Emma Rotman 10 juli 2020, 09:00

Zeewierpionier Willem Sodderland: “Als ondernemer heb ik alle fouten wel eens gemaakt"

In 2013 bestelde Willem Sodderland in een restaurant op Ibiza een zeewiersalade. Op het eerste oog leek het zeewier nergens te bekennen, tot hij ontdekte dat het ging om de groene slierten die hij voor pasta aanzag. Hij wist meteen: dit wordt mijn volgende innovatie. In de Green Leaders podcast vertelt Sodderland over pionieren in de voedselindustrie.

Seamore zeewier jan wischnewski

In het restaurant op Ibiza ging er meteen al van alles door zijn hoofd, vertelt Willem Sodderland aan Paul van Liempt. Net voordat de coronacrisis zich voltrok, was hij te gast in onze Green Leaders podcast. “Het was vooral de logica van een vondst: dat je iets hebt gevonden dat zou kunnen kloppen, dat iets zou kunnen veranderen of verbeteren.”

Een jaar later richtte Sodderland Seamore op. Inmiddels liggen zijn pasta, wraps en bacon van zeewier in supermarkten door heel Europa. Het slaat aan omdat het zich op een kruispunt van twee trends bevindt, verklaart Sodderland: gezondheid en duurzaamheid. “Zeewier gebruikt eigenlijk niets wat schaars is. Je hebt alleen zonlicht nodig en een stuk oceaan.”

Coronacrisis

Ook voor Seamore kwam de coronacrisis op een ongelukkig moment. Sodderland wilde net zijn nieuwe zeewier-tortillachips in de markt zetten en had daar grote plannen mee in de foodservice: evenementen, bedrijfskantines, restaurants, groothandels en grote cateraars. “Maar toen barstte het coronavirus los in Nederland en ging alles op slot, dus we moesten meteen al van koers wijzigen.” 

Seamore zag de omzet de laatste maanden met 60 procent dalen. Het is ook een lastige periode om nieuwe producten in de schappen te krijgen bij de grote supermarktketens. “Traditionele retail is altijd al een superuitdagende omgeving voor innovatieve producten zoals zeewier. De afgelopen tijd hadden zij daar nog minder ruimte voor, omdat voor hen het aanvullen van distributiecentra uitdaging nummer één was.”

Van supermarktketen naar delicatessenwinkel

Daarom besloot Sodderland zijn pijlen te richten op delicatessenzaken. “We hadden nog geen definitieve verpakking voor onze chips omdat dit voor de foodservice niet nodig was. Daardoor konden we er niet direct mee naar grote supermarktketens. Maar delicatessenwinkels kunnen goed werken met de ambachtelijke uitstraling van zo’n verpakking. Zij zijn ook afhankelijk van innovatieve, bijzondere producten. En juist in die winkels liep het storm de afgelopen tijd.”

Lees ook: Coronacrisis: doorbraak voor een lokaler voedselsysteem?

Die switch sloeg aan, want consumenten bleken regelmatig terug te komen voor de zeewierchips. “We verkopen daar ongelofelijke aantallen. Niet genoeg om die 60 procent omzetverlies mee op te vangen, want die is gebaseerd op een netwerk dat je door de jaren heen hebt opgebouwd. Maar het mooie hiervan is dat we een case kunnen bouwen: dit is een product dat iedereen in de winkel wil hebben.” Dat helpt om straks de grote supermarktketens te overtuigen, die nu weer langzaamaan ruimte maken voor innovatieve merken. “Dat is het positieve eraan: je ziet op een andere manier de potentie van je product.”

Direct naar consument

Wat de afgelopen maanden ook duidelijk werd, is dat er veel meer mogelijkheden zijn om een product aan de man te brengen dan via winkels. “Er zijn natuurlijk allerlei maaltijdboxen bijgekomen en de consument doet steeds vaker online boodschappen. Een belangrijke trend, waar wij nu ook versneld op inzetten. We bieden bijvoorbeeld producten aan via Amazon en Bol.com en hebben een vegan nacho-pakket gelanceerd. Dat was bedacht voor restaurants, maar nu kan de consument die bestellen voor thuis.”

Duurzaamheid steeds belangrijker

Er is de afgelopen maanden veel gezegd over de coronacrisis als startpunt voor een nieuwe economie. Toch lijken de grote systeemveranderingen die nodig zijn voor een duurzame samenleving uit te blijven. “Ik denk echt dat veel mensen zich bewuster zijn van hun impact op de wereld en het belang van een gezonde leefstijl. Maar er zit zoveel weerstand en starheid in systemen dat er waarschijnlijk ook veel teruggaat naar het oude”, denkt Sodderland.

Toch ziet hij wel degelijk veranderingen. “Het thuiswerken heeft een gigantische vlucht genomen, dat gaat niet meer terug. En wij merken aan de vragen die we van onze klanten krijgen dat duurzaamheid een steeds belangrijker topic is. Als cateraars of winkels die vragen hebben, dan komt dat omdat de consument het belangrijk vindt. Dat zijn belangrijke signalen.”

Lees ook: Zeewierproductie wordt goedkoper dankzij nieuwe verwerkingsmethode

Interview: Paul van Liempt | Hoofdbeeld: Jan Wischnewski | Portret: Seamore

Het nieuwe werken: ‘Behoud van minder reizen is veel meer dan een mobiliteitsvraagstuk’

In Nederland wordt 27 procent van alle CO2-uitstoot veroorzaakt door mobiliteit; goederen en personenverkeer. Die laatste groep is voor een derde verantwoordelijk voor de CO2 uitstoot, met de auto als voornaamste boosdoener. Van personenvervoer over de weg is 56 procent zakelijk verkeer. Werkgevers vormen een belangrijke schakel in dit systeem; de helft van alle autokilometers in Nederland wordt betaald of bepaald door de werkgever.Anders Reizen onderzoekt anders werken“Daarom is onze missie: een gezonder en schoner Nederland door de CO2-uitstoot van zakelijk verkeer te halveren”, vertelt Hugo Houppermans, directeur van Anders Reizen. Anders Reizen is een coalitie van ruim vijftig grote organisaties met een vertegenwoordiging van bijna een half miljoen medewerkers die zich hebben gecommitteerd aan CO2-reductie. De coalitie is sinds 2015 actief met het verduurzamen van mobiliteit, maar sinds een paar maanden hebben de ontwikkelingen een nieuwe dimensie gekregen. “Natuurlijk was de welwillendheid er al wel bij onze leden om meer thuis te werken, maar voor velen van hen is pas de afgelopen maanden duidelijk geworden dat dit ook daadwerkelijk kan, zonder dat de organisatie daaronder lijdt. Niet reizen is bovendien de beste manier om CO2 te besparen.”Anders Reizen heeft een infographic ontwikkeld, waarmee werkgevers eigen beleid kunnen opstellen voor effectief tijd- en plaatsonafhankelijk werken. Daarin zitten ook praktische adviezen voor werknemers. Benieuwd naar de infographic? Ga dan naar Anders ReizenAnders Reizen onderzocht wat er voor nodig is om de nieuwe manier van werken zoveel mogelijk te behouden nu Nederland steeds meer open gaat. Want hoe zorgen we dat we niet weer massaal de weg op gaan als de maatregelen worden opgeheven? “Het belangrijkst is dat werknemers de mogelijkheid krijgen om tijd- en plaatsonafhankelijk te blijven werken”, vertelt Houppermans. “En om dat goed in te richten moet je verder kijken dan alleen goede werkvoorzieningen thuis. Er moet gekeken worden naar de spelregels die dit faciliteren, maar ook de organisatiecultuur en intrinsieke motivatie vormen een essentieel onderdeel. Behoud van minder reizen betekent feitelijk herinrichting van werkprocessen. Dit gaat veel verder dan een mobiliteitskwestie. Het is in feite een organisatievraagstuk geworden.”Lees ook: Werken tijdens corona: “De vraag is of we ooit weer allemaal terug naar kantoor gaan”Gedragsverandering in de organisatieOm iedereen in de organisatie mee te krijgen zijn gedragsveranderingen nodig. “Het is belangrijk dat mensen de voordelen van thuiswerken hebben ervaren”, gaat Houppermans verder. Voor de werknemer ligt dit voor de hand. Geen reistijd betekent geen filestress en meer tijd voor werkgerelateerde activiteiten. “En we ontdekten ook dat mensen zich over het algemeen thuis beter konden concentreren dan op werk, waardoor de productiviteit hoger lag. Werkgevers zien deze hogere efficiëntie ook terug en besparen bovendien reis- en verblijfkosten. Nu zowel werkgevers als werknemers weten wat thuiswerken kan opleveren, is er momentum om gedrag blijvend te veranderen.”Vertrouwen en betrokkenheidVolgens Houppermans is er in de volgende fase een grote rol weggelegd voor leiderschap. “Het is de taak van de werkgever om duidelijke richtlijnen uit te zetten over wat de nieuwe standaard wordt; bijvoorbeeld twee dagen op kantoor, drie dagen thuis. Vervolgens zal de focus van de werkgever veel meer op resultaten moeten liggen, dan op aanwezigheid. Hier speelt vertrouwen een belangrijke rol. Natuurlijk moet er eerst gekeken worden naar de kernactiviteiten van een organisatie, maar wij denken dat met name de dienstensector gebaat kan zijn bij deze aanpak.”En hoe zit het dan met mensen die juist veel waarde hechten aan een kantoor of thuiswerken vervelend vinden door persoonlijke omstandigheden? Houppermans: “Dat is inderdaad een heel belangrijke groep om rekening mee te houden. Als leidinggevende heb je de verantwoordelijkheid deze werknemers te identificeren en wel een plek te bieden. Je moet die stip op de horizon houden naar het nieuwe normaal en tegelijkertijd in contact blijven met je mensen om te checken of iedereen nog binnenboord is. Wat ons betreft ligt de grootste uitdaging bij engagement; hoe houd ik mensen betrokken bij mijn organisatie? Leidinggevenden zullen zich moeten bezighouden met de vraag wat de binding van werknemers met het bedrijf is, buiten dat het een transactionele relatie is. Dat wordt een grote uitdaging.”Lees ook: Duurzame mobiliteit: hoe zorgen we dat mensen straks niet massaal de auto pakken?Flatten the curveEen andere conclusie van het onderzoek van Anders Reizen is dat mobiliteit veel meer gespreid moeten worden. “We leggen steeds meer asfalt en spoor aan doordat de drukte op piekmomenten te hoog is”, zegt Houppermans. “En veel mensen rijden in de spits zodat ze dan een parkeerplaats, werkplek of laadpaal kunnen bemachtigen.” Dit is logisch gedrag maar een onwenselijke prikkel, vindt Houppermans. “Ik denk dat we veel meer garanties moeten bieden, zoals het aanbieden van een  reserveringsysteem. Vanaf het moment dat je vertrekt met een deelauto of het openbaar vervoer tot aan je werkplek. Als deze keten naadloos op elkaar aansluit, kunnen we de capaciteit van onze infrastructuur veel beter spreiden. De werknemer wordt ontzorgd en krijgt de garantie dat vervoer en werkplek of ontmoetingsplek beschikbaar zijn.”MisvattingenEn wat als werkgevers nog steeds denken dat de productiviteit van hun werknemers omlaag gaat wanneer ze thuis werken? Houppermans: “Aan die werkgevers wil ik vragen waar die angst precies zit. Is deze angst uitgekomen tijdens de corona-periode? Zo niet, breng dan eens in kaart wat het mogelijk aan kostenbesparing kan opleveren als reiskostenvergoeding wegvalt of minder kantoorruimte nodig is. Soms is de trigger om te veranderen nog zo plat, maar uiteindelijk draagt het bij aan een schoner Nederland en waarschijnlijk ook gezondere en vitale werknemers.”Houppermans erkent ook dat het lastig is om leidinggevenden te overtuigen die echt niet in flexwerken geloven. “Uiteindelijk heb je hier weinig invloed op. Maar ik denk dat je hier als werkgever op de lange termijn last van gaat krijgen. Je wordt simpelweg een minder aantrekkelijke organisatie om voor te werken.”Lees ook: De weg uit de crisis: Peter Bakker over de transitie naar een nieuw systeemOverkoepelende aanpakVoor alle organisaties die op dit moment de werkverdeling thuis of op kantoor aan het heroverwegen zijn heeft Houppermans een heldere aanbeveling. “Kijk breder dan alleen de reisbewegingen. Tijd- en plaatsonafhankelijk werken biedt meer voordelen: mensen gaan efficiënter te werk, de concentratie is beter en we zien meer creativiteit en innovatie op kantoor, doordat samenwerken nu meer op de activiteit is afgestemd. De beste kans op behoud van thuis- en flexibel werken is een mix van de juiste spelregels, faciliteiten, organisatiecultuur en motivatie. Elke laag in de organisatie - directie, leidinggevende, teamniveau en individuele werknemer – heeft hierin zijn eigen rol te spelen.”Tot slot benadrukt Houppermans dat we er nog niet zijn als het nieuwe werken werkelijkheid is geworden. “De CO2-uitstoot van zakelijk reizend Nederland moet nog steeds drastisch omlaag. We hebben nu het onderwerp werken afgepeld, maar mensen blijven zich hoe dan ook verplaatsen. Daarom raden wij aan: als je reist, doe dat dan zo duurzaam mogelijk. Met Anders Reizen zullen we vervolgens altijd kijken hoe we de volgende transitie kunnen faciliteren en de CO2-uitstoot nog verder kunnen verlagen.”Bron: Anders Reizen | Beeld: Adobe Stock, Anders Reizen