Marleen de Kanter 23 november 2012, 07:00

Een windmolen als een bultrug (Biomimicry voor ondernemers)

Na een jachtpartij zag de Zwitserse ingenieur George de Mestral hoe vruchten aan de vacht van zijn hond bleven hangen. Zo werd het klittenband geboren. Biomimicry, het imiteren van de natuur, maakt producten en processen handiger en duurzamer.

2012 11 Biomimicry v01 e1353398310196

Met een enorme variatie aan vormen, materialen en systemen is de natuur al eeuwenlang een inspiratiebron voor mensen. “De natuur is al 3,8 miljard jaar bezig om levende wezens zodanig te ontwerpen dat ze kunnen overleven én het stokje kunnen doorgeven aan de volgende generaties,” stelt Janine Benyus van het Amerikaanse instituut Biomimicry 3.8.

Letterlijk betekent biomimicry “het leven imiteren”. Dieren en planten gebruiken het aan de lopende band. Een vlinder met grote cirkels op de vleugels lijkt van een afstandje op een uil. Zo schrikt de vlinder roofdieren af. De bloem van een orchideeënsoort lijkt op een vrouwelijk insect, en wel van de soort die belangrijk is voor de bestuiving.

In de prullenbak

Het uitgangspunt van biomimicry is dat de natuur een heleboel mogelijke varianten getest heeft. De ontwerpen die niet bleken te werken, gingen de prullenbak in. Het is een optimalisatieproces, een constante afweging van kosten en baten. Een plant of dier dat nu leeft, bewijst daarmee dat het een goed ontwerp heeft.

Processen verlopen in levende wezens zonder hoge temperaturen en hoge druk. Afval bestaat niet in de natuur, alle stoffen komen uiteindelijk terug in de kringloop. Organisaties kunnen energie en grondstoffen besparen door levende wezens te imiteren.

Kiezelstrand en meekrapplant

Dat besef dringt ook steeds meer door tot bedrijven. Volgens Geanne van Arkel van de Amerikaans-Nederlandse tegelfabrikant Interface leidt het gebruik van biomimicry in het business model tot winst voor iedereen.

Interface maakt al sinds 1994 werk van duurzaamheid. Hun tapijttegels hebben een motief dat geïnspireerd is op de bodem in het bos en een kiezelstrand. Door het willekeurige ontwerp geven de tegels slechts 1,5 procent snijafval bij het leggen. Vergelijk dat met kamerbreed tapijt dat rond de 14 procent afval oplevert. Ook heeft Interface een systeem ontwikkeld om tapijttegels vast te zetten zonder het gebruik van lijm.

Kleurstoffen

Het Brabantse bedrijf Rubia Natural Colours maakt kleurstoffen uit, onder andere, meekrapplanten. Rudolph de Jong vertelt: “De natuur kan ons zo veel leren, bijvoorbeeld hoe ze met kleuren omgaat en hoe ze deze hergebruikt; dat passen we toe in een industrieel proces.” Het bedrijf heeft een cradle-to-cradle certificaat voor de kleurstof Rubia Red. Het volledige proces heeft een positieve CO2-voetafdruk: per kilo kleurstof is tien kilo CO2 geabsorbeerd. De kleurstoffen zijn na gebruik van het product volledig composteerbaar.

Zo zijn er meer voorbeelden. Windmolens draaien efficiënter als de randen ribbelig zijn, zoals de vinnen van bultruggen. Om een gebouw koel te houden, kan de bouwsector kijken naar termietenheuvels, waar veel termieten vlak bij elkaar leven. Er kan bespaard worden op gevelreiniging dankzij vuil- en waterafstotende verf geïnspireerd op lotusbladeren. Vervoersmiddelen met gestroomlijnde vormen verbruiken minder brandstof; dankzij de schubben van haaien weten we dat het oppervlak dan beter niet glad kan zijn. Vele voorbeelden zijn te vinden in de ‘Ask Nature’ database op de website van het Biomimicry 3.8 Instituut.

In de praktijk

Biomimicry kan een waardevolle manier zijn om duurzaam te ondernemen. “Gewoon beginnen” antwoordt Geanne van Arkel, op de vraag welke tips ze heeft voor andere bedrijven. Om de processen zichtbaar te maken raadt ze de levenscyclusanalyse (LCA) en Environmental Product Declaration (EPD) aan als meetinstrumenten.

Zowel Rudolph de Jong als Geanne van Arkel benadrukken het belang van samenwerking, zodat iedereen in het eigen bedrijf en in de keten doordrongen raakt van de voordelen, maar vooral ook de noodzaak van duurzaamheid. Volgens hen is dat niet alleen nodig voor de toekomst van de planeet, maar ook voor de toekomst van een bedrijf.

“Wereld goedkoper en leuker met Toogethr”

Steeds meer mensen haken af bij het normale patroon van consumeren. Ze zoeken medeconsumenten op om spullen te hergebruiken of te delen. Marktplaats is hier een uitstekend voorbeeld van, maar er zijn er meer. Samen een windmolen kopen, je huis tijdelijk ruilen of met zijn alle een auto delen. Bedrijven als de Windcentrale, Airbnb en GreenWheels winnen aan populariteit. “De wereld wordt goedkoper en leuker,” vertelt Martin Voorzanger, initiator  van Toogethr. Toogethr is er voor hippe mensen met een telefoon van apple of android, maar ook voor de meer traditionele internetgebruiker. Je downloadt de app (of kijkt op internet) en voert de bestemming in. Vervolgens verschijnt er een overzicht van de aangeboden ritten. Buitenlandse bestemmingen zijn daar ook bij. Er zijn gratis en betaalde ritten. Bij betaling wordt het bedrag via het platform vooruit afgerekend, zodat “de nadruk op prettig contact ligt. Niemand heeft zin om na een leuke rit de vervelende geldvraag te moeten stellen,” zegt Voorzanger. Pas na 24 uur maakt Toogethr het geld over naar de aanbieder, zodat er ruimte is voor controle. 32 miljoen stoelen Voorzanger kwam op het idee toen hij uitrekende hoeveel hij uitgaf aan zijn auto.“€500 euro per maand was ik kwijt, terwijl ik er hooguit om de week gebruik van maakte.” De auto ging de deur uit, maar er moest een alternatief komen voor de keren dat er wél vervoer op vier wielen nodig was. Na nog wat rekenwerk kwam Voorzanger erachter dat er 32 miljoen autozitplaatsen zijn in Nederland. Daarvan is het grootste deel leeg. Wat nou als mensen hun lege zitplaatsen gemakkelijk kunnen aanbieden? Tegen betaling, zodat er meegedeeld wordt in de kosten, of gratis, voor de gezelligheid? Inmiddels zijn er ruim 20.000 gebruikers en 30.000 aangeboden ritten op het platform. Op dit moment is het belangrijkste doel om meer gebruikers te krijgen, zodat de dekking beter wordt. “Er komt een punt dat het hek van de dam is,” zegt Voorzanger. “Als jij als enige een telefoon bezit is het niet erg aantrekkelijk voor anderen om er ook een te kopen,” legt hij uit. Bij Toogethr is het in essentie hetzelfde. Ter ondersteuning van het doel maakt het bedrijf gebruik van Oneplanetcrowd.nl, een crowdfundingorganisatie voor duurzame initiatieven. Verdienmodel Toogether verdient niet aan de gratis liften. Op betaalde ritten zit een marge van 25 procent, inclusief BTW. Het maximale bedrag is €12,50 en het minimale €1,50. “In de appwereld is dat aan de lage kant. Google en Apple hanteren een marge van 30 procent,” vertelt Voorzanger. Maar is het meenemen van mensen voor geld niet gewoon illegaal voor taxichauffeur spelen? Nee. Althans, zolang de prijs niet commercieel is. De wet laat het toe om een vergoeding te vragen voor de gemaakte kosten. “Als je in de auto van een vriend meerijdt en hij vraagt wat geld voor benzine mag dat,” legt Voorzanger uit. Daarom wordt alleen over de marge van Toogethr BTW betaald. Dat deel hoort bij een dienst die is verleend door een bedrijf. De app is niet alleen voor particulieren. Voor bedrijven kan Toogethr de app middels een plug-in in een exclusieve omgeving voor bijvoorbeeld evenementen brengen. Bezoekers kunnen zo makkelijk andere belangstellenden benaderen voor een lift. Duurzaam delen De app zet zich vooral in voor een duurzame relatie tussen mensen. Volgens Voorzanger onderscheidt het bedrijf zich hiermee van autodeelbedrijven als GreenWheels. “Bij GreenWheels rijdt er een auto door het hele land om deelauto’s schoon te maken. Als je samen rijdt is het niet meer dan normaal om even te vragen of de passagier zijn troep wil meenemen.” Wat CO2 betreft verwacht Martin ook te kunnen bijdragen. “Per kilometer stoot een gemiddelde auto zo’n 188 gram CO2 uit. Dat wordt nauwelijks meer als er een extra persoon bij komt.” Samen op weg betekent dus ook nog eens de helft van de CO2-voetdruk.