Wilke Wittebrood
31 mei 2024, 11:28

‘Perfect storm’ treft zonnepanelenbranche: vraaguitval, politiek gedoe en slechte pers

Vier zonnepaneelbedrijven uit het cleantech-imperium van voormalig Booking-CEO Kees Koolen zijn failliet. De faillissementen staan niet op zichzelf, afgelopen maanden zakten meerdere leveranciers en installateurs van zonnepanelen door het ijs. Wat is er aan de hand?

Getty Images 1124958228 2048x1365 Malaise in de zonnepanelenbranche: fabrikanten kampen met concurrentie uit China, installateurs met vraaguitval. | Credits: Getty Images

Het faillissement van Koolen Industries Solar, Koolen Installation Services, BonGo Solar en Novavolt is een bittere pil voor investeerder Kees Koolen. Hij had met investeringsvehikel Koolen Industries juist ingezet op groei van de vier zonnepaneelbedrijven in zijn portfolio. Niet onterecht, want volgens curator Bert Jansen draaiden die tot vorig jaar nog ‘hartstikke goed’.

De orderportefeuilles waren gevuld, de magazijnen vol. Nu loopt Jansen door een ‘enorme echoput’, zegt hij tegen RTL Nieuws. De bedrijven zagen de omzet in korte tijd halveren. Geld bijstorten bleek onbegonnen werk. Uiteindelijk restte geen andere optie dan het faillissement aanvragen.

Concurrentie uit China

De faillissementen staan niet op zichzelf. Eerder deze maand zakten installateurs E-Partners en Elektro Service Brabant door het ijs. De maanden daarvoor vielen installateurs HT Solar en E-Partners en zonnepanelenproducent Exasun om.

Arthur Weeber, hoogleraar zonne-energie aan de TU Delft, vreest dat meer bedrijven gaan volgen. Er spelen verschillende dingen, legt hij uit. Fabrikanten als Exasun zuchten onder concurrentie uit China, die de afgelopen anderhalf jaar nog steviger is geworden. “De prijs van Chinese pv-panelen is in 2023 gehalveerd. Ik denk dat een 400 watt-module in China voor een tweeënhalf keer lagere kostprijs kan worden geproduceerd dan in Europa. En dat is een voorzichtige schatting.”

Dan de installateurs, waaronder ook de bedrijven van Koolen. Zij kampen met vraaguitval, die deels het gevolg is van verzadiging op de particuliere markt. Nederland behoort wereldwijd tot de koplopers op het gebied van zonne-energie.

Nederlanders installeerden vorig jaar een recordvermogen van 2,55 gigawatt aan zonnepanelen op het dak, blijkt uit het Nationaal Solar Trendrapport 2024 van DNE Research. Dat is 17 procent meer dan in 2022, het vorige recordjaar, toen de vraag naar duurzame energie als gevolg van de Oekraïne-oorlog piekte. Inmiddels is een derde van de Nederlandse woningen voorzien van zonnepanelen.

Explosieve groei

Die explosieve groei trok een leger van bedrijfjes en zzp’ers aan. In minder dan twee jaar tijd steeg het aantal installateurs van zonnepanelen van 4.757 naar 8.705, meldt het FD op basis van KvK-gegevens. De ‘cowboys en gelukszoekers’ vallen nu als eerste af, ziet Jan Pieter Versluijs, medeoprichter van Solar Monkey. “Net als de kleintjes.”

Zijn softwarebedrijf verzorgt ontwerp- en offertesoftware voor installateurs van zonnepanelen en dekt met 800+ klanten in de residentiële en kleinzakelijke sector 25 tot 30 procent van de markt af. “Wij zien: bedrijven die wat meer body hebben en meer op de lange termijn gericht zijn, hebben betere kansen. Maar hun buffers krimpen ook.”

Opvallend is dat de sector de recordgroei van 2023 volledig aan de eerste zes maanden van het jaar te danken heeft. In de tweede helft slaat de groei om naar krimp, een ontwikkeling die in 2024 doorzet. “Het afgelopen half jaar is het verkoopvolume van onze klanten met 70 procent afgenomen. Ja, dat doet ons ook pijn”, zegt Versluijs. “Als ik naar de bedrijven van Kees Koolen kijk, zullen die ongetwijfeld rekening gehouden hebben met een terugval. Maar niet op deze schaal.”

Kees Koolen zag vier van zijn zonnepaneelbedrijven failliet gaan. | Credit: Koolen Industries

Zwabberend overheidsbeleid

Die extreme terugval is volgens branchekenners niet los te zien van de invloed van de politiek en media. Het zwabberende beleid rondom de salderingsregeling heeft veel schade aangericht, zeggen zij. Die zou eerst vanaf 2025 stapsgewijs worden afgebouwd, bleef toch overeind, om in het nieuwe hoofdlijnenakkoord per 2027 in zijn geheel te worden geschrapt.

Op zich een verstandige beslissing, vinden ondernemers. De regeling was op langere termijn niet houdbaar. Het gaat om de manier waaróp, zegt Bram Klaassen. Hij is oprichter en CEO van BeSolar Store, een ander bedrijf uit de stal van Koolen Industries, dat duurzame energieoplossingen levert vanuit twintig eigen winkels. “Niemand vindt het leuk als tijdens het spel de regels ineens worden gewijzigd. Dat maakt mensen onzeker.”

Met de salderingsregeling mogen zonnepaneelbezitters goedkope zonnestroom die ze terugleveren aan het net, afstrepen tegen de vaak duurdere stroom die ze op dagen zonder zon gebruiken. Maar met het overvolle stroomnet zien overheid en energiebedrijven liever dat huishoudens die elektriciteit zelf gebruiken.

Bijvoorbeeld door op strategische momenten – lees: overdag, als de zon schijnt – de wasmachine te laten draaien of de elektrische auto op te laden. “Nu zijn opwek en verbruik vaak niet in balans”, legt Versluijs uit. ‘In plaats van salderen, moet er een prikkel komen om energie op een ander moment te gebruiken of tijdelijk op te slaan.”

Hoogleraar Arthur Weeber ziet de salderingsregeling liever nog niet verdwijnen. Ja, het instrument heeft gebreken, maar het werkte wél. “Dankzij de salderingsregeling heeft de markt van zonnepanelen een enorme boost gekregen”, zegt hij. “Nu wordt dat instrument uit de gereedschapskist gehaald, zonder dat er een beter alternatief voor in de plaats komt. Terwijl we midden in een energietransitie zitten, die we moeten blijven stimuleren.”

‘Terugleverboete’

Het terugleveren van al die stroom betekent extra kosten voor energiemaatschappijen. Een huishouden met zonnepanelen kost leveranciers jaarlijks tot enkele honderden euro’s meer dan een huishouden zonder, berekende de Autoriteit Consument & Markt, kosten die over alle klanten worden verdeeld.

In dat licht is het niet gek dat inmiddels bijna alle leveranciers een fee rekenen, of gaan rekenen, voor zonnepaneelbezitters. Ook dat leverde verwarring op. En boosheid, want daar sta je dan met je goede gedrag. En wat gaat dat eigenlijk kosten?

In de media is deze fee de ‘terugleverboete’ gaan heten. Iets waar Klaassen geen goed woord voor over heeft. “Laatst heb ik een paar dagen lang krantenkoppen verzameld van alles wat over onze branche geschreven werd”, zegt hij. “Die schetsten een behoorlijk gekleurd beeld. Dat klanten zich bekocht voelen, dat de energietransitie mislukt zou zijn. Het AD en De Telegraaf schreven dat de terugverdientijd tien tot vijfentwintig jaar is. Daar klopt niets van. Wij weten dat, maar de gemiddelde krantenlezer niet.”

Meer probleem dan oplossing

Zonnepanelen gaan minimaal 25 jaar mee. Milieu Centraal gaat uit van een terugverdientijd van ongeveer vijf jaar, al verschilt dat volgens Klaassen per klant en locatie, daarna leveren ze nog twintig jaar of langer geld op.

Hij vindt het dan ook ‘ongelooflijk jammer’ dat zonnepanelen nu meer probleem dan oplossing lijken. “Omdat het niet alleen gaat over duurzaamheid of financieel voordeel, maar vooral over onafhankelijkheid. Uiteindelijk moeten we allemaal toe naar eigen energievoorziening; zonnepanelen in combinatie met een dynamisch contract en een thuisbatterij.”

Daar ligt volgens de ondernemers direct een van de oplossingen voor zonnepaneelbedrijven in het nauw: het verdienmodel verbreden. Naast zonnepanelen ook de batterij- en warmtepompmarkt op, al dan niet in samenwerking met spelers die daar al actief zijn, om klanten complete energiemanagementsystemen te kunnen leveren. “De markt voor zonnepanelen is enorm hard gegroeid en daar mogen we als branche waanzinnig trots op zijn”, zegt Versluijs. “Maar er is nog zoveel meer te doen.”

Dit artikel verscheen oorspronkelijk bij MT/Sprout.

Lees ook:

Nederlandse start-up maakt van de oude batterij uit je telefoon weer een nieuwe

Veel van de lithium-ion-batterijen uit telefoons worden nu verbrand in afvalovens. “Daarbij gaan het lithium en andere waardevolle grondstoffen verloren en wordt CO2-uitgestoten”, zegt chief technology officer Cyril Mambote van Back-to-Battery. “Wij winnen alle waardevolle materialen terug uit deze batterijen. Zonder emissie en zonder afval.” Urban mining De batterijmarkt is booming, maar lithium-ion-batterijen zijn niet onomstreden. Lithium-mijnen vervuilen hun omgeving en staan vaak in landen die het niet zo nauw nemen met democratie en mensenrechten of zich zelfs vijandig gedragen. Geen wonder dus dat Europa onafhankelijker wil worden van het buitenland en binnen de eigen grenzen op zoek gaat naar lithium. Om vervuiling door mijnen te voorkomen, kun je het metaal natuurlijk ook terugwinnen door oude batterijen te recyclen. Urban mining heet dat. Dat is wat Back-to-Battery doet. Het bedrijf draagt bij aan het volledig circulair worden van de Nederlandse economie, het doel voor 2050. Dan wordt al het afval opnieuw gebruikt als grondstof. Meer recycling Europa eist ook dat er meer batterijen ingezameld en gerecycled worden en nam daar in juli 2023 een verordening over aan. In 2030 moet driekwart van de draagbare batterijen ingezameld worden. Een jaar later moet 61 procent van de batterijen uit lichte voertuigen worden ingezameld. In 2027 moet al de helft van al het lithium uit afgedankte batterijen worden teruggewonnen. Ook moeten batterijproducenten een steeds hoger percentage gerecyceld materiaal in hun batterijen gebruiken. Voor lithium en nikkel is dat momenteel 6 procent. “Met onze technologie overstijgen we de gestelde doelen van de EU nu al”, zegt CEO en oprichter Steven Lans van Back-to-Battery. Geen laaghangend fruit Het makkelijkst is om alle waardevolle materialen uit de grote batterijen van elektrische auto’s te halen. “Dat noemen wij het laaghangend fruit”, zegt Lans. Zijn start-up laat dat voorlopig hangen en focust vooral op de kleine batterijen. Die zijn veel gevarieerder en moeilijker te recyclen. “We recyclen de batterijen die andere bedrijven niet recyclen. We doen het ook anders dan andere bedrijven, want we recyclen met een gesloten kringloop”, zegt hij. Dat betekent dat bij het proces geen afval ontstaat en geen materiaal verloren gaat. Al het teruggewonnen lithium wordt weer in nieuwe lithium-ion-batterijen gebruikt.Zwarte massa Back-to-Battery haalt zijn waardevolle metalen en mineralen uit de zogeheten black mass, oftewel zwarte massa. Zo wordt het giftige poeder genoemd dat overblijft nadat batterijen worden gesorteerd, ontmanteld, geplet, gescheiden en vervolgens gemalen en vergruisd. Hoewel gevaarlijk, bevat dat zwarte poeder nog veel waardevolle stoffen en metalen. Back-to-Battery haalt aan de ene kant het lithium eruit en aan de andere kant materialen als koper, nikkel en mangaan. Allemaal herbruikbaar in nieuwe producten, als je ze maar kunt scheiden, de giftige stoffen kunt verwijderen en voorkomt dat de batterijen in brand vliegen, iets waar de start-up een oplossing voor heeft gevonden. Dat scheiden doet de Back-to-Battery via een proces dat hydrometallurgie heet. Daarbij worden de metalen opgelost in zuren of oplosmiddelen. Andere stoffen worden gescheiden door filtratie of centrifugeren. Dat gebeurt onder lage temperaturen en kost relatief weinig energie. Goed bedrijfsmodel De ingezamelde batterijen krijgt de start-up van de Stichting Open. Een andere partner sorteert en verpulvert ze daarna. De waardevolle grondstoffen die het uit de zwarte massa wint, verkoopt het bedrijf aan batterijproducenten. Is dat economisch interessant of rendabel? “Ja”, stelt Lans. “We worden betaald voor ons product en voor onze grondstoffen. Dat is een goed bedrijfsmodel.” Hoeveel precies, hangt af van de marktprijzen van lithium en de andere materialen. De verwachting is dat die flink gaan stijgen de komende jaren, vooral door toenemende schaarste en de dreiging dat landen als China metalen als lithium de komende jaren niet meer gaan leveren. Klaar voor volgende stap Back-to-Battery was een van de finalisten in de start-upwedstrijd die MT/Sprout organiseerde tijdens het Upstream Festival in Rotterdam, in de categorie energietransitie. De start-up heeft zijn technologie bewezen in het laboratorium. Het patent is aangevraagd en er is een team geformeerd. Bij de Brightlands Chemelot Campus in Limburg wil Back-to-Battery een pilotfabriek bouwen die volgend jaar 500 kilo materiaal per week gaat produceren. Daar is een miljoen euro voor nodig en daarom is het bedrijf bezig investeerders te zoeken. “We hebben ook al plannen voor een grotere demofabriek, want we willen snel groeien”, zeggen Mambote en Lans.Lees ook: Hoe kolenmijnen de groene transitie een handje kunnen helpenLithium batterijen repareren in plaats van recyclen: deze start-up deed het vorig jaar 25.000 keerNieuwe methode maakt recycling van lithium-batterijen een stuk gemakkelijkerMercedes-Benz bouwt fabriek voor batterijrecycling: 'Dit is de mijn van morgen'