Erika van Zinderen Bakker 12 juni 2023, 16:21

Bedrijven zien nut in van Europese Natuurherstelwet: ‘We hebben veerkrachtige ecosystemen nodig voor onze economische activiteiten’

Een coalitie van meer dan zestig EU-bedrijven pleit bij de Europese Unie vóór de natuurherstelwet. De milieucommissie van het Europarlement stemt op 15 juni over deze wet. Op 20 juni komen de milieuministers van de lidstaten bijeen om hun definitieve positie te bepalen. Zal de wet het dankzij deze noodkreet overleven?

Adobe Stock 610916339 Een van de speerpunten van de natuurherstelwet is herstel van de natuur in productiegebieden, zoals landbouwecosystemen en productiebos. | Credits: Adobe Stock

De Europese Commissie presenteerde een jaar geleden haar natuurherstelwet. Die kon rekenen op veel weerstand. Zowel vanuit de lidstaten als in het Europarlement – vooral uit de hoek van de christendemocraten en sommige liberalen. Nederland is een van de meest kritische lidstaten.

Verbod op natuurverslechtering

Zweden, de huidige voorzitter van de EU, deed vorige week een voorstel om de wet aan te passen om zo meer medestanders te krijgen. In het Zweedse voorstel staat dat natuur buiten beschermde Natura 2000-gebieden niet ‘significant’ mag verslechteren. In de eerste versie stond dat de natuur in deze gebieden niet mag verslechteren. Juist dat voorschrift was een groot bezwaar van onder andere het kritische Nederlandse kabinet en van christendemocraten en enkele liberalen in het Europees Parlement.

Omdat het erom spant of de wet het gaat halen, heeft eurocommissaris Frans Timmermans dit voorstel overgenomen. Hij kwam afgelopen vrijdag de tegenstanders van de wet tegemoet door onder andere dit verbod op verslechtering van de natuur af te zwakken. Er is een kans dat dit voorstel wel op genoeg steun van de lidstaten kan rekenen.

Wat staat er in de wet?

De natuurherstelwet is opgebouwd rond zeven thema’s. Samengevat zijn er vier speerpunten:

  • Natuurherstel met focus op de types natuur die helpen bij de klimaatuitdagingen, zoals bossen, wetlands, graslanden, rivieren, zee
  • Natuurherstel in productiegebieden, zoals landbouwecosystemen en productiebos
  • Vergroening van steden om de leefbaarheid in een opwarmend klimaat te waarborgen
  • Het redden van bestuivers in het belang van ecosystemen en onze voedselzekerheid

Bedrijven pleiten voor de natuurherstelwet

Nu waarschuwen meer dan zestig bedrijven, van Unilever tot IKEA, Europarlementariërs dat de ineenstorting van onze ecosystemen en klimaatverandering grote gevolgen hebben voor boeren. De bedrijven willen de wet redden en roepen op om de Europese boeren te beschermen door vóór de wet te stemmen. ‘Als we nu niet ingrijpen, zal het aantal gebieden dat geschikt is voor landbouw afnemen.’

Ecopreneur, een organisatie die zich richt op Europese belangenbehartiging in duurzame ontwikkeling en groene economie, laat weten: “Het beschermen en herstellen van de natuur in Europa zal de schade als gevolg van klimaatverandering en de ineenstorting van de biodiversiteit verminderen en tegelijkertijd nieuwe zakelijke kansen bieden.”

Naast Unilever, IKEA en Ecopreneur, bestaat de coalitie van bedrijven die oproepen om de Natuurherstelwet aan te nemen uit tientallen andere grootschalige, internationale ondernemingen. Bekenden zijn onder meer MVO Nederland, Triodos Bank en Arup. Klik hier om de hele lijst van bedrijven te bekijken.

‘Alarmerend’

Maria Soraya Rodríguez Ramos is lid van het Europees parlement voor RENEW, de fractie van liberale en (liberaal-)democratische stromingen in Europa. Zij treedt op als schaduwrapporteur voor de natuurherstelwet. Rodríguez Ramos: “De droogte in Spanje begint boeren, bedrijven en de voedselproductie al zodanig te treffen dat Spanje en Portugal noodhulp van de EU nodig hebben. De staking van de EVP (De Europese Volkspartij, de samenwerkende christendemocratische stromingen, red.) tijdens de onderhandelingen over belangrijke Green Deal-voorstellen is alarmerend en onverantwoord te midden van de escalerende klimaatimpact. Dit is onze laatste kans om deze belangrijke wetgeving van kracht te krijgen en ervoor te zorgen dat boeren, de eerste slachtoffers van de klimaatschok, geen risico lopen.”

Veerkrachtige ecosystemen

Sabien Leemans is senior beleidsmedewerker biodiversiteit bij het WWF European Policy Office. Volgens haar is wetgeving om de natuur- en klimaatcrises aan te pakken hard nodig.

“Vooruitstrevende bedrijven sluiten zich aan bij een lange lijst van belanghebbenden die pleiten voor een sterke natuurherstelwet, waaronder burgers, ngo’s, de wetenschappelijke gemeenschap en andere zakelijke netwerken. De leden van het Europees Parlement en de EU-lidstaten moeten gehoor geven aan deze oproepen en zorgen voor wetgeving die Europa hard nodig heeft, geschikt om zowel natuur- als klimaatcrises aan te pakken. Deze verklaring herinnert ons eraan dat we allemaal veerkrachtige ecosystemen nodig hebben voor onze economische activiteiten, de gezondheid van de mens en de planeet.”

Lees ook:

Nederland heeft meer kleinschalige elektrolyseprojecten nodig

Dit is een gastbijdrage van Jörg Gigler – directeur TKI Nieuw Gas van de Topsector Energie Momenteel hebben we in Nederland slechts enkele demonstratieprojecten voor elektrolyse, te weten de elektrolyser van HyStock in Zuidwending (1 megawatt) en die van Alliander en GroenLeven in Oosterwolde (Sinnewetterstof, 1,4 megawatt). Daarnaast zijn er kleinere testopstellingen van enkele honderden kilowatt. In het PosHydon-project wordt door Neptune Energy en partners een elektrolyser van 1 megawatt getest op een offshore-platform. Qua productie is dat allemaal nog wat magertjes – overigens om begrijpelijke redenen, maar toch. Planning op papier Als we naar de planning van projecten kijken, ziet het er op papier heel goed uit. Zo wordt in het H2Hollandia-project een elektrolyser van 5 megawaat in Nieuw-Buinen gerealiseerd. De bedoeling is dat het project in het tweede kwartaal van 2024 gereed is. In het kader van de IPCEI tweede golf (IPCEI staat voor Important Projects of Common European Interest, een Europees subsidieprogramma) zijn zeven projecten gehonoreerd, in grootte variërend van 100 tot 250 megawatt aan elektrolyse. Voor deze projecten is bijna 800 miljoen euro aan subsidie vrijgemaakt. Shell, de partij achter de 200 megawatt elektrolyser ‘Holland Hydrogen One’ is als eerste met de bouw begonnen, de rest wacht nog af. De ambitie (geen doel) van Nederland is om in 2030 3 tot 4 gigawatt aan elektrolyseprojecten te realiseren en indien mogelijk zelfs 6 tot 8 gigawatt in het begin van de jaren dertig. Daar zijn we nog lang niet, alhoewel de pijplijn goed gevuld lijkt. Naast alle concrete plannen zijn er ook nog allerlei plannen en visies over de ontwikkeling van waterstofprojecten naar gigawattschaal rond 2030, zoals HyNorth in Noord-Nederland. Opschaling: omvang of aantallen? Voor het bereiken van de ambitie voor 2030 is schaal nodig. Met kleine projecten komen we er dan niet. Door te bouwen aan projecten in de ordegrootte 100-250 megawatt uit de IPCEI-regeling, die allemaal zo rond 2026-2028 klaar moeten zijn, bereiden we de weg voor om naar gigawattschaal door te groeien. Daar zit een logica in, maar hierin schuilt ook een aantal grote risico’s. Al deze projecten zijn namelijk enorm kapitaalintensief en ondanks de investeringssubsidie moet er een hoop privaat geld bij. Ook moet de waterstof afgezet kunnen worden tegen een prijs die de kosten dekt, zelfs met steun van een subsidie per geproduceerde kilogram. Deze grote projecten hebben daarnaast behoefte aan heel veel duurzame elektriciteit, vooral van offshore-wind, die nu in ontwikkeling is, maar mogelijk niet op tijd in voldoende mate beschikbaar is. Vanwege de omvang en het gebrek aan ‘bewijs’ is het bevoegd gezag terughoudend met het verlenen van vergunningen. Ter vergelijk: de grootste Europese projecten die gerealiseerd zijn, hebben een omvang van 10-20 megawatt. Alles in huis voor succes De technologie is dus op weinig plekken waar ook ter wereld op deze schaal gedemonstreerd. En de technologie is helaas afkomstig van een klein aantal buitenlandse partijen die nu de opdrachten krijgen voor de realisatie van deze installaties, ook in Nederland. De zeven IPCEI-projecten zijn uniek en dragen bij aan de wereldwijde inspanningen om op te schalen. Daar moeten we vooral in mee blijven doen, want Nederland heeft zo’n beetje alles in huis om succesvol te zijn op dit vlak: offshore-wind, aanlanding van elektriciteit, waterstofinfrastructuur, industrieclusters, maakindustrie enzovoort. Small is beautiful Tegelijkertijd is het noodzakelijk om meer kleinere projecten te ontwikkelen, in de ordegrootte van 2-5-10 megawatt. Waarom? Die projecten kunnen waarschijnlijk veel sneller gerealiseerd worden, omdat vergunningen eerder kunnen worden verleend. Deze projecten zijn, alhoewel duur, veel minder kapitaalintensief. Door de schaal is het waarschijnlijk makkelijker om de geproduceerde waterstof lokaal af te zetten, bijvoorbeeld in de mobiliteit, de lokale industrie en het MKB (het zogenaamde zesde cluster). Daarmee bouwen we aan een gestage stroom van projecten waarmee we lokale en regionale markten kunnen ontwikkelen en kennis en expertise in Nederland kunnen opbouwen. En deze projecten lenen zich ontzettend goed voor het testen en demonstreren van innovaties. Er is nog een zeer belangrijk argument voor kleinere projecten: ze bieden namelijk een kans voor de maakindustrie om innovatieve Nederlandse producten die in de keten nodig zijn, van productie van waterstof tot en met het eindgebruik, te ontwikkelen en demonstreren. De kans is namelijk klein dat dit gaat lukken in de grote projecten, simpelweg omdat daar wordt gekozen voor bewezen technologie met partijen die grootschalig kunnen leveren en waarbij zo weinig mogelijk risico’s worden genomen. Daar is vooralsnog maar weinig ruimte voor de Nederlandse maakindustrie. Keuzes maken of duizend bloemen laten bloeien? Een relevante vraag is dan waar we als Nederland op moeten inzetten? Er wordt vaak gepleit voor het maken van keuzes maar in dit geval is het slim om beide wegen te bewandelen. Inzetten op grote 100+ megawatt elektrolysers om schaal te generen, gekoppeld aan offshore-windparken en toepassing in de industrie(clusters). Dat is een traject van langere adem. En tegelijkertijd inzetten op een hele reeks kleinere projecten, gekoppeld aan wind- en zonneparken op land, waarbij lokale markten worden bediend, snel kan worden geleerd en de Nederlandse maakindustrie haar rol kan nemen en zich zodanig kan ontwikkelen dat zij in de toekomst ook grote projecten aan kan. Het is verder van belang dat het innovatie- en demonstratie-instrumentarium hier ruimschoots ondersteuning aan geeft. Daarbij moeten we niet strenger zijn dan ons omringende landen, maar de Nederlandse maakindustrie in de volle breedte faciliteren! Duizend bloemen laten bloeien is wat veel van het goede, maar we doen er verstandig aan om in ieder geval deze twee bloemen goed te verzorgen en tot wasdom te laten komen zodat ze de energietransitie in de volle breedte kunnen opfleuren.Waterstofkaart Op de nieuwe waterstofkaart van waterstofconsortium Missie H2 en TKI Nieuw Gas (Topsector Energie) staan alle actuele waterstofprojecten in Nederland. Hier kun je zien hoe de Nederlandse waterstofmarkt zich ontwikkelt. Nu en in de toekomst.Lees ook: Changemaker Stephan Bredewold: "Als straks de groene waterstoffabrieken opengaan, staan onze stations al."Timmermans bezoekt eerste Battolyser pilotfabriek ter wereldEnergietransitie is meer dan een technologische uitdaging. ‘Zet de wensen van gebouweigenaren centraal.’