Sabine Sluijters 14 oktober 2022, 11:00

Maarten Otto CEO Alliander: “We moeten zicht blijven houden op de impact die ons werk maakt”

Om te komen tot een meer duurzame samenleving zullen we op andere waarden moeten sturen. Niet langer het bruto nationaal product maar brede welvaart. Maar hoe breng je dat in de praktijk?

Foto Maarten Otto Maarten Otto is CEO van netwerkbedrijf Alliander

Begin oktober kwam de top van het Nederlandse bedrijfsleven bij elkaar tijdens de nationale conferentie Brede Welvaart. Change inc sprak met een aantal hoofdrolspelers. Vandaag Maarten Otto, CEO van netwerkbedrijf Alliander.

“Economische waarde is maar één van de waarden die welvaart bepaalt. Voor Alliander zijn klimaatdoelen, en de impact die ons werk heeft op ruimte, schaarste aan grondstoffen en het leven van mensen net zo belangrijk.”

Wat gaat er mis door het rekenen met een smalle definitie van welvaart?

“Daarmee ontkennen we dat welvaart meer is dan alleen financieel economisch gewin. Macro-economen zeggen niet voor niets dat het BNP ‘de beste indicator is van alle slechte die we hebben.’ We moeten zicht blijven houden op de impact die ons werk maakt. Dus natuurwaarde en sociale waarde meer in ons afwegingskader krijgen. In alle beslissingen die we met klanten, het Rijk, de gemeentes en energie coöperaties maken.

Brede welvaart gaat over het in balans brengen van verschillende belangen. Naast economie ook klimaat, grondstoffen, biodiversiteit en sociale aspecten. Dat zit nu veel te weinig in de besluitvormingsagenda van de overheid en in investeringsbeslissingen van bedrijven. Dat kan anders en dat doen wij ook in ons bedrijf.”

Hoe doe je dat?

“Bij onze investeringsbeslissingen kijken we verder dan traditionele criteria als kosten en leveringszekerheid. Daardoor komen andere belangen voorafgaand aan je besluitvorming op tafel. Op die manier waarborgen we dat alle belangen goed meegenomen zijn in de afweging. En we gebruiken het om achteraf goed verantwoording af te leggen.”

Heeft dat al tot andere beslissingen geleid?

“Op Vlieland hebben we hierdoor afgezien van het aanleggen van een extra elektriciteitskabel. Op het eiland waren congestieproblemen; op momenten van onderhoud wekken de zonnepalen op het eiland te veel stroom op. Traditioneel zou daar een extra kabel gelegd worden. Maar dat kost veel geld, en de kabel zou 25 kilometer door de Waddenzee gaan met alle natuurvernietiging van dien. Door de waarde van natuur en milieu mee te nemen in de besluitvorming ontstond ruimte voor de vraag: kan het ook op een andere manier?”

Lees ook: Wetenschappers brengen voor het eerst alle ecosystemen van onze planeet in kaart

“Daarom hebben we nu, samen met de gemeente, de energiecoöperatie en de inwoners, het voor elkaar gekregen om het anders te doen. We hebben een weerstandsbank geplaatst waarmee het teveel aan zonnestroom het elektriciteitsnet niet belast. Dat is nog niet de ideale oplossing want die duurzame energie gaat verloren. En dat is natuurlijk zonde. Daarom onderzoeken we nu of die overtollige energie ingezet kan worden. Bijvoorbeeld in het plaatselijke zwembad.”

Neemt Alliander brede welvaart mee bij elk project?

“Wij zijn nog aan het uitvinden hoe we brede welvaart het beste implementeren. Want het vraagt veel menskracht en denkkracht om dit voor elke beslissing te doen. Wij proberen brede welvaart te methodiseren, we rekenen al bijvoorbeeld met een interne CO2 prijs die ieder jaar omhoog gaat.

Maar voor andere waarden zoals biodiversiteit zoeken we nog naar knoppen die we in onze besluitvorming kunnen opnemen. Biodiversiteit nemen we al wel mee in de voorwaarden van onze bouwprojecten. Een bepaald station moet dan naast de technische- en veiligheidseisen ook aan bepaalde natuureisen voldoen.”

Mag een investering op basis van brede welvaart ook meer kosten?

“Ja. Als je maar lang genoeg wacht is verzwaren van het net altijd de goedkoopste oplossing. Maar dan houd je dus geen rekening met de milieuschade die je aanricht met de kabel. Of de sociale gevolgen van je investeringen.

Tegelijk geloof ik ook dat het samen kan gaan. Een voorbeeld is ons besluit om het groen rond onze infrastructuur anders te onderhouden zodat het bijdraagt aan de biodiversiteit. Met alle infrabeheerders hebben we door heel Nederland een oppervlak aan natuur in beheer ter grootte van de Park de Hoge Veluwe. Dan moet je denken aan het groen rondom transformatorhuisjes en hoogspanningsmasten. Dat kun je gewoon maaien, maar je kan het ook op een natuurvriendelijke manier onderhouden door anders en minder te maaien. Dat laatste is niet per definitie duurder én is tegelijk een grote katalysator voor de biodiversiteit op onze terreinen.”

Alliander heeft publieke aandeelhouders. Maakt dat het makkelijker om brede welvaart mee te nemen in investeringsbeslissingen?

“Alliander is gewoon een vennootschap en onze aandeelhouders willen ook dividend. En juist het feit dat wij publieke aandeelhouders hebben legt bij de vennootschap de verantwoordelijkheid om zelf pro-actief na te denken over het implementeren van brede welvaart in de besluitvorming. Dat kan niet met een lijstje en wat criteria waarop je besluiten baseert. Je moet daar een methode voor ontwerpen, daarover rapporteren en aanspreekbaar zijn. Dan kun je ook aan je aandeelhouders uitleggen waarom je bepaalde keuzes maakt. Want als je het niet kunt uitleggen, kiezen ze voor wat financieel beter is.

Je hebt CO2 al in de methodologie en investeren in biodiversiteit. Wat wil je nog meer bereiken?

“Ik wil me er hard voor maken dat brede welvaart een vanzelfsprekendheid is in governance en besluitvorming. Daar draag ik aan bij door het met Alliander in de praktijk te brengen, andere netbeheerders daarvoor te enthousiasmeren en in gesprek te gaan met onze ministeries om de verwachtingen te verbreden. Want dit helpt ons echt om andere keuzes te maken en verantwoordelijkheid te nemen voor daadwerkelijke brede welvaart.

En dat we het methodiseren en standaardiseren. Dat ik niet meer hoor ‘oh wat goed dat jullie dit doen’, maar ‘oh jullie doen het ook,’. Daar wil ik mij de komende jaren hard voor maken.”

Lees ook: Het interview met Sandra Phlippen: “We kunnen niet op dezelfde manier doorgroeien”

Begin oktober kwam de top van het Nederlandse bedrijfsleven bij elkaar tijdens de nationale conferentie Brede Welvaart, georganiseerd door de Impact Economy Foundation (IEF), 2100 Netwerk en VNO-NCW in samenwerking met Amsterdam Impact, ABN AMRO, Alliander en City Deal Impact Ondernemen. Change inc sprak met een aantal hoofdrolspelers.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.

Opmerkelijk: leven op Mars veroorzaakte mogelijk dodelijke klimaatverandering

Dat mensen broeikasgassen de atmosfeer inpompen en zo gevaarlijke klimaatverandering veroorzaken, is bekend. Maar dat microbieel leven op Mars mogelijk hetzelfde heeft gedaan, klinkt redelijk merkwaardig. Toch is dat wat wetenschappers van de University of Arizona suggereren na het simuleren van omstandigheden waarop vier miljard jaar geleden leven zou kunnen zijn ontstaan op onze rode buurplaneet. Computersimulaties De onderzoekers testten met computermodellen een hypothetisch scenario waarin leven op Mars vier miljard jaar geleden zou kunnen zijn ontstaan. Waarschijnlijk was de planeet toen niet de koude woestijn die het nu is: de atmosfeer was veel dikker en bestond uit hoge concentraties CO2 en waterstof. Dit zijn beide sterke broeikasgassen, waardoor de temperatuur hoog genoeg was om water over het oppervlakte te laten stromen. De wetenschappers combineerden modellen van Mars’ bodem, atmosfeer en klimaat met ecologische modellen van aardse microbes die zich voeden met CO2 en waterstof. Dit soort microbieel leven komt op Aarde voor rond hydrothermale bronnen op de oceaanbodem. Gedacht wordt dat op deze plekken - waar water van wel 80 graden uit de zeebodem spuit en waar nauwelijks zonlicht doordringt - het leven op aarde kan zijn ontstaan. Lees ook: Raket vliegt op brandstof van plasticafval Zelfvernietiging Uit simulaties bleek dat onder het oppervlakte van Mars de omstandigheden voor het ontstaan van dit soort leven erg gunstig waren. Iets té gunstig zelfs. Want de microben voeden zich niet alleen met CO2 en waterstof, zij scheiden ook methaan uit. En daar knelt het: doordat het microbiële leven in grote hoeveelheden voor kon komen, konden zij ook de samenstelling van de atmosfeer beïnvloeden - waardoor Mars tot ijzige temperaturen kon afkoelen. “Uit onze onderzoeksresultaten blijkt dat de atmosfeer van Mars in een razend tempo compleet veranderd zou kunnen worden door biologische activiteit, binnen enkele tienduizenden of honderduizenden jaren”, zegt hoofdonderzoeker Boris Sauterey in een persbericht. “Door waterstof uit de atmosfeer te verwijderen, zouden microben het klimaat van de planeet dramatisch hebben kunnen laten afkoelen.” Zo zou microbieel leven het omgekeerde hebben gedaan van wat de mens op aarde doet: waar mensen gevaarlijke opwarming veroorzaken, zouden de microben aan de basis hebben gestaan van een dodelijke afkoelingsperiode. De dunne atmosfeer en ijzige temperaturen op Mars die we nu kennen, zouden teruggevoerd kunnen worden op biologische activiteit miljarden jaren geleden. Opgemerkt moet worden dat de onderzoekers hiermee niet bewezen hebben dat deze microben ook daadwerkelijk Mars bevolkt hebben. Het onderzoek laat enkel zien dat er omstandigheden hebben bestaan waarin microbieel leven kon floreren - om zichzelf uiteindelijk de nek om te draaien. Lees ook: Opmerkelijk: California legaliseert menselijk overschot als compostSchrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.