Joyce de Thouars 11 december 2017, 12:10

‘Kansrijke biobased alternatieven voor omstreden oplosmiddelen’

Een rapport van Wageningen Food & Biobased Research toont aan dat er veelbelovende alternatieven zijn voor de omstreden oplosmiddelen NMP, DMAc en DMF. De onderzoeksinstelling is van plan de geïdentificeerde alternatieven verder te onderzoeken.

Shutterstock 771304192 edit

NMP, DMAc en DMS zijn belangrijke oplosmiddelen voor de industrie. De stoffen staan echter op een Europese lijst van ‘zeer zorgwekkende stoffen’. Daarom kan het gebruik ervan in de toekomst wettelijk beperkt worden in de Europese Unie (EU).

DMAc, dat bijvoorbeeld wordt gebruikt bij het maken van kunstvezels, kwam vorig jaar nog negatief in het nieuws. Fertiliteitsproblemen bij vrouwelijke medewerkers van een chemiefabriek werden aan de stof gelinkt.

Biobased

Recent onderzoek van Wageningen Food & Biobased Research heeft in opdracht van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) alle nieuwe, marktrijpe biobased chemicaliën gescand. Hierbij is specifiek gekeken naar biobased alternatieven voor PAO.

“Het is wel belangrijk om inzicht te hebben in zaken als technische haalbaarheid, beschikbaarheid van grondstoffen en of er al commerciële productie mogelijk is”

De onderzoeksinstelling ontwikkelt al veilige alternatieven voor tolueen en NMP in het Europese Resolve-project van de Bio-Based Industries Joint Undertaking. Hierbij worden alternatieven met een totaal andere chemische structuur ontwikkeld. Deze alternatieven zijn ook duurzaam, omdat ze worden gemaakt uit koolhydraatrijke reststromen, zoals suikerbietenpulp.

“De ontwikkeling van nieuwe stoffen met unieke chemische structuren en eigenschappen kan een belangrijke oplossing bieden voor vervanging van omstreden oplosmiddelen zoals DMCa en NMP”, vertelt Daan van Es, senior onderzoeker bij Wageningen Food & Biobased Research. Hij voegt toe: “Het is dan wel belangrijk om inzicht te hebben in zaken als technische haalbaarheid, beschikbaarheid van grondstoffen en of er al commerciële productie mogelijk is.”

Industriële partners

Van Es benadrukt dat er verder onderzoek nodig naar de effectiviteit, duurzaamheid en toxiciteit van de geïdentificeerde biobased vervangers. Zo bekijkt het RIVM in een vervolgstudie welke gegevens over toxiciteit al beschikbaar zijn voor de biobased alternatieven.

Daarbij wil Wageningen Food & Biobased Research samenwerken met de industrie. “Het liefst zouden we met verschillende industriële partners – denk aan producenten van verven en industriële schoonmaakmiddelen maar ook door producenten van biobased stoffen zelf – de beoogde vervangers voor toxische stoffen in hun oplosmiddelen willen onderzoeken.” Hierbij zou de overheid volgens de instelling een stimulerende en faciliterende rol kunnen spelen.

“Voor de stoffen tolueen en NMP geven we hier al een aanzet toe in het Resolve-project. Je ziet dat je dan pas concreet duidelijk kunt maken wat de potentie is van biobased vervangers, en met industriële partners ook echt kunt gaan nadenken over commerciële productie”, aldus Van Es.

Bron: Wageningen Food & Biobased Research | Foto: Shutterstock.com

Soja uit Zeeland: flop of belofte?

Dat schrijft BoerenBusiness.nl Het aantal telers groeide in 2017 van vier naar zes en voor komend jaar verwacht CZAV, die een rol heeft in de teeltbegeleiding, collectie en bewerking, wederom een kleine toename. De interesse onder telers is er zeker, mede doordat de ontwikkeling tot nog toe is ondersteund door de provincie Zeeland in de vorm van een subsidie.Deze steun is noodzakelijk om aan verdere kennisontwikkeling te doen door studie en proeven. Ook in 2018 steunt de provincie Zeeland het project. "Jaarlijks stellen we de voortgang vast op basis van de evaluatie. Zolang er progressie wordt geboekt en er zicht is op een afzetmarkt blijven alle betrokken enthousiast om een rendabele teelt te helpen ontwikkelen", weet adjunct-directeur Ko Francke.Geschikt klimaat Gemiddeld wordt 4 hectare sojabonen per teler verbouwd. Zeeland heeft een geschikt klimaat voor bonenteelt en dus ook voor soja. Vanwege de temperatuur en het relatief hoge aantal zonuren kunnen goede opbrengsten gehaald worden. Toch vielen deze, zoals al eerder werd voorspeld, wat tegen."De netto-opbrengst is uitgekomen op 2 ton per hectare, tegen 2,7 in 2016. De hoogste opbrengsten waren respectievelijk 3 en 2,5 ton per hectare. De oogst verliep goed, alhoewel deze wel even onderbroken werd door de regen", voegt Francke eraan toe.TelerservaringenDe reden van de tegenvallende opbrengst is inmiddels duidelijk. Bij het enten van het zaadgoed is iets misgegaan, wat in combinatie met de droge omstandigheden bij zaai, consequenties heeft voor het eindresultaat. Enten van sojazaad met rhizobium-bacteriën versterkt de stikstofbinding en verhoogt de opbrengst. Een leermoment voor volgend seizoen, stelt CZAV.Positieve resultaten zijn voornamelijk opgedaan met ervaringen op het vlak van precisiezaaien en ziektebeheersing. Telerservaringen laten ook de waarde van het gewas in het bouwplan zien met betere opbrengsten van volggewassen. Financieel resultaatOver het financieel resultaat zegt Francke het volgende: "Het doel van het project is tot nu toe teeltoptimalisatie, zoeken naar specifieke kwaliteitsaspecten en afzetkanalen. Met de tot nu toe behaalde opbrengsten en prijzen is er nog geen sprake van een rendabele teelt. Daarvoor moet de opbrengst, bij huidige kosten en risico, naar minimaal 3,5 ton of de prijzen duidelijk hoger."Aan de interesse voor Zeeuwse soja zal het niet liggen. Die is aanwezig in de markt, zowel voor consumenten (tofu, bakkerij, sojadrinks) als veevoeder. In 2017 zijn het contact met potentiële afnemers uitgebreid. "Ook zien we interesse voor meer informatie over de Zeeuwse soja bij de consument. Dit is ook iets om in de toekomst op te volgen en verder de unieke waarde te ontwikkelen."Stijgende vraag De vraag naar plantaardig (GMO-vrij) eiwit stijgt de laatste jaren en neemt naar verwachting de komende jaren flink toe. "Sojabonen zijn eiwitrijk en worden onder meer in brood, zuivel en als vleesvervanger gebruikt. Het grote voordeel is dat sojabonen nauwelijks gewasbescherming of bemesting vragen. Daarnaast is het een stikstofbindend gewas, dat de teler een extra plus in de vruchtwisseling biedt. Daarnaast biedt een lokale teelt nog andere duurzaamheidsvoordelen ten opzichte van importen uit Noord- en Zuid-Amerika waar nu de soja vandaan komt."Voor komend seizoen gaat CZAV verder met praktijkonderzoek naar onder meer verschillende rassen, effect in het bouwplan en wijze van inoculeren. "Ook de zoektocht naar specifieke afzetkanalen wordt voortgezet. De verwachtingen zijn wel dat er hogere opbrengsten worden gehaald en dat de interesse in de markt de afzet ondersteunt. De markt is heel divers, zo ook de vraag naar en het aanbod van eiwit. Het is zoeken naar een niche."Dit bericht verscheen eerder op BoerenBusiness.nl. Lees ook op deze website:Focus voor Dronewerkers op melkveehouderij Akkerbouwclubs sluiten zich aan bij Datahub Bron: BoerenBusiness.nl | Foto: Shutterstock.com