Fitria Jelyta 18 november 2015, 12:15

Differ opent Nederlands duurzaamste laboratoriumgebouw

Onderzoeksinstituut Differ opent op donderdag 19 november zijn nieuwe laboratoriumgebouw. Met een Breeam Excellent-certificaat heeft het instituut voor fundamenteel energieonderzoek Nederlands duurzaamste laboratorium.

Banner728x90

Het nieuwe laboratoriumgebouw van het Dutch Institute for Fundamental Energy Research (Differ) op de Technische Universiteit Eindhoven (TU/e) is ontworpen op energiezuinigheid. Zo beschikt het gebouw over 992 zonnepanelen op het dak, voldoende daglicht toetreding, driedubbel isolatieglas en een aansluiting op het warmtekoudeopslagsysteem in de bodem van het campusterrein.

Daarnaast zegt Differ de ecologische voetafdruk van de nieuwbouw te hebben beperkt door het gebruik van duurzame bouwmaterialen en het scheiden van bouwafval. Voor het duurzame gebouw ontvangt Differ het Breeam-NL Excellent-certificaat. Het instituut heeft naar eigen zeggen het duurzaamste laboratoriumgebouw van Nederland.

Duurzame stroom

In het nieuwe laboratoriumgebouw van Differ, het Nederlandse instituut voor fundamenteel energieonderzoek van de stichting Fundamenteel Onderzoek der Materie (FOM) en de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO), werken wetenschappers aan het omzetten van duurzame stroom in schone brandstof en aan het opwekken van energie uit kernfusie.

Op donderdag 19 november wordt het laboratorium geopend door staatssecretaris Sander Dekker van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en Ellen Williams, directeur van de Advanced Research Projects Agency-Energy (Arpa-E). 

Bron: Differ, Dutch Green Building Council | Foto: Differ (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)

Ketenpartijen maken plaatmateriaal uit rietafval mogelijk

De vier partijen willen het nieuwe, duurzame product op de markt brengen. Het recyclebare plaatmateriaal van riet is geschikt voor in de bouw, als alternatief voor hout bij keuken- en meubelfabricage, en als vervanger voor spaanplaat of MDF.InkomstenOverjarig riet uit de natuurgebieden van Natuurmonumenten wordt elke drie tot zes jaar geoogst. De afvoer van het maaisel brengt nu hoge kosten met zich mee. Om het maaisel niet tot een kostenpost, maar juist tot een bron van inkomsten te maken, werkt Natuurmonumenten samen met DSM, Wageningen UR en Compakboard. De opbrengst van het rietafval kan de natuurorganisatie weer investeren in de natuurgebieden.In het project zijn de partijen in de hele keten van grondstof tot productieproces en eindproduct aan elkaar gekoppeld. DSM ontwikkelt samen met de Wageningen UR Food & Biobased Research een innovatieve, op biomassa gebaseerde hars, die een sterke plaat garandeert en geschikt is om het riet in de plaat te binden. Compakboard wil zijn huidige grondstoffenaanbod, van bijvoorbeeld stro uit de landbouw, verbreden met riet.“Ik ben er trots op dat het ons gelukt is om alle partijen in de keten bij elkaar te brengen en zo kansen te creëren die bijdragen aan een verdere verduurzaming van de economie”, zegt directeur Atzo Nicolaï van DSM. BiomassaDSM en Natuurmonumenten sloegen in december 2013 de handen ineen en zijn in hun netwerken actief op zoek gegaan naar verbindingen met afnemers die interesse hebben in de opwaardering van biomassa.“Mooi dat er vanuit een groene grondstof uit onze gebieden een recyclebare plaat gemaakt kan worden”, zegt directeur Marc van den Tweel van Natuurmonumenten: “Als het lukt om ons overjarig riet zo te verwerken, levert het een wezenlijke bijdrage aan een betere, duurzamere circulaire economie en leefomgeving waar mens, plant en dier elkaar versterken.”Bron: DSM | Foto: E. Dronkert, Creative Commons (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)