanwege de hoge importheffingen. Indonesië betaalt een tarief van €178 per ton palmolie.

Wat hem betreft zijn er voldoende alternatieve markten die de Indonesische producten willen kopen. En daarnaast verschilt de Indonesische certificering volgens de vice-minister nauwelijks van het oordeel van de RSPO.

Bron: VMT, Task Force Duurzame Palmolie, GreenBiz | Foto: Bongoman

4 duurzame bedrijven die de klant weer koning maken

“Bijna alles wat we doen is nieuw. We zijn er trots op dat we disruptive zijn.” Weinig bedrijven treden zo overtuigd buiten de gebaande paden als Tesla Motors, bedoelt Alex Frank, Customer Experience Manager bij de Amerikaanse fabrikant van elektrische auto’s. Maar welk zijpad Tesla ook bewandelt, de klant staat centraal. Zo werkt Tesla niet meer met dealers, maar verkoopt zijn auto’s direct aan klanten. Cut out the middle man. “We zijn heel beschermend met onze modellen en ons merk,” aldus Frank. “We hebben direct contact met onze klanten. Eigenaren van onze auto’s voelen zich daarom echt verbonden met Tesla. Ze begrijpen wat we doen en waarom we het doen.” Waarde toevoegen Het belang van waarde toevoegen voor de klant wordt geïllustreerd door vier succesvolle, duurzame ondernemingen. Deze vier bedrijven waren woensdag te gast bij Sustainability 24, een webcast waarmee adviesbureau Accenture poogt het debat rondom duurzaamheid verder te brengen. Het doel van Sungevity is om een "insane customer experience" te bieden. Zo is het doel van Roebyem Anders van Sungevity om een “insane customer experience” te bieden. Sungevity installeert zonnepanelen bij consumenten. “De ervaring moet zóveel indruk maken,” aldus Anders, “dat je het als klant wilt delen.” Het gevolg is dat sommige klanten van Sungevity 30 tot 40 andere klanten hebben aangedragen. Goed omgaan met je klanten levert omzet op. Kort Amerikaans Sungevity heette tot een recente overname nog gewoon Zonline, een jong bedrijf uit IJburg. Sungevity stamt uit Californië. Tesla, geboren in Silicon Valley, komt ook uit de VS. Is die enorme focus op de klant niet gewoon heel erg Amerikaans? Of is dat de nieuwe manier van zakendoen? Daan Weddepohl van Peerby beaamt echter het belang van de klant. Met zijn – volledig Nederlandse – bedrijf Peerby heeft hij een platform gecreëerd waar mensen spullen van elkaar kunnen lenen. Handig, als je even een boormachine of Polaroid-camera nodig hebt, maar er niet meteen één wil kopen. In duurzaamheidstermen betekent het vooral efficiënter omgaan met grondstoffen en energie. Over zes jaar heet de deeleconomie gewoon de economie. Peerby zet de klant ook centraal. “We proberen in alles uit te vinden wat het natuurlijke gedrag van de klant is.” Resultaat? In Amsterdam claimt Weddepohl een aanzienlijk succes: als gebruikers een item willen lenen komt in 85 procent van de gevallen een reactie. Weddepohl ziet dat deze deeleconomie binnen afzienbare tijd gewoon de economie heet. Wat is binnenkort? Over drie jaar? “Eerder over zes jaar,” lacht hij. Veilig delen Uiteindelijk leveren duurzame producten en diensten de waarde op die ze creëren. Boudewijn Mos levert met EcoChain, ook weer van Nederlandse bodem, simpel gezegd inzicht en transparantie. Bedrijven kunnen met de software van EcoChain de gehele milieu-impact van hun producten en diensten snel inzichtelijk maken. Deze duidelijke toegevoegde waarde heeft EcoChain klanten opgeleverd als Philips. “Het is als bedrijf heel belangrijk dat je de impact van je product of dienst kan laten zien,” aldus Mos. “Als je kunt  identificeren waar de grootste impact zit, kun je processen snel optimaliseren. En transparantie is ook steeds vaker een mogelijkheid om tenders te winnen. Klanten zoals overheden vragen er bijvoorbeeld naar.” Een verloren band Klanten vragen steeds vaker om duurzaamheid. Maar waarom wachten? Door proactief het contact met je klanten op te bouwen is een duurzaam verdienmodel veel sneller rendabel. Waarom stappen traditionele energiebedrijven niet massaal over op zonne-energie? Zo begrijpt Roebyem Anders van Sungevity niet waarom traditionele energiebedrijven niet massaal overstappen op zonne-energie. “Het is een geweldige manier om weer te verbinden met  klanten. Een zonne-installatie staat op een dak voor 25 jaar. Het is een langdurige, zekere relatie .” Ergens is het contact met de klant verloren geraakt. Duurzame bedrijven laten zien hoe belangrijk het is om die weer te herstellen. Foto: Lucas Rodríguez via Flickr.com