Eva Segaar 16 september 2021, 18:00

Het Rode Kruis trekt aan de bel: ‘Nu handelen om humanitaire rampen te voorkomen’

Het Internationale Rode Kruis berekende in een vandaag gepresenteerd rapport dat er sinds het begin van de coronapandemie meer dan 17.000 doden zijn gevallen die te maken hebben met extreem weer. Daarnaast zijn zeker 140 miljoen mensen wereldwijd door klimaatverandering geraakt.

Adobe Stock 230774447 We gaan in de toekomst nog veel meer met extreem weer te maken krijgen. | Credits: Adobe Stock

Volgens het rapport stellen klimaatverandering én de coronapandemie samenlevingen wereldwijd ernstig op de proef. Francesco Rocca, president van het Internationale Rode Kruis, presenteerde het rapport vandaag in New York. “De wereld stevent af op een ongekende humanitaire crisis, waarbij klimaatverandering en covid-19 gemeenschappen tot het uiterste drijven. We raden alle wereldleiders aan om onmiddellijk actie te ondernemen, niet alleen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen maar ook om de dreigende humanitaire gevolgen van klimaatverandering aan te pakken”, zegt Rocca. Het rapport wordt nu gepresenteerd in aanloop naar de klimaattop in Glasgow eind oktober.

In Nederland werkte Maarten van Aalst, directeur van het Rode Kruis Klimaatcentrum, mee aan het rapport. “We merken dat de meest kwetsbare groepen dubbel geraakt worden. Bijvoorbeeld bij de overstroming in Bangladesh: de mensen zijn gered, maar zijn verder alles kwijt. En als corona ook nog de banen in de stad wegvaagt, worden ze dubbel hard getroffen. Daar maken we ons ernstig zorgen over”, zegt Van Aalst.

Lees ook: Boeren onteigenen voor een beter klimaat? Het kan ook anders.

Dodelijkste rampen in de wereld

Ook in Nederland merken we al wat extreme hitte kan doen. “Je verwacht het waarschijnlijk niet, maar de hittegolf die wij in 2020 hadden staat in de top 10 dodelijkste rampen in de wereld van het afgelopen jaar”, zegt Van Aalst. Die hittegolf zorgde voor honderden extra doden in Nederland. En door klimaatverandering stijgen die risico’s veel sneller, en is het waarschijnlijk dat extreme hitte en ander extreem weer nog vaker gaat voorkomen. “Tijdens bijeenkomsten vraag ik altijd wat mensen denken dat de drie dodelijkste rampen in Nederland zijn in de afgelopen vijftig jaar. Mensen denken de Bijlmerramp en de watersnoodramp. Maar het zijn de watersnoodramp én de hittegolven van 2003 en 2006. Dat zijn honderden vermijdbare doden.”

De onderzoeker vindt het belangrijk dat er geen prioriteit wordt gegeven voor de coronacrisis ten overstaande van de klimaatcrisis; we moeten ons er allemaal op voorbereiden. “Zo’n hittegolf in Canada was niet voorgekomen zonder klimaatverandering. Dat weten we zeker. Net als de overstromingen in Duitsland. En we moeten ons beseffen dat elke ton CO2 die nu nog de atmosfeer in gaat, het risico op weersextremen verhoogt.”

Volgens Van Aalst is het belangrijk dat de wereldleiders die bij de klimaattop in Glasgow aanwezig zijn er een schep bovenop doen. “We zijn niet ‘on track’ om de klimaatdoelen te halen en moeten ons beter aanpassen op klimaatverandering, zeker in de meest kwetsbare gebieden. Ook moeten we onze weerbaarheid tegen dit soort schokken versterken.”

De duurzame troonrede van Werner Schouten: ‘Het is tijd voor generatiegerechtigheid!’

Met dit investeringsprogramma kunnen food start-ups groeien als kool

Aan het woord is Liz Duijves, Business Development Manager bij Invest-NL. De impact investeerder is één van de initiatiefnemers van het Fastlane programma. Veel mensen denken bij Invest-NL aan de 1,7 miljard euro die CEO Wouter Bos tot zijn beschikking heeft om te investeren, maar Duijves benadrukt dat de taak van het staatsinvesteringsfonds groter is dan dat. Zo is het doel van haar afdeling om ervoor te zorgen dat financiering voor veelbelovende ondernemingen mogelijk wordt door knelpunten in de markt weg te nemen. Bijvoorbeeld door markten in kaart te brengen, nieuwe samenwerkingsverbanden te creëren en bedrijven te helpen om hun businessmodel te verbeteren. Dat is ook de insteek van het Fastlane programma: hindernissen aanpakken die de groei en opschaling van innovatieve bedrijven in de weg staan. Het programma richt zich specifiek op start-ups die een sleutelrol spelen in ‘de eiwittransitie’. Dat betekent dat de bedrijven bijdragen aan de vervanging van dierlijke producten door de productie en consumptie van plantaardige eiwitbronnen te stimuleren. Kortom, minder kaas van koeienmelk en meer alternatieve eiwitbronnen zoals soja, haver en erwten. Invest-NL wil deze transitie aanjagen, omdat de vlees- en zuivelindustrie zorgt voor veel CO2-uitstoot. “Innovatie is hard nodig om de voedselketen te optimaliseren en ons voedingspatroon positief te beïnvloeden.” Er wordt nog teveel voedsel verspild, ook in de supermarkt: zo gaat Plus dat tegen. Start-ups die de eiwittransitie versnellen “We zien dat er in Nederland veel innovatieve bedrijven zijn die werken aan een duurzame voedselketen, echter blijkt het lastig voor veel van deze ondernemers om succesvol op te schalen en voldoende groeifinanciering aan te trekken”, merkt Duijves op. Veel startups krijgen te maken met welbekende valkuilen die de groei van hun onderneming belemmeren en daarmee de transitie naar plantaardige eiwitten in de weg zit. Duijves noemt een aantal uitdagingen. “Bijvoorbeeld wanneer een onderneming zich voornamelijk richt op de ontwikkeling van de technologie waardoor de commerciële strategie achterblijft. Of een team dat qua vaardigheden niet divers genoeg is. Het zijn allemaal herkenbare uitdagingen waar het Fastlane programma bij kan helpen.” Tijdens de selectiedag die in augustus plaats vond, selecteerden een panel van experts en juryleden vier bedrijven die mee mogen doen aan de eerste editie van het Fastlane programma. “Een belangrijk criterium voor de selectie was impact. Heeft het bedrijf de potentie om op grote schaal geproduceerd en geconsumeerd te worden om daarmee de uitstoot van broeikasgassen te reduceren?” Daarnaast keken de juryleden onder andere naar de strategie, het team, de groeiambities en de financieringsbehoeften van de onderneming.Kaas gemaakt van bonen Willicroft is één van de bedrijven die door de selectie kwam. Het bedrijf ontwikkelt plantaardige kaas. Daarvoor gaat het bonen in plaats van noten gebruiken, die nu vaak de basis van plantaardige kaas zijn. Noten hebben veel dezelfde eigenschappen als melk, als je cashewnoten maalt wordt het ook een crème, waardoor het een goede basis is voor plantaardige kaas. Maar ook noten zorgen voor CO2-uitstoot. “Wat betreft emissies staan noten op de vierde plek. Na rundvlees, lamsvlees en kaas”, zegt oprichter Brad Vanstone. Daarom kiest Willicroft bonen en peulvruchten als basis. “Die overstap zijn we nu aan het maken: dit najaar worden onze nieuwe recepten uitgebracht.” Het bedrijf is vernoemd naar de boerderij van zijn grootouders. “Zij waren melkveehouders”, vertelt Vanstone. En dat staat meteen symbool voor zijn visie. “Veel bedrijven denken zwart-wit: veganisme tegenover de zuivelindustrie. Wij proberen juist om met de zuivelindustrie samen te werken, om hen te helpen bij de overgang.” Hij pleit dan ook niet voor de complete afschaffing van zuivelbedrijven, maar voor een aanpassing. In de toekomst die hij voor zich ziet, zijn er nog steeds veehouders. Alleen dan op kleine schaal en enkel voor lokale consumptie. “Ook voor akkerbouw is het van belang om dieren in de buurt te hebben om de grond te bemesten.” Hij benadrukt dat dit niet zomaar een mening is, maar dat wetenschappers dit ondersteunen. “Veeteelt is een van de belangrijkste pijlers van regeneratieve landbouw, waarbij natuurlijke hulpbronnen worden versterkt in plaats van uitgeput.” Dat vlees eten ook verantwoord kan zijn, omdat dieren voedselresten opeten, klopt niet. Dat zegt Armanda Govers van Even Geen Vlees. Er zijn genoeg andere goede, plantaardige doelen voor die reststromen. Lees hier haat opiniestuk. Klaar voor de volgende fase “We weten nu welke aanpak we willen hanteren en wat onze positie in de markt is. Dus nu is het echt een kwestie van verdubbelen”, zegt Vanstone. Hij hoopt dat het Fastlane programma daarbij kan helpen: op financieel en strategisch gebied. Hij wil sterk groeien met Willicroft en uitbreiden naar andere landen. Tegelijkertijd wil hij ervoor zorgen dat het bedrijfsmodel klopt, zodat het bedrijf op een netto positieve manier bijdraagt aan een betere planeet. Dat vergt goed-doordachte plannen, en financiering: “Meer investeringen ophalen is in dit stadium echt cruciaal.” Scale-up problemen oplossen In oktober gaat de eerste editie van het Fastlane programma van start. Naast Willicroft doen ook Rival Foods, Grassa en De Nieuwe Melkboer mee. Voor ieder bedrijf worden er aan de hand van een scan mijlpalen geïdentificeerd die van belang zijn voor het aantrekken van groeifinanciering. Een team van experts gaat de bedrijven een aantal maanden helpen, om ze klaar te stomen voor de volgende financieringsronde. Duijves hoopt dat hiermee meer innovatieve voedsel start-ups financierbaar worden en kunnen groeien. Wanneer is het programma in haar ogen een succes? “Als de partijen zich succesvol ontwikkelen tijdens het programma en daarmee een nieuwe financieringsronde weten op te halen. We willen deze ondernemingen zien uitgroeien tot professionele scale-ups die het Nederlandse landschap gaan veranderen. Willicroft zou zo maar eens de nieuwe Oatly kunnen worden.” De eerste editie van het programma start in oktober als pilot. De pilot biedt ondernemers de kans om mee te denken over de nadere invulling. Op basis van de kennis die Foodvalley NL, Invest-NL en ScaleUpNation hierbij opdoen, willen ze het programma verder ontwikkelen om volgend jaar een nog betere versie neerzetten. Het emailadres via waar deelnemers zich kunnen aanmelden, laat Duijves dan ook gewoon openstaan. “Volgend jaar verwachten we nog véél meer ondernemers te ondersteunen bij hun groei.” Ook de Nederlandse start-up Glowfarms wil graag de nieuwe Oatly worden. Lees hier over hun lopende band waar zij kruiden op telen.