André Oerlemans
16 september 2022, 12:05

SER: grondstoffenbelasting invoeren om klimaatdoelen te halen

Er moet een Europese grondstoffenbelasting komen om hergebruik en recycling van afval en grondstoffen te stimuleren en te versnellen. Ed Nijpels: “Nu worden bedrijven niet gestimuleerd om hun grondstoffengebruik te beperken.” Vanwege de gascrisis zet Nederland nu vol in op de transitie naar groene energie, maar zonder een versnelling van de grondstoffentransitie haalt ons land de klimaatdoelen voor 2030 en 2050 niet.

Adobe Stock 459968673 Een Europese grondstoffenheffing kan hergebruik en recycling stimuleren | Credits: Adobe Stock

Dat stelt de Sociaal Economische Raad (SER) in zijn verkenning ‘Evenwichtig sturen op de grondstoffentransitie en de energietransitie voor brede welvaart’. Nederland zou het gebruik van primaire grondstoffen moeten gaan normeren en beprijzen en hergebruik en recycling meer moeten belonen en subsidiëren, aldus de SER. Het baart de raad zorgen dat het kabinet hier zo weinig budget voor heeft gereserveerd. Het advies aan de regering en het parlement is opgesteld door de Commissie Duurzame Ontwikkeling (DUO), onder voorzitterschap van Ed Nijpels.

Eeneiige tweeling

Doel van de energietransitie is om de uitstoot van broeikasgassen in 2050 naar nul te brengen en zo de opwarming van de aarde binnen de perken te houden. Doel van de grondstoffentransitie is om het gebruik van primaire grondstoffen te verminderen en al het afval te hergebruiken of te recyclen. Op die manier ontstaat in 2050 een circulaire economie. Volgens de SER zijn die twee transities onlosmakelijk met elkaar verbonden en dienen ze dezelfde duurzame doelen: het tegengaan van klimaatverandering, het herstellen en verbeteren van de biodiversiteit en een gezonde, schone en veilige leefomgeving. “Ze vormen eigenlijk een eeneiige tweeling”, zegt Nijpels. “Als we de economie circulair kunnen maken, besparen we 30 procent energie. Zo hangen die twee transities met elkaar samen.”

Lees hier meer over alle initiatieven die moeten leiden tot een circulaire economie

Meer concrete doelen

Daarom stelt de SER dat beide even belangrijk en ingrijpend zijn en tegelijk aangepakt moeten worden. Het probleem is echter dat het tempo van die twee verschilt en dat de grondstoffentransitie achterblijft. De politieke en maatschappelijke aandacht daarvoor staat in de schaduw van de energietransitie, waarvan de doelen duidelijker zijn. De emissie van broeikasgassen moet bijvoorbeeld in 2030 al met 55 procent zijn gedaald. Dat is te monitoren en daar kunnen bedrijven en overheden op afgerekend worden. De doelen voor het grondstoffenbeleid zijn echter grofmazig, moeilijk te monitoren en daardoor nauwelijks te verifiëren, aldus de SER. Een voorbeeld: in de bouw is niet circulair, maar energiezuinig bouwen de norm en staat het circulair ontwerpen nog in de kinderschoenen. “We hebben langetermijndoelen gesteld voor de circulaire economie in 2050, maar dat zijn hele abstracte doelen. Als je dit proces echt wil opvoeren heb je meer concrete doelen nodig”, zegt Nijpels.

Bedrijven niet beloond

Volgens de SER zou de overheid meer kunnen sturen op de internationale ketens van bedrijven. Daar valt nog veel duurzaamheidswinst te behalen. Op dit moment zijn er nauwelijks prikkels voor Nederlandse bedrijven om elders in de productieketen hun uitstoot of hun grondstoffengebruik te verminderen. Nijpels: “Nederlandse bedrijven worden nu afgerekend op hun CO2-uitstoot in Nederland. Als ze ergens in de hele keten CO2 kunnen besparen, bijvoorbeeld in het buitenland, dan worden ze daar nu niet voor beloond. Bijvoorbeeld als ze van een fabrikant eisen dat die 30 procent minder grondstoffen moet gebruiken. Daarom is het goed om die hele keten in beeld te krijgen. Wat we moeten doen is Nederlandse ondernemers helpen om elders in de wereld ook grondstoffen en CO2 te besparen.” In sommige bedrijfstakken, zoals de betonindustrie, gebeurt dat al. Aangezien de productie van nieuw cement verantwoordelijk is voor 5 procent van de wereldwijde CO2-uitstoot, kan recycling daar voor een enorme reductie zorgen.

Lees hier wat de betonindustrie doet om CO2-uitstoot te verminderen en recycling te bevorderen

Ed Nijpels: “Er moet in de EU een grondstoffenbelasting komen” | Credit: Christiaan Krouwels

Grondstoffenbelasting

De regering heeft op dit moment nog nauwelijks beleidsinstrumenten om te sturen op vermindering van grondstoffengebruik, de versnelling van hergebruik en recycling, de overstap naar milieuvriendelijkere varianten en hoogwaardig hergebruik van materialen. De SER denkt daarom aan subsidies en normering, maar ook aan beprijzen. “Er moet in de EU een grondstoffenbelasting komen om hergebruik te stimuleren”, zegt Nijpels. “Normen en beprijzen is moeilijker dan subsidiëren, maar nu worden bedrijven niet gestimuleerd om hun grondstoffengebruik te beperken.”

EU eerder terughoudend

Hoewel de EU
al in 2018 ambitieuze doelen voor recycling en hergebruik van afval vaststelde, ging ze toen nog niet zover om een grondstoffenbelasting in te voeren op het gebruik van primaire grondstoffen. Ook Nederland kent een dergelijke heffing niet, al stelde het Centraal Planbureau in zijn rapport Kansrijk Belastingbeleid van april 2020 dat een grondstoffenbelasting ‘effectief is in het verminderen van negatieve externe effecten voor klimaat en milieu als het gebruik van de grondstof hier sterk mee samenhangt of de winning veel schade veroorzaakt.’

Hoewel er in Nederland weinig grondstoffen worden gewonnen, ontstaat er veel milieuschade bij de verwerking ervan. Bovendien komen veel grondstoffen uit geopolitiek instabiele landen, zoals China of Rusland. De belasting kan bij aankoop van producten geheven worden, wat de inning en uitvoering relatief eenvoudig maakt, aldus het CPB destijds. Volgens de SER zou de nieuwe heffing onderdeel moeten zijn van een samenhangend beleidspakket dat later dit jaar gepresenteerd wordt in het Nationaal Programma Circulaire Economie. Daarin moet ook een oplossing komen voor de moeilijke vergunningverlening om afval als grondstof in te mogen zetten, zoals in de chemie momenteel een probleem is.

Lees hier meer over de stappen die grote chemiesites als Chemelot moeten zetten in de energie- en grondstoffentransitie

Samenhang is cruciaal

Dat de energietransitie nu voorrang krijgt, vanwege de oorlog in Oekraïne en de hoge gas- en elektriciteitsprijzen, is volgens de SER noodzakelijk en terecht. Toch pleit de raad ervoor om dit in samenhang te doen met een forse versnelling van de grondstoffentransitie. “Hoogwaardig hergebruik van grondstoffen en materialen, hoogwaardige inzet van bio-grondstoffen en verduurzaming van internationale ketens zijn noodzakelijke voorwaarden voor beide transities. Samenhangend beleid is dus cruciaal”, legt Nijpels uit. “De circulaire economie heeft nu een behoorlijke achterstand als je het vergelijkt met de energietransitie. Dat been moet heel snel worden bijgetrokken.”

Maatschappelijk rechtvaardig

De SER roept het kabinet op snel met samenhangend beleid te komen, dat integraal door alle ministeries gedragen wordt. Daarvoor moet voldoende geld beschikbaar komen. De overheid moet daarbij altijd de maatschappelijke en ruimtelijke context in de gaten houden. De energietransitie en de grondstoffentransitie zijn alleen haalbaar en houdbaar wanneer er ook aandacht is voor rechtvaardigheid, voor de inkomens en vermogens van huishoudens, voor het verdienvermogen van bedrijven, de arbeidsomstandigheden en arbeidsvoorwaarden van werknemers en een eerlijke verdeling van de lusten en de lasten van de transities.

Urgentie is hoog

Volgens de SER is de urgentie hoog en kan alleen een samenhangende grondstoffen- en energietransitie leiden tot zowel een duurzame economie als brede welvaart. Daarom is het nu zaak snel vervolgstappen te zetten, zodat de nodige investeringen tot stand komen en innovaties worden aangejaagd. Nijpels: “Zonder grondstoffentransitie komen ook de klimaatdoelen in de knel. We zullen radicaal efficiënter moeten omgaan met grondstoffen, materialen en producten, om klimaatverandering, verlies van biodiversiteit en milieuproblemen echt tegen te gaan. En daarvoor is een stringent overheidsbeleid nodig.”

Circulair grondstoffen- en materialengebruik vermindert ook de leveringsrisico’s uit geopolitiek instabiele landen, zoals China of Rusland. | Credit: Adobe Stock

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.

Elektrificatie als antwoord op de hoge energieprijzen

Energie bepaalt opeens de kosten “Energie is opeens een heel groot deel van de kosten gaan bepalen”, zegt Marsman. “De industrie zoekt naar manieren om die kostenstijging in te perken.” Boosdoener is de hoge gasprijs die gekoppeld is aan de elektriciteitsprijs. Daardoor zijn zowel gas als elektriciteit heel duur. Maar dat is niet op elk moment van de dag zo, legt Marsman uit. “Het duurste uur om elektriciteit af te nemen is acht uur ‘s avonds. Dan kost het zo’n 200 euro per megawattuur. Het goedkoopste uur is twee uur 's middags. Dan is de prijs laag en soms zelfs negatief. Dat verschil in prijs is enorm.” Goedkopere elektriciteit in het weekend In de zomer is dit prijsverschil als gevolg van de zon bijna elke dag zichtbaar. “Dan zie je een badkuip (in de grafiek voor de prijs van elektriciteit red.).” In de winter is dat minder maar is de invloed van de wind groter. Ook is de prijs van elektriciteit doordeweeks hoger dan in het weekend. “Dan kun je zelfs negatieve prijzen hebben omdat de vraag dan minder is en kolencentrales niet uitgezet kunnen worden.” En daar kan de industrie zijn voordeel mee doen. Want wie nu elektrificeert en zijn productie kan aanpassen aan de elektriciteitsprijs kan flink kosten besparen. Dat is een reden waarom industriële bedrijven zoals bouwbedrijven, afvalcentrales en cementfabrieken kijken naar elektrificatie. Dat kan direct of indirect. Bij directe elektrificatie wordt in plaats van een fossiele brandstof elektriciteit gebruikt. “Bijvoorbeeld een bakkerij die zijn gasgestookte oven inruilt voor een elektrische”, zegt Marsman. “Of een containeroverslagbedrijf in de haven die de afhandeling met elektrische wagentjes gaat doen.” Hoe wil de overheid de industrie duurzaam maken? Lees het hier E-boiler Voor alle partijen die stoom gebruiken in hun productieproces is een e-boiler een goede optie. Dat is soort grote waterkoker die met elektriciteit stoom produceert. Als er overaanbod is van elektriciteit dan is het goedkoper om stoom te maken met elektriciteit dan met gas. Een e-boiler is een duurzame optie als hij gebruikmaakt van duurzaam opgewekte elektriciteit. “Papierfabrieken, maar ook voedselproducenten kunnen hier bijvoorbeeld profijt van hebben”, zegt Marsman. Bij indirecte elektrificatie wordt elektriciteit gebruikt voor het maken van een gas dat als brandstof kan dienen voor de industrie. Een voorbeeld is waterstof gemaakt door de elektrolyse van water. Ook hier is het vooral gunstig als de waterstof gemaakt wordt als de elektriciteitsprijs laag is. Ook Industriegebied OostGroningen zoekt naar mogelijkheden om de hoge energieprijzen het hoofd te bieden. Lees hier hoe ze dat doenRondetafel elektrificatie van de industrie Benieuwd hoe je als industrie kunt elektrificeren? Donderdag 29 september organiseert Change Inc. samen met Vattenfall een rondetafelgesprek over de mogelijkheden. Wil je daarbij aanwezig zijn? Klik hier om je aan te melden. Liever de livestream volgen? Dat kan hier. Productie opschroeven in het weekend en bij mooi weer “De truc is om zo flexibel mogelijk te produceren”, zegt Marsman. Zo kunnen bedrijven hun productie opschroeven in maanden dat er veel duurzame energie is en afschalen in de donkere wintermaanden. Ook kunnen ze het bedrijf openhouden in het weekend zodat ze profiteren van de lagere energiekosten. “Dat soort afwegingen zullen ze meer en meer gaan maken.” Economisch motief Elektrificatie heeft dus vooral zin (economisch) als je ook flexibel kunt zijn met je energievraag. Dat betekent dat je je processen moet aanpassen. Iets minder hard koelen als de stroom duur is en wat harder als de stroom goedkoop is bijvoorbeeld. Er zijn veel mogelijkheden, maar dat wil niet zeggen dat het gemakkelijk gedaan is, zegt Marsman. “Om het in de praktijk te gaan doen kan heel lastig zijn. Binnen een bedrijf kunnen verschillende belangen spelen. Het kan bijvoorbeeld zijn dat een plantmanager de processen in een fabriek liever niet aanpast omdat er anders misschien iets kapot gaat.” De energiemarkt is toe aan een fundamentele vernieuwing. Lees hier waarom De hoge energieprijzen helpen de energietransitie, denkt Marsman. ”Het economische motief gaat steeds vaker hand in hand met het duurzame motief. De gasprijs die we kenden, komt niet meer terug. Bedrijven worden gedwongen om beter en slimmer te gaan kijken naar alternatieven en flexibel te gaan produceren. En hoe meer duurzame opwek we neerzetten, hoe sterker die alternatieven zullen renderen.”Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.