Marc Seijlhouwer 12 oktober 2021, 10:46

Onderzoek: grootste deel werkenden kan niet thuiswerken, waardoor CO2-winst tegenvalt

Bijna de helft van de werkenden kan niet thuiswerken. Voor het deel dat dat wel kan, mag het soms niet van de baas. Dat blijkt uit nieuw onderzoek. Hoe meer we thuiswerken, hoe meer CO2 er bespaard kan worden.

File autos amsterdam adobe stock change inc Files komen weer terug, omdat iedereen weer naar werk wil of moet | Credits: Adobe Stock

Een nieuw onderzoek van de Coalitie Anders Reizen laat zien dat thuiswerken voor de meeste werkenden ook na corona onmogelijk is. Slechts 39 procent geeft aan goed thuis te kunnen werken, 42 procent zegt dat thuiswerken niet mogelijk is. Ondanks beloften aan het begin van de coronacrisis is het dus maar de vraag in hoeverre thuiswerken de norm wordt – en of het impact heeft op de CO2-uitstoot van forenzen.

De Coalitie Anders Reizen bestaat uit zestig Nederlandse bedrijven waar in totaal een half miljoen mensen werken. De bedrijven spraken in 2018 al af om hun werknemers minder te laten reizen – zowel woon-werkverkeer als zakelijke vliegreizen. Het idee: minder reizen is voor het milieu en voor de werknemer vaak prettiger. Door corona kreeg dit iniatief een boost, omdat thuiswerken plotseling de norm werd voor een deel van de werknemers in Nederland.

Onderwijs en zorg kunnen niet thuiswerken

Maar uit een onderzoek van de coalitie, uitgevoerd onder 2000 mensen door I&O Research, blijkt nu dat dat thuiswerken maar voor een klein deel van de werknemers kan. 42 procent geeft aan niet thuis te kunnen werken. Deze mensen werken vaak op plekken waar de bedrijfsstructuur hierarchisch is. Banen in de zorg of het onderwijs kunnen vanzelfsprekend niet thuis worden uitgevoerd, maar er zijn ook kantoorbanen waar werkgevers eisen dat mensen naar werk komen.

Leidinggevenden moeten op een andere manier omgaan met thuiswerken, en van hierarchie naar vertrouwen en zelfsturing van werknemers gaan. Dat zeggen de CEO’s in interviews die I&O uitvoerde naar aanleiding van het onderzoek. De midden-managers zijn daarbij belangrijk, om een team op afstand aan te sturen en de goede kant op te leiden. Maar het is op dit moment nog veel experimenteren, om te kijken hoe leiding geven op afstand het beste kan.

Thuiswerken verplicht?

Dat er een heleboel mensen zijn die niet thuis kunnen werken, werd al duidelijk tijdens de coronacrisis. Thuiswerken was nooit verplicht, maar wel een ‘dringend advies’ van het kabinet. Toch bleek tijdens elke lockdown dat meer dan de helft van het woon-werkverkeer in stand bleef. Wel was de relatief geringe afname goed genoeg om het grootste deel van de files op te lossen. Nu maatregelen los worden gelaten gaan er weer veel meer mensen naar werk, en zijn de files terug; vandaag zelfs de langste sinds het begin van de pandemie.

Anders Reizen wil het woon-werkverkeer onder anderen indammen vanwege duurzaamheid. Al die auto’s, al dan niet stilstaand in de file, zorgen voor een heleboel CO2-uitstoot. De Ander Reizen-afspraken zouden in 2030 tot 50 procent CO2-reductie moeten leiden (ten opzichte van 2016), maar een rapport van CE Delft liet al zien dat de plannen niet zouden leiden tot genoeg afname. Daarop besloot Anders Reizen ook het zakelijk vliegen aan banden te leggen, maar in hoeverre deze afspraak na de pandemie stand houd moet nog blijken.

Tim Kreukniet van start-up Trabotyx: "Ik hoop dat het met de robot makkelijker wordt voor gangbare boeren om de overstap naar biologische landbouw te maken"

Wat is je visie op een duurzame toekomst? “Ik denk dat we het consumeren los moeten laten en dat we meer moeten waarderen waar we gelukkig van worden en plezier van krijgen. En dat we daarmee in staat zijn om allemaal een volwaardig leven te leiden op deze planeet. Het grootste deel van de mensen leeft nu in steden, volledig uit balans met de natuur. We hebben geen idee waar dingen vandaan komen. Duurzaamheidsgedrag is helaas vaak een checkbox. Zo van, ‘ik heb groene stroom en ga langs de bio-supermarkt, dan doe ik wel genoeg.’ Dat vind ik zelf ook moeilijk, en dat is het voor heel veel mensen. Steeds meer zie ik hoe we vastzitten aan een green growth mindset: groene groei is goed, en alles wordt daarin uitgedrukt, maar hebben we deze groei wel nodig, en zou loslaten van groei ook niet een deel van de consumptiedrift weghalen? Heel praktisch: Het is leuk om een elektrische auto te hebben in plaats van een dieselauto, maar als ze veel stil staan, heb je dan wel een auto nodig? Daar zitten veel transitiestappen in, waarin teveel naar de overheid wordt gekeken en te weinig naar het eigen spiegelbeeld. Het wordt ons overigens niet makkelijk gemaakt, met al die spullen die kunstmatig goedkoop zijn, omdat de externe kosten niet worden meegenomen, denk bijvoorbeeld aan kleding, plastic spullen uit China en ons voedsel. Met Trabotyx richten we ons op onkruid wieden voor biologische boeren. Dit wordt nu gedaan door arbeidsmigranten, die hele dag op hun buik liggen en met de hand en een aardappelmesje onkruid tussen gewassen weghalen. Werken met boeren is heel praktisch. Het zijn ondernemers die aan het einde van het seizoen een goede oogst willen hebben. Daarvoor heb je schone gewiede akkers nodig en dat geeft de boer nu kopzorgen, omdat die arbeid steeds moeilijker te vinden is. Logischerwijs maakt dit de biologische landbouw duurder. Wij willen boeren die kopzorgen besparen, zodat ze niet meer handmatig onkruid hoeven te wieden, en zo zorgen we voor betere marges. Nu ik zelf zo vaak bij de boer op bezoek ben om de robot te testen, zie ik hoeveel moeite hij moet doen om het gewas - bijvoorbeeld wortelen - in de supermarkt te krijgen. Daar zitten zoveel verschillende stappen in, als wij stedelingen dat beter door zouden hebben gooiden we echt nooit meer eten weg. Ik doe het zelf in ieder geval niet meer.” Changemaker Tim KreuknietHoe geef je leiding? “We werken nu met tien mensen en zijn nog echt een hardcore start-up. Dat betekent voorop gaan in een onduidelijke wereld. Daarbij is het voor ons belangrijk om vertrouwen te winnen bij de boeren, die vrij conservatief zijn. Logisch, want ze zijn vaak een speelbal van mensen die zelf nooit op de akker staan. Maar het is belangrijk om ze mee te nemen in het proces, en vertrouwen te winnen zodat ze één stap verder zetten dan ze zelf bedacht hadden. Daarmee verbreed je hun eigen blik op innovatie, en nemen ze iets meer risico.” Welke impact heb je al gerealiseerd? “We zijn pas net gestart, dus de impact is nu nog niet zo groot. Maar in de toekomst hopen we dat de robot het voor gangbare boeren makkelijker maakt om de overstap naar biologische landbouw te maken. Want dan gebruiken ze minder gewasbeschermingsmiddelen en pesticiden, en wordt het werk van de boer een stuk makkelijker. Akkerbouwers zíén namelijk het klimaat veranderen op hun akkers, ze weten dat het anders moet, en dat maakt het mooi om met ze samen te werken, om te kijken hoe het anders kan. Want je moet je voorstellen dat in de zomer, wanneer jij en ik op vakantie zijn, de boer 60 tot 80 uur per week werkt. Je moet ze daarom helpen met een oplossing die tijd bespaart, in plaats van dat er taken bijkomen. Daarom willen wij de boer verder volledig ontzorgen, verwisselen we de accu van de robot als hij leeg is, en sturen we hem van een afstand bij. Elke robot neemt het werk over van vier mensen en de boer betaalt niet voor de robot, maar voor de gewiede hectare. Volgend jaar verwachten we dat de eerste boeren gaan betalen voor de onkruid wied service, om later natuurlijk honderden robots in Nederland en het buitenland op het veld te hebben. Het mooie van werken met boeren is dat het praktisch moet werken en daarna mag je dromen. Daarom vind ik het belangrijk dat ze deelgenoot zijn van de innovatie, en willen we ze op termijn ook laten investeren in Trabotyx, in plaats van geld ophalen bij een investeerder dat er enkel een financieel belang bij heeft.” Wil je meer weten over duurzame landbouw? Lees het dossier of blijf op de hoogte via onze nieuwsbrief. Luister hier een eerdere podcast terug met Mark Post, oprichter van kweekvleesbedrijf Mosa Meat.