Britt van den Elshout 09 april 2018, 17:20

Duurzaam wonen in het hoogste houten gebouw van Nederland

Zeer duurzaam bouwen met een luxueuze uitstraling, dat is het uitgangspunt van het bouwproject HAUT. De woontoren krijgt een grotendeels houten constructie en heeft het hoogst haalbare duurzaamheidscertificaat van BREEAM-NL gekregen. Ontwikkelaar Lingotto is initiatiefnemer van het project.

2 lingotto haut secundary image balcony by teamv

Toen de gemeente een prijsvraag uitschreef voor het ontwerpen van een duurzaam woongebouw aan de Amstel, was ontwikkelaar Lingotto meteen geïnteresseerd. “In het ontwerp konden er punten worden gescoord voor duurzaamheid”, vertelt Thijs Croon, projectontwikkelaar van Lingotto. “We waren hierdoor getriggerd en zo ontstond het idee om een luxe woongebouw te maken, dat tegelijkertijd heel duurzaam is.”

In samenwerking met Team V Architectuur en ARUP resulteerde dit in een ontwerp van een houten gebouw met 21 verdiepingen. Oftewel: het hoogste houten gebouw van Nederland.

De duurzaamheid van het gebouw

Naast het duurzaamheidscertificaat van BREEAM in Nederland, heeft HAUT een internationale BREEAM Award gewonnen voor het beste woongebouw. BREEAM staat voor Building Research Establishment Environmental Assessment Method en is een beoordelingsmethode om de duurzaamheidsprestatie van gebouwen te bepalen. Het wordt in verschillende landen gebruikt, waaronder Duitsland, Zweden, Noorwegen en Engeland.

'De locatie en de ondergrondse situatie hebben het bouwen met hout bemoeilijkt bij dit project'

De duurzaamheid en circulariteit van het gebouw zitten voornamelijk in het gebruik van hout. “In de dertig jaar tijd dat een boom groeit, wordt er CO2 opgeslagen”, legt Croon uit. “Op het moment dat het hout bij ons aankomt, heeft het dus ontzettend veel CO2 opgenomen in plaats van uitgestoten. Verder wordt de houten constructie gemakkelijk in elkaar geschroefd en kun je hem in de toekomst weer demonteren en opnieuw gebruiken.”

Beperkingen van bouwen met hout

Hout als bouwmateriaal heeft dus een zeer positieve invloed op het milieu, maar het zorgt ook voor de nodige complicaties. “De stijfheid van het gebouw was het lastigste onderdeel. We hebben dit deels weten op te lossen door gebruik te maken van kruislaaghout (CLT). Dit is een redelijk jonge techniek waarbij lagen hout kruislings op elkaar zijn gelijmd. Dat maakt het hout zeer sterk waardoor de wanden en vloeren dragend kunnen zijn.”

Echter, nog niet sterk genoeg om een woongebouw van twintig verdiepingen te realiseren. Om het gebouw even sterk als reguliere gebouw te maken, moet er toch beton aan te pas komen. “In het eerste schetsontwerp was de constructie volledig van hout. Toen bleek dat dit niet haalbaar zou zijn op deze locatie en met deze vorm, is er uiteindelijk gekozen voor een betonnen kern in het gebouw waar de liften in zitten. Ook de ondergrondse parkeergarage, de begane grond en de 1e verdieping worden gebouwd van beton. Vanaf de 1e verdieping gaan we over op een houtconstructie.”

Verder heeft bouwen met hout ook gevolgen voor de kostprijs. “Het gebouw is nu circa 20 procent duurder dan wanneer het van beton was gebouwd”, stelt Croon. “De locatie heeft het bouwen met hout echter ook bemoeilijkt bij dit project. De kavel was bijvoorbeeld zo gevormd dat we er een asymmetrisch gebouw van moesten maken, er ligt een dijk onder ons gebouw waar we niet aan mochten komen en de windbelasting is op deze plek erg hoog. Als we eenzelfde soort gebouw op een kavel moeten bouwen met een eenvoudigere ondergrondse situatie, dan zouden de kosten al een stuk lager liggen. Ook zou er dan geen bovengronds beton nodig zijn.”

BREEAM

Nog niet veel Nederlandse gebouwen dragen het hoogste duurzaamheidslabel van BREEAM-NL. HAUT is zelfs het eerste woongebouw dat dit Outstanding Ontwerpcertificaat in ontvangst heeft mogen nemen. In Nederland wordt in kaders van duurzaamheid vaak gesproken over de Energieprestatiecoëfficiënt (EPC). De EPC berekent het energieverbruik van een gebouw. Wanneer de EPC van een woning nul is, dan stoot het gebouw evenveel energie uit als dat het opwekt. Op dit moment is de norm voor nieuwbouwwoningen gesteld op 0.4.

Croon: “Wij hebben ons bij het ontwerp met name gefocust op BREEAM. Natuurlijk hebben we ook gekeken naar de EPC, het gebouw stoot weinig uit en wekt zelf energie op, maar BREEAM gaat veel verder dan dat. Waar de EPC pas wordt gemeten vanaf het moment dat het gebouw staat, begint BREEAM al voor de bouwfase. Zo zijn er ontzettend veel punten waar je aan moet voldoen, waaronder duurzaam en veilig bouwen, afvalscheiding, materiaalkeuze en communicatie met de buurt.”

‘We hebben ook gekeken naar esthetische aspecten’

Hoewel HAUT meerdere kwalificaties van BREEAM heeft ontvangen, is het gebouw nog niet het toppunt van duurzaamheid. “We hebben ook gekeken naar esthetische aspecten”, legt Croon uit. “Er is gekozen om de gevels volledig van glas te maken en dat is niet de meest milieuvriendelijke optie. Glas produceren kost veel energie en leidt tot CO2-uitstoot. Daarnaast laat glas zon binnen waardoor het gebouw opwarmt en vervolgens weer gekoeld moet worden.”

'Bij kantoorgebouwen is een houtconstructie wellicht makkelijker toe te passen dan bij woongebouwen'

Wel heeft Lingotto de keuze gemaakt voor triple glas dat zeer goed isoleert. “De focus ligt uiteraard op duurzaamheid, maar we hebben soms keuzes gemaakt. Het uitzicht op de Amstel vonden we op deze plek ook belangrijk.”

Bij een groot deel van het ontwerp is echter wel gekozen voor de meest duurzame opties. Het gebouw maakt bijvoorbeeld gebruik van slimme en milieuvriendelijke installaties. Zo gaat de ventilatie uit wanneer de bewoners niet aanwezig zijn en zullen de zonneschermen zakken als de zon schijnt. “In de appartementen komen ook meters te hangen waarop mensen hun energieverbruik kunnen zien. Zo proberen we bewoners bewust te maken en ze te stimuleren om minder energie te verbruiken.”

Wonen in een houten toren

De houten constructie zal bijna niet zichtbaar zijn aan de binnen- en buitenkant van het gebouw. De wanden worden afgedekt met gipsplaten, op de vloeren komt een dun laagje beton en de gevels worden afgewerkt met glas, steen en zonnepanelen.

“De gipsplaten zijn nodig voor de geluidsdemping en de brandveiligheid. Verder is het laagje beton ook nodig om geluid tegen te houden en om leidingen in te storten. De plafonds blijven wel van hout. Naast dat deze opties technisch noodzakelijk waren, vonden wij het esthetisch ook een mooie combinatie.”

De indelingsvrijheid van de appartementen is wel lager. Het kruislaaghout is zeer sterk, maar niet even sterk als beton of staal. Hierdoor zijn er meer dragende houten wanden nodig op specifieke plekken in de appartementen. Ook de keuze voor grote glazen gevels heeft bijgedragen aan de komst van meer wanden. Met dit aspect zullen toekomstige bewoners dus rekening moeten houden.

Over de duurzaamheidsvisie van de toekomstige bewoners durft Croon nog geen uitspraak te doen. In juni zullen de appartementen in de verkoop gaan en dan zal Lingotto in contact komen met de potentiële kopers. “Ik denk toch dat veel mensen uiteindelijk kiezen voor HAUT dankzij de plek en het uitzicht. Dat het ook nog duurzaam blijkt te zijn, is een extraatje, al zal het uiteindelijk wel meespelen in het onderbuikgevoel van de kopers.”

De toekomst van houtconstructies

Croon verwacht in de toekomst wel meer houten gebouwen in Nederland. “Je ziet dat er door het project meer aandacht is voor bouwen met hout. De innovatie in de bouwwereld gaat echter niet bepaald hard, dus het zal wel tijd nodig hebben. Bij kantoorgebouwen is een houtconstructie wellicht makkelijker toe te passen dan bij woongebouwen. De akoestische eisen zijn bij kantoorgebouwen namelijk veel lager. Hout isoleert geluid minder goed, waardoor er zeker bij woningen extra maatregelen genomen moeten worden.”

In september start de bouw en Lingotto verwacht dat het project twee jaar duurt. Er worden 52 appartementen in het gebouw gerealiseerd, waarvan 70 procent duurder zal zijn dan € 1 mln. Of Lingotto van plan is om meer projecten met een houten constructie te bouwen, kan Croon nog niet zeggen. “We willen eerst onze beloften waarmaken met dit project en zullen dan verder kijken. We zijn echter wel bewust geworden van de mogelijkheden van bouwen met hout, dus ik sluit zeker niet uit dat we het in de toekomst opnieuw zullen doen.”

Lees ook:

Foto's: Lingotto

Offshore windmolens die langer meegaan én bijdragen aan het ecosysteem

Het innovatiekavel Borssele V is een proefgebied op zee om nieuw ontwikkelde technieken voor windmolens in de praktijk te testen en te demonstreren aan windparkbouwers wereldwijd. De overheid wil hiermee een bijdrage leveren aan het goedkoper maken van de bouw van windparken op zee en de concurrentiepositie van Nederland verbeteren. De inschrijving vond plaats in januari en afgelopen weekend werd bekend dat Two Towers het windmolenpark mag verzorgen. Borssele V is onderdeel van Windpark Borssele, dat bestaat uit meerdere offshore windparken. Inmiddels zijn er vergunningen voor vijf offshore kavels: Borssele I tot en met V. De eerste vier kavels zijn al uitbesteed aan verschillende bedrijven. Alle windparken worden gebouwd op 22 kilometer van de Zeeuwse kust.Langere levensduur en lagere kostenDe windmolens van Two Towers hebben een innovatief montagesysteem tussen de mast en de fundering, die de bouw van de molens makkelijker en goedkoper maakt. Daarnaast zorgt een verbeterde coating ervoor dat de windmolens langer meegaan en minder onderhoud nodig hebben. De coating is een op aluminium gebaseerde bescherming en zal corrosie op een efficiënte en milieuvriendelijke manier bestrijden. Beide innovaties zorgen voor een langere levensduur en minder kosten.Verbetering van het ecosysteemDoor de afwezigheid van bodemverstorende activiteit kunnen zich in de buurt van de windmolens nieuwe ecosystemen ontwikkelen. Zo zorgt de bouw van de windmolens er bijvoorbeeld voor dat er niet meer wordt gevist met sleepnetten. Om het ecosysteem extra te stimuleren worden er op het innovatiekavel oesterbanken aangelegd. Deze voorkomen erosie van de bodem en dragen bij aan het herstel van het ecosysteem in de Noordzee. De oesterbanken zullen dan ook niet worden geoogst.Lees ook: Groningen is blij met plannen voor windpark boven de Wadden​Consortium Two TowersTwo Towers is een samenwerking tussen Van Oord, Investri Offshore en Green Giraffe Holding. Voor het testen van de innovaties krijgt Two Towers een innovatiesubsidie van maximaal € 15 mln en voor de geleverde stroom geldt een maximale subsidie van € 35 mln. Naar verwachting zullen de windmolens op Borssele V vanaf 2021 voldoende stroom leveren voor ruim 25.000 huishoudens.Lees verder:Kabinet maakt drie nieuwe locaties voor offshore windparken bekend​ 'Verdere kostendaling mogelijk voor windenergie' GE ontwikkelt offshore windturbine van 260 meter hoog Foto: Adobe Stock