Rianne Lachmeijer 22 juni 2019, 11:09

Hoe SDG’s invulling krijgen in de vastgoedsector

Een einde maken aan klimaatverandering, armoede en ongelijkheid; dat zijn de duurzame ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties in een notendop. Deze doelen worden vaak afgekort met de Engelse afkorting SDG’s. Bedrijven uit verschillende sectoren onderschrijven de doelen, zo ook bedrijven uit de vastgoedsector. Hoe worden de SDG’s daar toegepast?

Deltaplan vastgoed

Tijdens een SDG Seminar georganiseerd door het Dutch Green Building Council (DGBC) is dat één van de vragen die op de agenda staat. Onder andere nationaal SDG-coördinator Hugo von Meijenfeldt, Carola van Lamoen van Robeco, Nicole Maarsen van Syntrus Achmea en Onno Dwars van Ballast Nedam Development delen hun visie in korte presentaties.

SDG’s: Een complete mix

Volgens Hugo von Meijenfeldt hebben de regeringsleiders van 193 landen met de zeventien SDG’s en 169 subdoelen een complete mix van people, planet en profit doelen vastgesteld. Deze bieden houvast. Zowel binnen als buiten de landsgrenzen redeneren overheden en maatschappelijke partijen vanuit de doelen.  

“Eindelijk hebben we een gemeenschappelijke taal om over die grote gebieden te praten”, is een reactie die Von Meijenfeldt vaak hoort. Tegelijkertijd is het voor individuele bedrijven soms lastig om concreet invulling te geven aan de doelen.

Lees ook dit interview met Hugo von Meijenfeldt over de kansen van de SDG's voor het bedrijfsleven.

SDG’s in de vastgoedsector

In de presentaties valt op dat verschillende doelen uitgelicht worden voor de vastgoedsector. Zo noemt Van Lamoen duurzame ontwikkeldoelen zeven en dertien als belangrijkste doelen voor de vastgoedsector: betaalbare en duurzame energie en klimaatactie.

Dwars geeft voorbeelden van de doelen drie, negen, elf, twaalf en zeventien: goede gezondheid en welzijn; industrie, innovatie en infrastructuur; duurzame steden en gemeenschappen; verantwoorde consumptie en productie en partnerschap om doelstellingen. Hij benadrukt dat Ballast Nedam Development niet bewust kiest voor een paar SDG’s, maar zich laat inspireren op alle thema’s om stappen te maken.

Het lijstje van Maarsen lijkt op de lijst van Dwars, alleen noemt zij in plaats van doel negen, doel zeven: betaalbare en duurzame energie. En op termijn wil Maarsen proberen alle duurzame ontwikkelingsdoelen aan projecten te koppelen.

Luister hier de podcast met Onno Dwars over de verduurzaming van de gebouwde omgeving.

SDG’s in de praktijk

Zowel Maarsen als Dwars geven voorbeelden van hoe zij de duurzame ontwikkelingsdoelen in projecten hebben toegepast. Maarsen vertelt dat Syntrus Achmea als vermogensbeheerder voor 63 pensioenfondsen belegt in vastgoed: “Waarvan de helft in stenen en de andere helft in hypotheken. En een aandeel daarvan is internationaal.”

'Voor ons gaat het om: Wat willen we wel' 

Veel beleggers hanteren een uitsluitingsbeleid door bijvoorbeeld niet te beleggen in wapens, kolen of tabak, maar Syntrus Achmea wil met de duurzame ontwikkelingsdoelen als leidraad ook kijken naar waar ze juist wel in wil beleggen. “Voor ons gaat het om: Wat willen we wel.” Maarsen verwacht dat met een positieve insteek meer mensen een bijdrage willen leveren aan de invulling van de duurzame ontwikkelingsdoelen.

Syntrus Achmea begon met de uitwerking van de doelen drie, zeven, elf, twaalf en zeventien aan de hand van voorbeeldprojecten, die zij vervolgens voorlegde aan de pensioenfondsen. Bijvoorbeeld doel elf: duurzame steden en gemeenschappen. Een project dat volgens Maarsen aansluit bij dat doel bevindt zich in de rosse buurt in Amsterdam. Vastgoed wordt opgekocht, opgeknapt en verhuurd aan mensen met middeninkomens zoals brandweerpersoneel en leraren. Een groep die nu moeilijk aan huisvesting komt in de hoofdstad. Een bijkomend voordeel is dat de buurt verbetert door de komst van de nieuwe bewoners.

Eén SDG, verschillende invullingen

Zowel Syntrus Achmea als vastgoedontwikkelaar Ballast Nedam Development hebben SDG 3 uitgewerkt: goede gezondheid en welzijn. In het project van Syntrus Achmea ligt de nadruk op vergrijzing en zelfredzaamheid, terwijl Ballast Nedam Development inzet op luchtzuivering.

Bij het project De groene loper in Maastricht vangt Ballast Nedam Development fijnstof af. “Niet omdat het moet van iemand, maar omdat we zien dat er enorme kansen zijn”, vertelt Dwars. Die kansen ziet hij bijvoorbeeld voor andere verstedelijkte gebieden zoals Amsterdam en Rotterdam, vanwege de gezondheidsproblemen die fijnstof kan opleveren. “Er zijn levensjaren te winnen.”

Hij pleit voor meer aandacht voor de gezondheidsrisico’s van vervuiling. Bijvoorbeeld door in de gesprekken over het klimaatakkoord niet te focussen op de kosten, maar wat het oplevert. “Stel dat we zeggen: Het klimaatakkoord gaat ertoe leiden dat we allemaal vijf jaar langer leven, dan hebben we een heel ander handelsperspectief.” Net als Maarsen verwacht hij dat een positieve insteek motiveert: “dan zullen we veel sneller gaan.”

De link tussen de praktijk en de SDG’s

Uit de zaal reageert Mariëlle van Spronsen van PostNL op het verhaal van Maarsen. “Ik zie persoonlijk niet de relatie tussen deze projecten, die supermooi zijn en goed zijn voor de Nederlandse maatschappij, en de oplossing van de Sustainable Development Goals.” Als voorbeeld geeft zij doel drie: goede gezondheid en welzijn. De eerste drie subdoelen die onder SDG 3 vallen gaan over het verminderen van moedersterfte, het voorkomen van vermijdbare overlijdens van pasgeborenen en kinderen onder de vijf jaar en een einde maken aan epidemieën, zoals aids.

“Je slaat de spijker op de kop”, zegt Maarsen. Zij wijst erop dat voor vastgoed geen meetbaarheidstools bestaan voor SDG 3. Alleen het hebben van een zorgfonds, dat Syntrus Achmea heeft, valt eronder. Maarsen trekt het SDG daarom graag breder, zodat Syntrus Achmea het kan toepassen in de praktijk.

Overigens is het afvangen van fijnstof, zoals Ballast Nedam Development doet, wel te scharen onder één van de subdoelen, namelijk doel 3.9. Dat doel staat voor het tegen 2030 aanzienlijk verminderen van het aantal sterfgevallen en ziekten als gevolg van gevaarlijke chemicaliën en de vervuiling en besmetting van lucht, water en bodem.

Vastgoedsector moet aan de slag

Ondanks de verschillende focuspunten in de presentaties zijn de sprekers het erover eens dat de vastgoedsector aan de slag moet. Dat begint bij kennis over de duurzame ontwikkelingsdoelen, want Von Meijenfeldt noemt in zijn presentatie dat vergeleken met andere sectoren vastgoedondernemers minder bekend zijn met de SDG’s.

'Er zijn best wel veel ideeën die je morgen al concreet kunt maken'

Zonde, want de overheid heeft de hulp van alle segmenten van de samenleving nodig om deze te halen. “Als overheid kunnen wij het niet alleen, het bedrijfsleven kan het niet alleen, het maatschappelijk middenveld kan het niet alleen, de jongeren kunnen het niet alleen.”

Lamoen wijst erop dat de vastgoedsector verantwoordelijk is voor circa 40 procent van de CO2-uitstoot en ook Maarsen benadrukt de milieu-impact van de sector. “Vastgoed is super vervuilend, dus als je wat doet kun je al snel impact hebben.” Daarom pleit zij voor actie. “Er zijn best wel veel ideeën die je morgen al concreet kunt maken.”

Lees ook: Hoe ASN Beleggingsfondsen de duurzame ontwikkelingsdoelen in haar beleggingsbeleid vertaalt

Hoofdafbeelding: Adobe Stock

Van transport tot energievoorziening: 5 keer waterstof

EnergievoorzieningIn de energievoorziening kan waterstof een belangrijke rol spelen. Als er teveel duurzame energie opgewekt wordt, bijvoorbeeld omdat er weinig vraag is, gaat de energie verloren. Door de energie in een power-to-gas installatie om te zetten in waterstof, kan het opgeslagen worden, in vloeibare vorm of als gas. Als er op een later moment veel vraag is, kan de waterstof weer worden omgezet in energie. Gasunie opent in Groningen binnenkort een power-to-gas installatie om de energie van 5.000 zonnepanelen om te zetten in waterstof.Gebouwde omgevingVoor de verwarming van woningen en gebouwen zijn we nu nog vooral afhankelijk van aardgas. Binnen afzienbare tijd gaat de gaskraan in Groningen dicht en moeten alternatieven gevonden worden. Waterstof wordt gezien als een mogelijk alternatief. Onderzoeksbureau Kiwa concludeerde in 2018 dat het huidige gasnet met eenvoudige aanpassingen geschikt gemaakt kan worden voor het transport van waterstof. Op dit moment wordt de toepassing van waterstof als verwarming van woningen getest in een appartementencomplex in het Zuid-Hollandse Rozenburg. Om waterstof te kunnen gebruiken, moeten de verwarmingsketels aangepast worden.IndustrieIn de industrie is de toepassing van waterstof al geen noviteit meer. Onder andere in olieraffinaderijen wordt (grijze) waterstof gebruikt voor de productie. Olieconcern BP gebruikt in een raffinaderij in Rotterdam nu grijze waterstof om het zwavelgehalte in rookgassen te verminderen. Met chemieconcern Nouryon en het havenbedrijf wordt nu onderzocht of hiervoor ook groene waterstof gebruikt worden. De energie voor de  waterstof komt van windparken in de Noordzee. In de staalindustrie kan groene waterstof ook mogelijk een rol spelen om de productie te verduurzamen. Staalgigant Arcelor Mittal gaat in Hamburg een fabriek bouwen waarin waterstof gebruikt wordt om direct-gereduceerd ijzer te produceren. In de fabriek wordt nu ijzer geproduceerd door ijzererts te laten reageren met gas of steenkool.In Zweden werken energiebedrijf Vattenfall, staalbedrijf SSAB en mijnonderneming LKAB ook aan een fabriek die staal op basis van waterstof moet gaan produceren. Uit een haalbaarheidsonderzoek blijkt dat de fabriek de CO2-uitstoot van Zweden met tien procent kan verlagen.MobiliteitWaterstof kan gebruikt worden om voertuigen met een brandstofcel aan te drijven.  In en rond de stad Groningen rijden al sinds 2016 bussen op waterstof. Vervoerder QBuzz rijdt nu met 22 bussen; de provincie wil dat aantal uit laten breiden naar 32. Treinen op waterstof rijden op dit moment al in Duitsland. Het Verenigd Koninkrijk heeft ook plannen om treinen op waterstof te laten rijden.De markt voor personenauto's op waterstof is nog erg klein. Er zijn weinig tankstations om waterstof te tanken en ook weinig automerken die een auto op waterstof aanbieden. Op dit moment zijn alleen de Toyota Mirai en Hyundai Nexo (foto) verkrijgbaar als waterstofauto. Tanken kan op dit moment slechts op vier plaatsen in Nederland. Diverse bedrijven en oliemaatschappijen bouwen de komende jaren extra tankstations. TransportOok bij de trucks zijn het Hyundai en Toyota die het voortouw nemen. Hyundai presenteerde in september 2018 een waterstoftruck en maakte dit voorjaar bekend 1.000 trucks te gaan leveren voor de Zwitserse markt. Toyota test in de Verenigde Staten samen met vrachtwagenbouwer Kenworth een waterstoftruck. Van deze truck worden tien exemplaren gebouwd. De concurrentie voor Hyundai en Toyota lijkt vooral te moeten komen van het relatief jonge Amerikaanse merk Nikola, dat drie waterstoftrucks op de markt gaat brengen.De meeste vrachtwagens die nu op waterstof rijden, worden door een ander bedrijf dan de oorspronkelijke truckbouwer omgebouwd. Zo bouwt het Brabantse bedrijf E-Trucks Europe vrachtwagens om naar een aandrijving op waterstof. Onder andere in Groningen en Breda rijden vrachtauto’s die door het bedrijf omgebouwd zijn.VDL Groep ontwikkelt voor elektrische trucks een ‘waterstof range extender’, waarbij een brandstofcel met waterstof elektriciteit produceert. De elektriciteit kan vervolgens worden opgeslagen in de batterijen van de trucks, waardoor zij langer kunnen blijven rijden.Schepen op waterstof zijn op dit moment nog nauwelijks voorhanden. De Franse Energy Observer is één van de weinige schepen die op dit moment deels op waterstof vaart. De catamaran  wordt primair aangedreven door zonne-energie en windenergie. Een elektrolyser aan boord produceert waterstof uit de duurzaam opgewekte energie, zodat het schip kan blijven varen als de zon niet schijnt of het niet waait.Een onderzoeksgroep van 65 Nederlandse en Duitse organisaties concludeerde eind vorig jaar nog dat waterstof voor de binnenvaart een veelbelovende optie is. Kanttekening daarbij is wel dat er één uniforme opslagmethode voor de energiedrager moet zijn.Deze week besteedt DuurzaamBedrijfsleven extra aandacht aan waterstof. Houd onze website in de gaten voor meer artikelen.Bron: VDL Groep | Hoofdafbeelding: Adobe Stock | Afbeeldingen in tekst: Hyundai, Energy Observer