Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 31 oktober 2014, 17:04

SimGas brengt kleine biogasinstallaties naar Afrika

Een onderzoek voor het ministerie van Buitenlandse Zaken naar biogasinstallaties in Ghana en Tanzania bracht Sanne Castro in aanraking met een nieuwe markt voor kleinschalige systemen. Samen met zijn broer Mirik richtte hij het bedrijf SimGas op.

Sim Gas800

De markt voor biogasinstallaties in Oost-Afrika is heel anders dan in Nederland. De boeren die ervan profiteren hebben vaak niet meer dan twee of drie koeien. Dat vergt een heel ander type installatie. “Er komt een metselaar langs, die bouwt een ondergronds systeem en dat is het”, vertelt Sanne Castro. “Op zich is het systeem effectief, maar het is niet schaalbaar tot een werkelijk product. Terwijl de behoefte er wel is.”

 

Enthousiasme

 

Sanne en Mirik Castro richtten daarom in 2009 het bedrijf SimGas op en ontwikkelden een kleinschalige biogasinstallatie. Het systeem van kunststof zet koeienmest en huishoudelijk afval efficiënt om in biogas. De installatie moest niet alleen betaalbaar zijn, maar ook nog flexibel en verplaatsbaar. Om die reden zijn er verschillende prefab-modellen ontwikkeld, toegesneden naar de verschillende behoeften van de klant. Voor gebruikers op het platteland en in de stad. Voor kleine boeren en voor klanten met een grotere veestapel.

Na inschrijving bij de incubator Yes!Delft en een lening van de Rabobank werd het project steeds specifieker en grootschaliger. Ontwikkelingsorganisaties als de Nederlandse SNV en de Duitse GDZ waren enthousiast. De volgende stap was het vinden van een lokale productiepartner. “Het product dat wij voor ogen hadden bestond nog niet”, zegt Castro. “Wij wilden snel weten of ook een Afrikaanse partij bereid was daarin te investeren en of het product ook lokaal in een fabriek gemaakt kon worden.”

 

Cultuurverschillen

 

Castro kreeg al direct te maken met de Afrikaanse manier van zakendoen. “Via de Nederlandse ambassade in Tanzania kregen we een introductie bij een bedrijf waarmee we graag wilden samenwerken. We legden onze vragen neer bij een van de medewerkers en we vroegen om contact met de CEO. En dat bleek niet de bedoeling. We moesten eerst de general manager overtuigen van ons idee. Daarna konden we met de CEO praten. De medewerker durfde gewoonweg niet meteen de CEO te benaderen.”

Sanne Castro: "Ervaringen delen met andere ondernemers."

Eind 2011, na vele bezoeken aan Tanzania, ontstond een joint venture met een lokale investeerder, die net als SimGas zelf ruim een miljoen euro in het bedrijf stak. “Die gesprekken waren heel bijzonder”, zegt Sanne Castro. “Bij de eerste ontmoeting mochten we ons voorstel presenteren. Maar je moet goed voorbereid binnen komen. Je moet bijvoorbeeld weten wie de financieel directeur is want van hem kun je de lastigste vragen verwachten.”

In 2012 leverde SimGas de eerste systemen aan klanten in Tanzania en een jaar later volgde Kenia. De biogasinstallatie verandert het huishouden van de eigenaar en van zijn omgeving. Koken op biogas maakt een einde aan de traditionele houtvuurtjes in en om de woning. Er is verlichting van gaslampen. Hout kopen of uit het bos halen behoort tot het verleden. En door samenwerking met instellingen voor microkredieten kunnen mensen ook een veilige lening afsluiten.

 

Netwerk

 

Het programma, de ondersteuning en het netwerk van Climate-KIC noemt Castro van groot belang voor de ontwikkeling die SimGas heeft doorgemaakt. “We hebben veel kansen gekregen. We mochten onze plannen presenteren aan investeerders in de VS. En we hebben cursussen gehad van de beste docenten van Harvard. Zoiets kun je je personeel normaal gesproken niet bieden als klein bedrijf.”

Sanne Castro maakt inmiddels zelf deel uit van dat netwerk. “Ik vind het mooi om mijn ervaringen te delen met andere ondernemers. Ik druk ze altijd op het hart om een team te vinden dat jou als ondernemer zoveel mogelijk uit handen kan nemen. Dan kun je vervolgens zelf verder bouwen aan het bedrijf.”

 

Veel tijd

 

De eerste fabriek voor de biogasinstallatie is in februari van dit jaar in gebruik genomen. Al betekent dat niet dat alle opstartproblemen tot het verleden behoren. De faciliteit kampt met kinderziekten. Er gaan regelmatig onderdelen stuk. “Het productieproces is nog geen automatisme”, zegt Sanne Castro. “Daar maak ik me nog wel eens zorgen over.”

Alles bij elkaar genomen kostte het traject veel meer tijd en geld dan hij verwachte. “Het kostte twee keer zoveel tijd en drie keer zoveel geld”, vat hij het bondig samen. “Bij ons waren alle stappen in het proces ingewikkeld. We wilden de kosten voor de biogasinstallatie zo laag mogelijk houden. Het product zelf was onbekend in de markt. En niet in de laatste plaats het zakendoen in Afrika. Dat is echt anders dan in Nederland.”

Dit artikel is het vijfde in een serie van portretten van start-ups die deelnemen aan de Climate-KIC Accelerator. Dit is het belangrijkste Europese programma voor start-ups uit de cleantech-sector met een internationale ambitie. Ambitieuze starters kunnen zich tot 3 november 2014 aanmelden voor de ronde van januari 2015.

Alle foto's: SimGas, met toestemming gebruikt

CarbonOrO maakt groen gas van hoge kwaliteit

Via een omweg groeide CarbonOrO uit tot een innovatief bedrijf dat relatief makkelijk en energie-efficiënt biogas verwerkt tot groen gas van hoge kwaliteit. Daardoor is de brandstof bij te mengen in het bestaande aardgasnet.Biogas uit slib en organisch afval is doorgaans van lage kwaliteit en bestaat voor een derde deel uit CO2. De start-up gebruikt een oplossing van amines en polymeren om dit CO2 te verwijderen. Hoogwaardig biogas, gezuiverd van CO2, is meer waard. En dus zijn bedrijven geïnteresseerd. Door de toenemende vraag naar groen gas en de schaalbaarheid van de techniek was de business case snel gevonden. Spiegelen Via het Climate-KIC Accelerator programma kreeg het idee verder vorm. “Het is altijd goed je ideeën te spiegelen bij anderen. Soms word je met de neus op de feiten gedrukt”, zegt Verberne. “Er komen zaken boven water die je wel weet, maar waarvan het goed is dat anderen ze nog eens benadrukken. Climate-KIC biedt hiervoor de structuur.” Het Accelerator programma leert onder meer dat een succesvol bedrijf niet alleen bestaat uit mensen met briljante ideeën. Er moeten ook mensen zijn die het degelijke handwerk voor hun rekening nemen.En technologie alleen verkoopt niet, zegt Verberne. “Dat was ook een belangrijke les. Je moet het idee tastbaar maken. Voor CarbonOrO is dat onze container.” Het bedrijf ontwikkelde een zuiveringsinstallatie die past in een zeecontainer. De installatie heeft een capaciteit van 1000 kuub per uur en is zeer energiezuinig. De eerste klant is Van de Groep in Spakenburg, de grootste producent van biogas van Nederland. Een kleinere testinstallatie staat bij de afvalenergiecentrale van AVR in Duiven.“We hebben een eerste investeerder aangetrokken om op te schalen. We hopen medio volgend jaar de fase van start-up voorbij te zijn”, zegt Pieter Verberne. “Het gaat minder snel dan gehoopt, maar ik ben van nature ongeduldig. Aan de andere kant gaan we wel weer sneller dan anderen. CO2-afvang CarbonOro werd oorspronkelijk opgericht om op een goedkope manier CO2 af te vangen en op te slaan (CCS), maar dat bleek financieel niet haalbaar. Het idee verdween naar de achtergrond, maar is niet vergeten. Hoogovens en chemische fabrieken kunnen wel investeren in energie-efficiëntie, maar ze zullen altijd afhankelijk blijven van fossiele brandstoffen. “Bepaalde processen hebben nu eenmaal continu warmte nodig. Hernieuwbare stroom voldoet niet.Als we de CO2-uitstoot in de industrie willen terugdringen, dan is opslag onder de grond de beste oplossing”, aldus Verberne. Ook het Internationaal Energie Agentschap (IEA) geeft de voorkeur aan CO2-afvang en opslag als bedrijfsprocessen zonder fossiele brandstoffen onhaalbaar zijn. Conventionele afvang en opslag van CO2 is echter duur.De gemiddelde kosten bedragen zo'n 50 tot 60 euro per ton CO2. Daarnaast nemen de ontwikkeling en de bouw van zo'n installatie enkele jaren in beslag. De CCS-technologie van CarbonOrO kost niet meer dan 25 euro per ton CO2. Maar zelfs voor die lage prijs is op dit moment geen haalbare business case op te stellen. Uitstoot blijkt voor bedrijven nog altijd goedkoper. Over zeven tot acht jaar is die business case er waarschijnlijk wel, maar daar wilde het Nijmeegse bedrijf niet op wachten. Nieuwe draai “Het moment waarop je besluit het roer om te gooien, is het belangrijkste voor een onderneming”, zegt Pieter Verberne. “Je moet het idee omzetten naar een product of dienst waar op dat moment vraag naar is.[caption id="attachment_69907" align="alignright" width="252"] Pieter Verberne: "Je moet de markt vinden en iets leveren waarvoor mensen willen betalen."[/caption]Voor CCS was het nog te vroeg. Dan kun je twee dingen doen: stoppen of iets anders bedenken.” Voor CarbonOro werd het voorlopig die laatste optie.CarbonOrO koos voor een aanpak in twee fasen: een naam opbouwen in de zuivering van biogas, en in een later stadium de markt op voor CO2-afvang en opslag. “Biogas blijft een nichemarkt”, zegt Verberne. “De markt voor CCS is vele malen groter. Als ik daar op termijn 2 tot 3 procent van mag leveren, laat ik die mogelijkheid niet schieten.”De belangrijkste boodschap die Verberne via Accelerator meekreeg: het is geen toeval als een bedrijf succesvol wordt. Iedere ondernemer moet zijn idee gestructureerd aanpakken. “Het gaat uiteindelijk om de uitvoering van je idee”, zegt Verberne. “Een slecht idee met een goede uitvoering levert meer op dan een fantastisch idee met een slechte uitvoering.”Dit artikel is het vierde in een serie van portretten van start-ups die deelnemen aan de Climate-KIC Accelerator. Dit is het belangrijkste Europese programma voor start-ups uit de cleantech-sector met een internationale ambitie. Ambitieuze starters kunnen zich tot 3 november 2014 aanmelden voor de ronde van januari 2015.