Eelco Brandes 12 juli 2016, 09:12

Minder gifuitstoot door duurzame batterijrecycling

Door de batterijenrecycling te verduurzamen is in 2015 ruim 2 miljoen kilo koolstofdioxide-uitstoot vermeden.

Baterijrecylcing

Ook is 16 miljoen kilogram uitstoot van giftige stoffen voorkomen en kwamen ruim 4.000 kilo minder schadelijke stoffen in het oppervlaktewater terecht.

Dat blijkt uit het jaarverslag van Stibat. Het bedrijf organiseert al ruim twintig jaar de batterijeninzameling en -recycling in Nederland.

Om het recylingproces te verduurzamen heeft Stibat de Ecotest ontwikkeld. Deze methode meet de effecten van de recycling op het milieu aan de hand van vier indicatoren en weegt deze tegen elkaar af: het klimaateffect, de grondstofbesparing, de toxiciteit én de kosten. Ook is met de test nog nauwkeuriger te bepalen of de recyclers aan alle wettelijke eisen voldoen, aldus Stibat.

Prioriteit

Ecotest helpt de batterijenrecycling groener te maken, en is bovendien inzetbaar in andere branches bij de recycling van afgedankte producten. Ook veranderingen in de wet of het effect van nieuwe recyclingtechnieken kunnen direct getest worden.

Die brede inzetbaarheid van Ecotest is extra belangrijk nu de circulaire economie steeds meer prioriteit krijgt binnen het afvalbeleid van de overheid. Zo kan Stibat met Ecotest een rol spelen bij het duurzamer maken van de afvalbranche in het geheel.

Inzamelingscijfers

In totaal is vorig jaar in Nederland meer dan 3,4 miljoen kilo batterijen ingezameld via de ruim 24.000 inleverpunten van Stibat en de gemeentelijke klein chemisch afva-depots. Afgezet tegen het gewicht (in kilo) van de op de markt gebrachte batterijen in de afgelopen drie jaar, staat dit gelijk aan 46,1 procent. Stibat heeft daarmee ook in 2015 het Europees vastgestelde inzameldoelstelling van 25 procent gehaald.         

Bron: Stibat | Foto: public domain

‘Strenge energieprestatienorm leidt tot duurzame nieuwbouw'

Dat blijkt uit onderzoek van de Rotterdam School of Management, Erasmus Universiteit (RSM). Volgens wetenschappers Henk de Vries en alumnus Pieter Verhagen laat het onderzoek zien dat milieubeleid gepaard kan gaan met innovatie. Door de invoering van striktere energienormen zouden bouwers de ontwerpen van nieuwbouwhuizen verder kunnen aanpassen en energiezuiniger maken.Duurzame innovatiesIn het onderzoek analyseerden de wetenschappers tweeduizend woningen die tussen 1995 en 2003 zijn gebouwd. Daarnaast zijn bouwvergunningen onderzocht om te weten te komen welke technieken werden gebruikt om te voldoen aan de normen voor verwarmings- en ventilatiesystemen. Zo zouden bouwbedrijven dikker isolatiemateriaal of betere verwarmingsketels gebruiken.Verder bleek dat de bouwers meer systemische innovaties gebruikten voor hun gebouwen, zoals zonnepanelen en duurzame energieopslag. Ook zou de energie-efficiëntie zijn verhoogd door de combinatie van duurzame energieopwekking en ondergrondse warmtekoudeopslagsystemen.EnergiebesparingstechniekenVolgens de onderzoekers heeft de Nederlandse overheid de energieprestatiecoëfficiënt (EPC) in 1995 geïntroduceerd om de CO2-uitstoot terug te dringen en energiebesparing te stimuleren. Ook heeft het Nederlands Normalisatie-instituut NEN samen met partners uit de bouwsector een nieuwe standaard ontwikkeld voor het meten van energieprestaties.Per januari 2015 is de EPC-eis aan de energieprestatie van gebouwen aangescherpt en aangepast in het Bouwbesluit. Voor woningen geldt een EPC-eis van 0,4. Volgens NEN wordt de energieprestatienorm dit jaar echter vervangen door nieuwe Europese normen. De Europese normen worden aangepast om beter aan te sluiten bij moderne energiebesparingstechnieken voor de bouw, stelt NEN. Bekijk hieronder meer over het onderzoek van RSM Erasmus Universiteit:Bron: RSM Erasmus Universiteit | Foto: Michael Coghlan, Creative Commons (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)