Romy de Weert 11 februari 2022, 09:30

Waarom duurzame kleding duurder is - en welke kledingmerken je wél kunt kiezen

Er is geen ontkennen aan: ieder mens houdt zich bezig met kleding. Want we dragen het immers allemaal en iedere dag. De impact die kleding heeft op het milieu, het klimaat en de mens kun je zélf bepalen. Maar daar hangt wel een prijskaartje aan. Lees hier alles over duurzame kleding.

Adobe Stock 393616055 Duurzame alternatieven zijn in opkomst, maar die zijn nog een stuk duurder. | Credits: Adobe Stock

Kleding begon als een essentieel middel om onszelf warm te houden en te beschermen. Maar al snel gebruikten we het om te laten zien wat we uitstralen en wie we zijn. Daar spelen modebedrijven slim op in door steeds vaker nieuwe collecties uit te brengen waardoor je steeds weer nieuwe kleding koopt. Daardoor wordt kleding steeds vaker gezien als een wegwerpproduct.

Lees ook: H&M erkende laatst dat kleding jarenlang als wegwerpproduct hebben behandeld. Met haar eerste circulaire collectie wil ze het tij keren.

De uitstoot van kledingproductie

En dat heeft gevolgen. Cijfers over de impact van kleding op het milieu lopen sterk uiteen. Het ene onderzoek spreekt over 4 procent van de wereldwijde broeikasgasuitstoot, terwijl een ander het over 10 procent heeft. Feit is wel dat dit percentage zal blijven toenemen als we op dezelfde voet doorgaan. Gemiddeld kopen we per persoon zo’n vijftig kledingstukken per jaar. Slechts een heel klein deel daarvan wordt aan het einde van de levensduur gerecycled. De rest belandt op de brandstapel.

De uitstoot van broeikasgassen is één probleem. Maar het maken van kleding heeft meer negatieve gevolgen voor het milieu. Zo is er voor de groei van gewassen veel water, kunstmest en bestrijdingsmiddelen nodig. Kies je voor een synthetische stof, dan is de kans groot dat het gemaakt is uit aardolie, dat bij het wassen weer microplastics loslaat.

Lees ook: hoe duurzaam is vegan leer?

Bovendien is er een enorme hoeveelheid water nodig voor het verven van stoffen. Verf bestaat uit schadelijke chemicaliën die slecht zijn voor het milieu. Doordat het vaak ontbreekt aan goede waterzuiveringsinstallaties, wordt het vuile water regelmatig geloosd in rivieren. Het zijn allemaal gevolgen van het productieproces om een kledingstuk te maken. Maar al deze vervuiling is niet nodig.

Waarom is duurzame kleding duurder?

We kunnen met z’n allen het roer omgooien, want er komen steeds meer duurzame kledingmerken op de markt. Maar als je op zoek bent naar duurzame kledingmerken, kom je al snel tot de conclusie dat duurzame kleding een stuk duurder is dan normale kleding. Of misschien is het beter om te zeggen dat normale kleding té goedkoop is. Voor duurzame kleding wordt vaak een eerlijke prijs betaalt, die dus vaak wat duurder is. Dat heeft te maken met de grondstoffen, arbeidsomstandigheden en productiegrootte.

Duurzame (grond)stoffen

Katoen en polyester zijn de meest gebruikte grondstoffen voor kleding. Maar ze zijn allesbehalve duurzaam. Voor de productie van katoen worden veel pesticiden en water gebruikt. “Zo’n 75 procent van al het katoen op de wereld wordt ‘vuil’ geproduceerd: er worden veel chemicaliën en kunstmest gebruikt en slechte salarissen betaald”, zei Rob van den Dool in een eerder interview. Zo’n 24 procent is katoen met het Better Cotton Initiative (BCI) certificaat en vergelijkbare initiatieven, waar boeren minder gif mogen gebruiken dan normaal. Slechts 1 procent is biologisch katoen met een GOTS-keurmerk en alleen dát is duurzaam. Hier worden geen chemicaliën en bestrijdingsmiddelen gebruikt en boeren krijgen de echte prijs voor hun oogst. Van den Dool: “De verwachting is dat het percentage biologisch katoen over tien jaar op 2 procent ligt.”

Lees ook: New York lanceert unieke Fashion Act om mode-industrie te verduurzamen

Veel katoen en polyester wordt vanuit landen als China, India en Pakistan naar Nederland verscheept. Maar er zijn duurzame alternatieven in opkomst. Zo zijn hennep en brandnetel bijvoorbeeld bruikbare grondstoffen voor kleding die ook nog eens lokaal geproduceerd kunnen worden. Bovendien zijn er voor die duurzame materialen geen pesticiden nodig. Maar hennep en brandnetel kunnen wel twee tot vijf keer duurder zijn als katoen.

Voor polyester geldt hetzelfde probleem. Polyester is een product gemaakt uit aardolie, wat voor veel CO2-uitstoot zorgt. Bovendien komt er bij het wassen ervan iedere keer weer microplastics vrij. Productie ervan is goedkoop en daarom neemt polyester 52 procent van de wereldwijde vezelmarkt voor zijn rekening. En omdat het goedkoper is om nieuw polyester in te kopen dan te recyclen, wordt meer dan 91 procent van het polyesterafval weggegooid of verbrand.

Eerlijk loon en goede arbeidsomstandigheden

De lonen en arbeidsomstandigheden zijn in de kledingindustrie niet altijd even eerlijk en veilig. De ramp in 2013 in Rana Plaza bevestigde dat. Het gebouw van tien verdiepingen in Dhaka, de hoofdstad van Bangladesh, stortte in. Er kwamen 1.134 arbeiders om het leven en duizenden anderen raakten gewond. Het Bangladesh Akkoord dat het jaar erop volgde, moest zorgen voor veiligere werkomstandigheden in kledingfabrieken voor arbeiders.

De fabrieken waar kleding wordt gemaakt staan vaak in lagelonenlanden, zoals Bangladesh, India en Pakistan. Mensen worden niet altijd eerlijk behandeld. Er vindt gedwongen overwerk en discriminatie plaats, en arbeiders werken vaak in onveilige omstandigheden. Soms is er zelfs een verbod op vakbonden. Volgens Milieu Centraal komen dit soort oneerlijke situaties met regelmaat voor in de kledingindustrie. “Slechts een klein deel van het bedrag dat je betaalt in de winkel gaat naar de loonkosten voor het naaien van een kledingstuk. De kosten voor reclame en de winst voor de (tussen)handel vormen de grootste kostencomponenten van kleding”, schrijft Milieu Centraal.

Lees ook: Producenten verantwoordelijk voor afgedankte kleding: gaat deze maatregel de kledingsector dan eindelijk verduurzamen?

Die maatschappelijke en milieukosten zijn vaak niet verwerkt in de winkelprijzen. Als we dat geen schade meer willen toebrengen aan de mens en natuur, zou een ‘eerlijke’ prijs dus helpen. Zo laat het bedrijf True Price de ware prijs van producten zien, inclusief de sociale en ecologische kosten op de lange termijn. Eerder onderzochten ze samen met ABN AMRO de werkelijke prijs voor een spijkerbroek. Die ligt zo’n 33 euro boven de prijs die je in de winkel betaalt. Met dat extraatje is iedereen die jouw spijkerbroek heeft gemaakt beter af.

Massaproductie in de kledingindustrie

Bovendien speelt massaproductie een rol bij de prijs van het product. Het produceren van massa is goedkoper dan het produceren van kleinere batches. Een grote en deels geautomatiseerde fabriek produceert veel efficiënter en goedkoper dan een kleinere fabriek. Een duurzaam verantwoord ondernemer die kleine batches laat produceren is daarom meer geld kwijt, wat de prijs van het kledingstuk laat stijgen.

Wat zijn duurzame kledingmerken?

Steeds meer bedrijven werken aan duurzame kledingproductie. Er zijn tal van verzamelwebsites te vinden die een overzicht hebben gemaakt van duurzame merken. Project CeCe zet ze op een rij, net als Good On You, Goedewaar, Fairwear, Stricters en Shoplikeyougiveadamn. Deze websites geven een overzicht van kledingmerken die hard aan de weg timmeren om duurzaam te zijn in hun producten én sociale omstandigheden.

Deze Nederlandse kledingmerken hebben duurzaamheid hoog in het vaandel staan:

Wil je meer lezen over duurzame kleding? Bekijk dit dossier.

Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.

ABN Amro verwacht verdubbeling as-a-service bedrijven

“Het aantal as-a-service transacties gaat de komende jaren minimaal verdubbelen. Absoluut”, zegt Rob van Willigen van ABN Amro. En de vraag om financiering groeit mee. Dit soort bedrijven financieren is echter makkelijker gezegd dan gedaan. Van Willigen is expert op het gebied van 'product-as-a-service' (PaaS) en kent de uitdagingen. Hij houdt zich namelijk al ruim twee jaar met het thema bezig. Hij richt zich specifiek op dit soort circulaire businessmodellen, omdat daar een financieringsprobleem zit. “Als je naar winstgevendheid kijkt, dan loop je in het begin een beetje achter de feiten aan”, weet Van Willigen. Hij geeft de verhuur van 1.000 wasmachines als voorbeeld. “Als je start met een product-as-a-service model dan gaan de kosten voor de baten uit. Want je moet die 1.000 wasmachines wel voor financieren, maar het geld ontvang je misschien acht jaar later pas helemaal terug.” Dat vinden financiers een lange tijd. Het is een van de redenen waarom ze het spannend vinden om geld in dit soort bedrijven te steken. 100 miljoen euro voor product-as-a-service ABN Amro leende al ruim 100 miljoen euro uit aan bedrijven met een product-as-a-service model. Vanwege de verwachte groei van dit soort as a service modellen richt de bank nu een speciale desk in. Hier kunnen ondernemers terecht voor adviezen over financieringsmogelijkheden. Omdat de voorfinanciering in dit soort circulaire businessmodellen vaak fors is nemen ook de risico's voor de bank toe. Om die risico's te verkleinen is ABN Amro een samenwerking gestart met advocatenkantoor NautaDutilh. ABN Amro kan bedrijven die bij het PaaS-desk komen doorverwijzen naar het advocatenkantoor voor juridisch advies over hun contracten. Ook heeft de bank de hulp ingeschakeld van accountants. Bij een as-a-service model blijft de producent eigenaar van de producten. Daar zijn accountants en financiers niet aan gewend. Om bij de wasmachines te blijven: In een lineaire economie verkoopt een bedrijf die wasmachines. De klant is dan eigenaar. Maar wanneer het bedrijf de wasmachine verhuurt en betaald krijgt per wasbeurt, blijft het apparaat als bezit op de balans van het bedrijf staan. En apparaten die op de balans staan worden volgens boekhoudkundige regels binnen vijf jaar 'waardeloos'. Maar voor verhuur-wasmachines is dat anders. “Zolang een product verhuurbaar is, dan heeft dat een waarde.” Een goede wasmachine gaat wel tien of vijftien jaar mee. En een producent van verhuurbare wasmachines doet natuurlijk extra zijn best om goede producten te maken. “Je blijft eigenaar dus je gaat betere producten maken en ook zorgen dat je ze beter kunt onderhouden.” Kortom, de manier waarop accountants het nu opschrijven sluit niet goed aan bij de werkelijkheid. Dat is logisch, omdat ze gewend zijn aan de (oude) lineaire modellen. Toch moet het zo snel mogelijk anders, want dat helpt banken bij het maken van goede risico-inschattingen. Dat leidt vervolgens weer tot meer financieringen. Eén van de puzzelstukjes in de circulaire economie Ondanks dat Van Willigen verwacht dat het aantal bedrijven met as-a-service bedrijfsmodellen die de bank zal financieren de komende jaren minimaal verdubbelt, is er nog een lange weg te gaan voordat de circulaire economie echt een feit is. “De circulaire economie krijg je niet voor elkaar zonder wet- en regelgeving”, denkt hij. Daarom is hij bijvoorbeeld blij met de Europese richtlijn die stelt dat producten repareerbaar moeten zijn. Ook hoopt hij dat er meer productie naar Europa wordt teruggehaald. “Dat zijn allemaal kleine puzzelstukjes die het complete verhaal maken. En de toegang tot financiering is daar één van. Het is echt een samenspel.”Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.