Teun Schröder
07 maart 2022, 09:24

Hoe de energietransitie en genderongelijkheid elkaar kruisen (en hoe ze elkaar kunnen versterken)

Genderongelijkheid en de energietransitie. Het zijn niet twee onderwerpen die snel aan elkaar gelinkt worden. Toch hebben ze alles met elkaar te maken, aldus Anouk Creusen, directeur van 75inQ. “In Nederland worden keuzes gemaakt in de energietransitie. Als we ons niet bewust zijn van de impact van deze keuzes, dan kunnen ze ongelijkheid versterken. Zowel in de boardroom als in de huiskamer.”

Energietransitie vrouwen In de energiesectoren in Nederland is ongeveer 22 procent vrouw. Boven de 45 daalt dat rap naar 16 procent. | Credits: Unsplash

75inQ is een stichting die streeft naar een rechtvaardig energiesysteem en meer diversiteit in het werkveld van de energiesector. De stichting adviseert organisaties en doet wetenschappelijk onderzoek naar het samenspel tussen gender en energie. Daarnaast richt 75inQ zich met een grote community en loopbaanbegeleiding op doorstroom en zij-instroom van vrouwen in de energiesectoren.

De naam is een samentrekking van Sustainable Development Goal (SDG) 7 (betaalbare en groene energie) en SDG 5 (gendergelijkheid). “Deze doelen kruisen elkaar en kunnen elkaar versterken”, vertelt Creusen. “De energietransitie moet sneller. Daarom hebben we alle handen nodig. We doen onszelf tekort als we het talent van de groep die niet man en wit is niet meekrijgen.”

Anouk Creusen, directeur van stichting 75inQ

Olie en gas

Anouk Creusen werkte 15 jaar als geoloog in de olie- en gasindustrie en zag hoe dankzij fossiele brandstoffen miljoenen mensen wereldwijd uit armoede werden verheven. “Maar door de gevolgen van klimaatverandering wilde ik mijn kennis en kunde voor iets anders inzetten. Toen ben ik overgestapt naar de watersector; voor een geoloog technisch vergelijkbaar met olie en gas. Daarnaast heb ik me altijd bezig gehouden met gendergelijkheid.”

Lees ook: Diversiteit en inclusie zijn gezond voor je bedrijf. Maar waar begin je?

Ongelijke carrièrekansen

Overal waar Creusen kwam – van Nederland tot het Midden-Oosten – zag ze hetzelfde. Op een zekere leeftijd stromen vrouwen uit een organisatie en missen ze de sprong naar leidinggevende posities. “Het is lastig om daarvoor één specifieke oorzaak aan te wijzen. Maar een van de redenen is dat de leeftijdsfase van 35 tot 42 jaar zeer belangrijk is voor grote carrièresprongen. Het is vaak dezelfde fase waarin vrouwen en mannen een jong gezin met hun carrière willen combineren.

En wanneer daar geen gelijkwaardige ruimte voor gemaakt wordt, lekken vrouwen vaak onevenredig weg uit een organisatie. Een wet die het ouderschapsverlof tussen mannen en vrouwen ongelijk maakt, helpt dan natuurlijk niet mee.” In de energiesector in Nederland is ongeveer 22 procent vrouw. Boven de 45 daalt dat rap naar 16 procent. “Daarmee missen we natuurlijk een groot deel van het arbeidspotentieel. Er moet gericht aandacht komen voor uitstroom, doorstroom en zij-instroom van deze groep laaghangend fruit. Om de arbeidstekorten aan te pakken.”

Gebrek aan technisch personeel

Een ander probleem is de beeldvorming rond de behoefte aan technisch personeel in de energietransitie, denkt Creusen. “Bij gebrek aan technische mensen wordt al snel aan mannen gedacht. Terwijl, wat wordt eigenlijk bedoeld met ‘technisch’?” Beeldmateriaal bij vacatures voor installateurs gaan vaak gepaard met een lachende man op een dak die zonnepanelen plaatst.

“Vrouwen zien dat beeld ook en denken: die baan is niet voor mij bedoeld. Dit soort reclame-uitingen slaan de plank kneiterhard mis. Niet uit onwil, maar veel meer uit onwetendheid. En er is wel degelijk een spin-off effect. Door deze beeldvorming hebben opleidingsinstituten het bijvoorbeeld ontzettend moeilijk om meiden en vrouwen te werven.” Hartstikke zonde, vindt Creusen, want we hebben juist iedereen nodig in de energietransitie.

Energiearmoede treft vrouwen harder dan mannen

Verder wil 75inQ onder de aandacht brengen hoe energiearmoede vrouwen anders raakt dan mannen. “Als je kijkt naar mensen die veel energie gebruiken dan zijn dit vaak grote gezinnen in slecht geïsoleerde huizen”, zegt Creusen. “In gescheiden gezinnen zijn het vaker de vrouwen die met de kinderen achterblijven dan mannen. En we weten dat vrouwen over het algemeen minder verdienen. Stijgende energieprijzen zoals nu treffen vrouwen dus vaak harder.”

Met een internationale pool van onderzoekers, onder leiding van wetenschappelijk directeur Mariëlle Feenstra, werkt 75inQ aan het agenderen en analyseren van energiearmoede en gender. Hiermee willen we inzicht verschaffen in de ongelijke verdeling van klimaat en energierisico’s binnen bevolkingsgroepen. Dit is eveneens beschreven in het laatste IPCC-rapport.”

Subsidieregelingen

Gezinnen met lagere inkomens worden überhaupt sneller vergeten in de energietransitie, ziet Creusen. “Deze gezinnen zijn niet de bezitters van huizen. Er zijn prachtige subsidieregelingen voor zonnepanelen en isolatie, maar om die te kunnen plaatsen moet je wel een huis bezitten.

Lees ook: Sociale huurwoningen lopen voor in energietransitie

Isoleren is echt het laaghangend fruit in de energietransitie. Maar voor de grote groep die het nodig heeft, is deze mogelijkheid er helemaal niet. Met een slecht geïsoleerd huis, stijgende energieprijzen en een onwelwillende huisbaas zit je volledig klem. Daar zie ik echt een grote rol voor de overheid en woningcorporaties.”

Vrouwen aan de leiding

Creusen ziet dat vrouwen aan het roer van de energietransitie nog beperkt zichtbaar zijn. Maar voorbeelden zijn er genoeg: in het netwerk van 75inQ zitten inmiddels zo’n 250 vrouwelijke professionals. De stichting werkt samen met werving- en selectiebureaus, doet onderzoek naar het verband tussen energie en genderongelijkheid en adviseert organisaties over de inzichten die ze doen. De stichting mobiliseert vrouwelijke professionals die graag binnen de energietransitie aan de slag willen, maar het netwerk missen om deze stap te maken.

“Voor organisaties is het belangrijk te weten waar je op dit moment staat”, zegt Creusen. “Hoe divers is je eigen bestuur en hoe voorkom je vroegtijdige weglek van talent? Bedrijven die producten maken voor de energietransitie, zoals zonnepanelen en warmtepompen, moet zich ook afvragen voor wie ze dit doen. Het zijn uiteraard goede oplossingen. Maar helpen ze hogere inkomens of de mensen die het ’t meest nodig hebben?”

Vrouwen onderling kunnen elkaar ook nog een stuk beter helpen dan ze nu doen, denkt Creusen. “Mannen netwerken toch anders dan vrouwen. Op een zekere leeftijd zijn de connecties die je maakt belangrijker voor een nieuwe baan dan een sollicitatiegesprekken. Vrouwen kunnen netwerken best wat beter benutten. Je hoeft daarvoor echt niet iedereen aardig te vinden.”

Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.

Een hybride warmtepomp met AI uit Nederland kan 20 procent extra besparen

Een warmtepomp is eigenlijk een losse collectie van delen. De hardware komt uit Japan er wordt gemaakt voor een ‘generieke’ markt: hij moet in zoveel mogelijk landen zo goed mogelijk passen. Importeurs brengen zo’n warmtepomp naar Nederland en de lokale installateurs verkopen hem. Maar die warmtepompen zijn niet gemaakt voor de Nederlandse markt, die vrij specifiek is. Voor Bas Flipse, een van de oprichters van Quatt, was dat een reden om te kijken of het niet anders kon. Met de start-up willen hij en zijn broer meer innovatie in de wereld van (hybride) warmtepompen brengen. Geen Russisch gas nodig Dat begint al bij de manier waarop ze verkopen. “Een warmtepomp vraagt om een stukje educatie voor de klant”, vertelt Flipse. “Installateurs hebben niet de tijd en focus om klanten uitgebreid te woord te staan over hoe een warmtepomp werkt en wat de voors en tegens zijn. Installateurs zijn dag in dag uit op pad om hun daadwerkelijke vak uit te oefenen: namelijk installeren. We verkopen direct aan consumenten en ontzorgen hen. We leggen dan ook uit wat er allemaal komt kijken bij een warmtepomp.” Lees ook: Wordt 2022 het jaar van de hybride warmtepomp? Het bedrijf levert hybride warmtepompen. Deze werken samen met een CV-ketel om een huis warm te krijgen. Met zo’n pomp kun je 60 tot 70 procent, en soms zelfs 80 procent aardgas besparen. Zo’n besparing is op dit moment natuurlijk actueel door de stijgende prijzen als gevolg van de Oekraïneoorlog. Maar het is ook een stap naar volledig aardgasvrij, een van de belangrijke klimaatdoelen voor 2050.De broers Marijn en Bas (rechts). Samen richtten ze al eerder startups op. Nu bestormen ze de wereld van de warmtepompenSlimmere installatie Het belangrijkste wapenfeit van Quatt is een intelligentere manier om de warmtepomp af te stellen. Volgens Flipse doen installateurs dat nu vaak op fingerspitzengefühl. “Hoe je een hybride warmtepomp afstelt heeft te maken met je huis. Hoe goed is de isolatie, heb je radiatoren of vloerverwarming, enzovoort. Installateurs regelen zo’n pomp één keer in, en doen dat vaak conservatief. Liever ietsje vaker aardgas gebruiken en nooit een koud huis, dan zuinig met lagere temperaturen.” Flipse snapt dat, maar hij en zijn broer denken dat het slimmer kan. Ze ontwikkelden een regelsysteem dat verder gaat dan wat hybride warmtepompen nu doen. Het gebruikt allerlei gegevens, van het weerbericht tot de huidige temperatuur in een huis, om op elk moment precies de goede afweging te maken tussen wat de warmtepomp en wat de CV-ketel moet doen. “Dat systeem wordt ook steeds beter, door constant terug te koppelen en nieuwe regels te leren.” Nu kan ook een gewone hybride warmtepomp voor veel besparing van gas zorgen. Maar Flipse claimt dat het slimmer regelen van de pomp óók tot 20 procent lagere energiekosten met zich meebrengt in vergelijking met conventionele hybride systemen. “Dat zijn de cijfers uit de academische literatuur. Als wij dit najaar de eerste modellen gaan leveren, kunnen we langzaam kijken hoeveel je in de praktijk kunt besparen." Het gevaar van hybride Er is natuurlijk een groot nadeel aan de hybride warmtepomp. Je gebruikt nog steeds (af en toe) aardgas. En ook daar moeten we snel vanaf. De extreme stijgingen van gasprijzen door de oorlog in Oekraïne, en de situatie in Groningen laten zien hoe precair het gebruik van deze brandstof is. Maar ook hier hebben de broers aan gedacht. Bas Flipse: “Je moet oppassen dat je niet nu een investering doet, die over acht jaar dan weer vervangen moeten worden om het huis gasvrij te maken. Maar we houden er rekening mee. Ons systeem is modulair. Later willen we een module uitbrengen die je aan de warmtepomp vast kunst maken, zodat je zonder CV-ketel het huis kunt verwarmen.” Dat is dé manier om zowel nu al iets te doen, als om toekomstproof te zijn. “Je huis alleen op warmtepomp laten draaien kost veel geld. Niet alleen voor de pomp zelf, die veel duurder is dan een hybride model. De nodige isolatie en andere duurzame verbouwingen komen er nog bij. Met ons systeem kun je nu al, voor relatief weinig geld, een hybride pomp kopen. Je besparingen kun je dan stoppen in renovaties, zodat je over een paar jaar klaar bent om van de hybride een volledige warmtepomp te maken.” Lees ook: Warmtepomp met CO2 ook geschikt bij mindere isolatie De kosten van Quatt’s pomp zijn op de factuur 3799 euro, maar er is op dit moment een subsidie van 2200 euro voor warmtepompen. “Dan blijft er 1599 euro over en dat is inclusief installatie”, zegt Flipse. Een relatief kleine investeringen voor relatief grote besparingen. De enige voorwaarde is dat je er plek voor hebt. De warmtepomp komt namelijk buiten het huis te staan. “Maar niet in een lelijk hok; een van de dingen die we doen om de warmtepomp aantrekkelijker te maken is een mooi design voor de omhuizing.” Zo kunnen we dus dit najaar stijlvol én energiezuinig 2023 in.