Rianne Lachmeijer 19 december 2022, 09:00

Manager Nationale-Nederlanden over brandgevaar elektrische voertuigen: “We schieten niet in de paniekstand, maar proberen ervan te leren”

Bedrijven en consumenten stappen steeds vaker op elektrische fietsen, scooters en (bezorg)wagentjes. Logisch, want deze kleine elektrische voertuigen manoeuvreren makkelijker door de stad en zijn ook nog eens lekker snel. Marktkenner Michele Masson van verzekeraar Nationale-Nederlanden denkt dat de groei nog wel even doorzet. Dat is goed nieuws voor de luchtkwaliteit in steden. Maar er is ook een keerzijde. Als deze light electric vehicles (LEV’s) in brand vliegen kan de schade groot zijn. Hoe vallen deze voertuigen – ondanks de risico’s – toch te verzekeren?

Adobe Stock man met helm maakt dozen vast in zijn cargo bike Bedrijven en consumenten stappen steeds vaker op elektrische fietsen, scooters en (bezorg)wagentjes. | Credits: Adobe Stock

“We schieten niet in de paniekstand, maar proberen ervan te leren”, legt Joeri Jedeloo van Nationale-Nederlanden uit. Als senior-manager Product, Pricing & Expertise onderzoekt hij samen met collega’s hoe elektrische fietsen, scooters en kleine bezorgwagentjes verzekerbaar worden en blijven. Zo overweegt de verzekeraar rijvaardigheidstrainingen voor fietskoeriers te organiseren en geeft het bedrijf preventiefolders uit. “Het grote risico is de batterij.”

Branden door ontvlammende accu’s

In New York – waar bezorgers massaal gebruikmaken van elektrische bezorgfietsen – veroorzaakten ontvlammende accu’s van e-bikes dit jaar al ongeveer tweehonderd branden, met zes doden tot gevolg. Dat schreef Het Parool vorige maand. In Nederland liggen de brandcijfers lager. Volgens de veiligheidsregio’s moest de brandweer tot oktober dit jaar 73 keer uitrukken voor een brand met een elektrisch voertuig. Over het hele jaar 2021 kwam de teller op 65 uit. Maar als het aantal elektrische voertuigen op de Nederlandse wegen toeneemt, zal het risico op (brand)schades ook toenemen.

Jedeloo somt de risico’s moeiteloos op. Zo is het belangrijk dat de originele opladers worden gebruikt, mensen hun elektrische voertuig vakkundig laten repareren en dat de batterij van een elektrische brommer of scooter na een ongeluk wordt nagekeken. Ook als het voertuig amper beschadigd lijkt en nog prima rijdt. “Als je een van die zaken niet goed op orde hebt dan is de kans op brand wel groot.”

Zoveel mogelijk verzekeren

Ondanks de risico’s wil Nationale-Nederlanden kleine elektrische voertuigen zoveel mogelijk verzekeren. Zo is de elektrische vrachtfiets – jargon voor de elektrische fiets van een fietskoerier – gedekt vanuit de aansprakelijkheidsverzekering van bedrijven. De elektrische bromfiets verzekert Nationale-Nederlanden nog niet. “Maar daar zijn we wel naar aan het kijken.” En de kentekenplichtige light electric vehicles (LEV’s) met een maximumsnelheid van 45 kilometer per uur? “Die zijn bij ons van harte welkom”, aldus Jedeloo. “Wij proberen vooral te kijken naar hoe het wel kan in plaats van hoe het niet kan. We kunnen wel alles afwijzen, maar daarmee helpen we de energietransitie niet.”

Minder CO2-uitstoot

“Mobiliteit zorgt voor 25 procent van de CO2-uitstoot”, voegt Michele Masson toe. Aangezien Nederland in het Klimaatakkoord heeft vastgelegd dat we de CO2-uitstoot willen verminderen, verwacht zij dat het aantal elektrische voertuigen alleen maar verder zal stijgen. “Men wordt natuurlijk ook een beetje gedwongen, omdat we straks in dertig steden emissieloze zones hebben. Dat is al over acht jaar.” Masson onderzocht de trends in de markt. “Er is de laatste vijf jaar een verviervoudiging van elektrische voertuigen geweest en specifiek voor de ‘LEV-jes’ gaat het om een verdrievoudiging.”

Steeds meer elektrische voertuigen

Niet alleen in steden neemt het aantal elektrische voertuigen toe, maar ook op het platteland. Zo ziet Nationale-Nederlanden steeds vaker elektrisch-aangedreven agrarische werkmachines of fossiele voertuigen die worden omgebouwd naar elektrisch. “Dan kijken we natuurlijk wel goed naar de risico’s om te bepalen of dat op een goede en zorgvuldige manier is gebeurd”, benadrukt Jedeloo.

Ook dit soort voertuigen wil Nationale-Nederlanden verzekeren. “We laten ons graag uitdagen dus als er een nieuw type elektrisch voertuig ontstaat dan kan men dat zeker bij ons aandragen. Dan gaan we er met onze experts multidisciplinair naar kijken om te bepalen wat er mogelijk is. Zo hebben we laatst een grote vrachtwagen die volledig was omgebouwd tot elektrische vrachtwagen weten te verzekeren”, zegt Jedeloo trots.

Hoe meer omgebouwde vrachtwagens, elektrische kinderopvangbakfietsen, bezorgdienstkarretjes, en elektrische fietskoeriers, hoe beter vinden Masson en Jedeloo. Zij zien de toename van dit soort kleine elektrische voertuigen als een goede ontwikkeling. Jedeloo: “De uitstoot is veel minder, de leefomgeving wordt er gezonder van en de lawaaioverlast is lager. Dus het is echt een goede ontwikkeling die we van harte toejuichen.”

Lees ook: Aantal branden in elektrische auto’s neemt toe: zo voorkom je dat het uit de hand loopt

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.

7 gewassen die we in Nederland meer zouden moeten telen

In de akkerbouw neemt de teelt van eiwitrijke gewassen dan ook voorzichtig toe: in 2022 was het 1 procent meer dan in 2021, berekende het CBS. Vooral soja wordt in Nederland meer verbouwd dan het jaar ervoor. Maar er zijn ook een hoop vergeten groenten of exotische gewassen die heel goed gedijen in de Nederlandse bodem, voedzaam zijn en ook nog eens stikstof binden. Vooral vergeten bonensoorten, zogenaamde vlinderbloemige eiwitgewassen, hebben al die voordelen. Koop Nederlandse waar Alleen de boeren moeten er wel rond van kunnen komen. Volgens Henk Janknegt, voorzitter van de producentenorganisatie eiwitboeren, is het daarom belangrijk dat de consument producten koopt die in Nederland geteeld worden. “Remkes zei het mooi: Koop Nederlandse waar, dan helpen wij elkaar”, zegt Janknegt. “We hebben last van concurrentie op prijs uit het buitenland. Wij zijn daarom in gesprek met afnemers, klanten en de overheid, om te zorgen voor meer bewustwording. De boer kan het telen, maar er moet wel vraag naar zijn, anders brengt het niets op.”Dit zijn de 7 gewassen die we in Nederland meer zouden moeten telen: VeldbonenVroeger werden er in Nederland veel veldbonen geteeld. Logisch, zegt Janknegt. “Het is makkelijk te telen en doet het goed op bijna alle Nederlandse grond.” Maar in de jaren ’90, na het sluiten van het Blairhouse akkoord, is de teelt ervan financieel gezien niet meer lonend, omdat eiwitten over de hele wereld zonder heffing de Europese Unie mocht worden geïmporteerd. Nu maakt de veldboon weer voorzichtig een comeback. Omdat de boon vol eiwitten zit, goed is voor de biodiversiteit en de bodemstructuur verbetert. Het wordt nu veel gebruikt als veevoer, maar de veldboon doet het ook goed als ingrediënt voor de vegaburger.Kidneybonen"Alle soorten bonen groeien hier graag", zegt Janknegt. "Vuurbonen, kievietsbonen, kidneybonen", somt hij op. Kidneybonen doen het hier inderdaad goed, zo blijkt uit een proef van Hak. In Zeeland worden normaal veel bruine bonen geteeld. En als de grond en het klimaat goed genoeg is voor de bruine boon, is hij ook goed genoeg voor de kidneyboon, bleek uit de proef. Nu hoeft Hak de kidneybonen niet meer uit Canada te importeren, maar komen ze gewoon uit Nederland.LupinePeulvrucht lupine zit bomvol vitamines en mineralen als ijzer, calcium en zink. Het wordt al veel gebruikt in vleesvervangers, en is daardoor inmiddels best rendabel voor de boer. Bovendien groeit lupine goed op veel plekken: nat of heel droog, het maakt het gewas niet zoveel uit. En het heeft bovendien geen bemesting nodig.SojaHet eiwitrijke gewas waar nu al veel vraag naar is, is soja. Zowel dier als mens eet het graag, en de boon is de basis voor talloze producten. Denk aan sojasaus, misopasta, tempeh en tofu, maar het is ook een veelgebruikt eiwit in vleesvervangers en vergeet ook de plantaardige sojamelk en yoghurt niet. Zoals eerder gezegd stijgt de teelt ook gestaag, maar gezien er nog steeds regenwoud in het amazone gekapt wordt voor de teelt van soja, mag er ook in Nederland nog wat areaal bij. ErwtenDe groene erwt is naast een groente op zich nu ook al ontdekt als ingrediënt voor melkvervangers. Producent Nestlé en grootgrutter Albert Heijn hebben daarom al erwtenmelk, dat zich naast soja- en haver- bevindt in het supermarktschap. Fijn, want het komt van dichtbij, dus de erwt heeft een heel kleine CO2-footprint. KikkererwtenProducent Hak doet ook proeven met kikkererwten, en ziet daarin ook veel potentie. Alleen is de teelt wat lastiger omdat de bonen niet goed groeien in een nat jaar. Toch ziet Janknegt het positief. "Met veredeling maken we goede rassen die beter tegen natheid kunnen, en door het veranderende klimaat hebben we nu al drie jaar achter elkaar een droge zomer. Dus dat kan alleen maar beter gaan."QuinoaOok quinoa zit boordevol eiwitten, en het wordt ook al in Nederland geteeld. Over dit gewas is de eiwitboer kritisch. "Ik vraag mij af of de markt dit oppakt. Producent moet er wel aan verdienen, en dat lukt nu nog niet", zegt Janknegt. Het lijkt volgens de boer al lange tijd een niche markt, waarin verdere ontwikkeling onzeker is. Toch wordt het graan, want dat is het eigenlijk, steeds vaker geteeld buiten Zuid Amerika, waar het oorspronkelijk vandaan komt. Lees ook: Nederland gaat bonenteelt aantrekkelijker maken voor boerenSchrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.