André Oerlemans
08 maart 2023, 15:00

Zon- en windbranche wil groeien zonder vernietiging oerwouden en natuur

Voor de productie van windmolens, zonnepanelen, batterijen en elektrische auto’s in Nederland dreigen elders in de wereld oerwouden gekapt, beschermde natuur vernietigd en mensen vermoord te worden. Om dat gevaar zo klein mogelijk te houden hebben bedrijven en organisaties in de wind- en zonne-energiesector een convenant ondertekend om internationaal maatschappelijk verantwoord te ondernemen (IMVO). Een nieuwe internationale coalitie van natuurbeschermers gaat hen informeren over wat er allemaal fout gaat met de winning van bauxiet, koper en nikkel.

Ondertekening IMVO Samen met minister Rob Jetten van Klimaat en Energie ondertekenden 33 bedrijven en organisaties het IMVO-convenant Hernieuwbare Energie | Credits: Dirk Hol

In totaal hebben 33 zonne- en windenergiebedrijven, brancheorganisaties, de Nederlandse overheid, kennisinstituten, ngo’s en vakbonden samen met minister Rob Jetten
van Klimaat en Energie het IMVO-convenant
voor de Hernieuwbare Energiesector ondertekend. Zij gaan zich gezamenlijk inzetten voor de verduurzaming van internationale ketens en willen samen mensenrechtenschendingen en milieuschade aanpakken en voorkomen. “Dit is een eerste stap in de goede richting. Het is een brede coalitie van iedereen die zich in Nederland bezighoudt met zon- en windenergie”, zegt Mark van der Wal, senior ecoloog en adviseur delfstoffen bij natuurbeschermingsorganisatie IUCN NL, een van de ondertekenaars. “Een deel van de bedrijven en organisaties is al langer bezig om dieper in de keten te kijken en zich af te vragen: waar komen onze grondstoffen vandaan? Uit welke bron? Hoe wordt er gewerkt met het oog op regelgeving? Als we hier onze economie groener willen maken, moet de economie elders niet zwarter worden.”

Megawinst

Bij de ondertekenaars zitten milieu- en natuurorganisaties, kennisinstituten, ministeries, banken, vakbonden, maar ook grote bedrijven als Shell, Vattenfall, Eneco, RWE, Siemens en Sunrock, Vestas en Solarfields. Al die partijen proberen meer begrip te krijgen voor elkaar en met elkaar in gesprek te gaan. “Zo kom je tot andere inzichten. Als je grote bedrijven een klein stukje kunt bijsturen maak je al megawinst”, zegt Van der Wal. “Er zitten in die bedrijven veel goedwillende mensen die hun werk zo fatsoenlijk mogelijk willen doen.”

Verantwoorde mijnbouw nodig

Verantwoorde mijnbouw is noodzakelijk om bij de transitie naar groene energie niet dezelfde fouten te maken als in het verleden. Voor alle windmolens, zonnepanelen, batterijen en elektrische auto’s zijn de komende decennia wereldwijd 3 miljard ton aan bijzondere metalen en mineralen nodig zoals lithium, nikkel, kobalt, maar ook bauxiet en koper. De winning via mijnbouw bedreigt overal ter wereld bossen, beschermde natuurparken en leefgebieden van dieren en inheemse volken, met name in Zuid-Amerika, Afrika en Azië. Het gaat gepaard met mensenrechtenschendingen, zoals dwang- en kinderarbeid, gebrek aan vakbondsvrijheid, onveilige werkomstandigheden en uitbuiting. Tegenstanders en milieuactivisten worden zelfs vermoord, de afgelopen tien jaar al 1733 keer. De Wereldbank schat dat de vraag naar deze grondstoffen tot 2050 met 500 procent groeit en is het Climate-Smart Mining-initiatief
begonnen om de impact van mijnbouw op klimaat, milieu en maatschappij zo klein mogelijk te houden.

Internationale coalitie

De keten van grondstof tot windmolen of zonnepaneel is complex, internationaal en vaak ondoorzichtig. Om daar meer duidelijkheid in te brengen start IUCN NL samen met Natuur & Milieu, Stop Ecocide NL en lokale ngo’s in Indonesië, Ghana en de Filippijnen in april een nieuwe internationale coalitie onder de naam: Bottom Line!.
Die naam slaat op de ondergrens die aangeeft waar en hoe mijnbouw mag plaatsvinden. De organisaties willen de overstap van fossiele naar hernieuwbare energie zo eerlijk mogelijk maken, met een zo laag mogelijke negatieve impact op mens en natuur. “Het oprichten van deze coalitie is geen toeval”, zegt Van der Wal. “Wij proberen de deelnemers aan het IMVO-convenant en andere spelers in Nederland en de EU te voeden met praktijkcases en informatie terug te koppelen nar onze partners daarin.”

Koper, nikkel en bauxiet

Het project focust in eerste instantie op de grootschalige mijnbouw van koper in de Filipijnen, waar inheemse gemeenschappen zich tegen verzetten, de nikkelmijnbouw die oerwouden in Indonesië
bedreigt en de bauxietwinning in Ghana, dat ook tot kap van oerbos leidt. Daarnaast gaat het project zich bezighouden met diepzeemijnbouw. Bottom Line! wil lokale mensen en organisaties die opkomen voor de natuur en mensenrechten een stem geven en pleit voor striktere mijnbouwwet- en regelgeving – inclusief no-go zones – en de naleving daarvan. De ervaringen worden gedeeld met lokale en internationale overheden – met een specifieke focus op Nederlandse en Europese beleidsmakers, het bedrijfsleven, financiële instellingen en eindgebruikers. “Het is een complex verhaal. Wij proberen ervoor te zorgen dat impact op de aarde niet over grenzen heen gaat”, zegt Van der Wal. “We kijken echt naar duurzaamheid op de langere termijn, wereldwijd.”

Looptijd vijf jaar

Het IMVO-convenant heeft een looptijd van vijf jaar. Door deelname committeren bedrijven zich aan het toepassen van internationale richtlijnen van de OESO en VN bij al hun activiteiten. Hiermee bereiden zij zich ook voor op toekomstige IMVO-wetgeving. De samenwerking wordt ondersteund door de ministeries van Buitenlandse Zaken en Economische Zaken en Klimaat, brancheorganisaties, financiële instellingen en belangenverenigingen. De aangesloten kennisinstituten, ngo’s, vakbonden en de SER gaan bedrijven ondersteunen met hun kennis en expertise bij de toepassing van IMVO.

Verantwoordelijkheid nemen

Minister Jetten: “Hernieuwbare energie van zon en wind is nu echt tot volle wasdom gekomen. Daarmee komt ook een grote verantwoordelijkheid om goed om te gaan met natuur, mensenrechten en biodiversiteit in de keten en in de operatie. Vanuit dit convenant kunnen de aangesloten bedrijven samenwerken om de aandachtspunten beter inzichtelijk te maken en hier actie op te nemen. Dit is een goede eerste stap en ik kijk uit naar de voortgang.”

Arbeidsomstandigheden

De deelnemende vakbonden kijken vooral naar de arbeidsomstandigheden in de mijnbouw. Elles van Ark, directeur van CNV Internationaal: “Het is fantastisch dat de vraag naar groene energie zo hard stijgt, maar daarmee stijgt ook de druk op de mijnwerkers in Latijns-Amerika en Afrika. Zij krijgen vaak tijdelijke contracten en doen zwaar en onveilig werk voor een laag loon. Omdat vakbondsvrijheid meestal ontbreekt, is het moeilijk om misstanden aan te pakken. Binnen het convenant zetten wij in op het stimuleren van vakbondsvrijheid, zodat werknemers in de hele keten zich kunnen uitspreken.”

Lees ook:

Waar komt de katoen uit je shirt vandaan? Dit Nederlands bedrijf weet het

Tex.tracer helpt mode- en textielbedrijven om inzicht te krijgen in de hele toeleveringsketen van een product. Bijvoorbeeld vanaf het moment dat een katoenplant wordt geoogst, totdat het T-shirt in de winkel hangt. “Vaak hebben bedrijven te maken met wel honderden leveranciers. Het is een hele klus om al die partijen op je netvlies te krijgen”, zegt Jolanda Kooi, medeoprichter en CEO van tex.tracer. QR-code voor consumenten Wanneer een bedrijf samenwerkt met tex.tracer krijgen ze toegang tot een dashboard. “De data die wij verzamelen op basis van de input die een bedrijf levert, maakt de keten inzichtelijk en daarmee ook hoeveel CO2-uitstoot een product veroorzaakt. Pas dan kun je onderbouwde keuzes maken om een bepaald product te verduurzamen.” Dat kan door bijvoorbeeld voor een andere leverancier te kiezen, of door andere materialen te gebruiken. Tex.tracer maakt al die tussenpartijen inzichtelijk voor modemerken. Vervolgens kunnen de modemerken besluiten om ook de consument mee te nemen in de reis die een kledingstuk maakt voordat het in de kast hangt. Dat kan bijvoorbeeld met een QR-code op het label van een kledingstuk. Europese wetgeving dwingt bedrijven tot inzicht Vanaf 2024 wordt het in heel Europa voor grote bedrijven verplicht om te rapporteren over zaken als CO2-uitstoot, het sociaal kapitaal en de impact die ze hebben op biodiversiteit en mensenrechten in de keten. De richtlijn wordt gefaseerd ingevoerd. Sommige bedrijven zullen al in 2025 moeten rapporteren over het afgelopen boekjaar. Voor andere bedrijven geldt de verplichting pas een of twee jaar later.Het is dus belangrijk dat mode- en textielbedrijven inzicht krijgen in hoe hun producten gemaakt worden. “We merken dat steeds meer bedrijven zich hierop voorbereiden”, ziet Kooi. “Het geld van de investeerders gebruiken we deels om ons platform klaar te maken om grotere aantallen te verwerken.” Ook wil tex.tracer een deel van de investering gebruiken om internationaal uit te breiden. “Dit jaar richten we ons op Engeland, Zweden, Denemarken en Noorwegen” De hoofdinvesteerder van tex.tracer is ROM InWest. Mede-investeerders zijn HearstLab, Joanna Invests en angel-investeerders. Vervuilende partijen hebben de grootste impact Bedrijven die hun leveranciers inzichtelijk hebben gemaakt met tex.tracer zijn bijvoorbeeld Mud Jeans, State of Art en Livera. Onlangs kondigde Zeeman aan dat ze een pilot zijn gestart met het bedrijf. Kooi: “We willen de grootste beweging in gang zetten en verandering teweegbrengen. Dat kun je enerzijds doen door met kleinere duurzame koplopers samen te werken. Anderzijds kun je juist door met de grote bedrijven samen te werken veel impact maken.” Waar begin je? De grootste uitdaging bij het inzichtelijk maken van alle leveranciers is het eerste contact. “Het komt voor dat kledingmerken zeggen dat hun product bijvoorbeeld uit Portugal komt. Ze vergeten daarbij dat er geen katoenteelt in Portugal is. De katoen komt dus ergens anders vandaan. Het lastigste is dan om de juiste contactpersoon te achterhalen”, legt Kooi uit. “Daar is heel veel doorzettingsvermogen voor nodig.”En dat kost tijd. “Wij zijn geen overnight solution”, zegt Kooi. “Het is een reis die we samen met een bedrijf aangaan, en dat doen we stap voor stap. Vooral bij grotere bedrijven is het een ingewikkelde opgave: daar heb je soms wel met honderd tot tweehonderd leveranciers te maken.Meer lezen? Nederlandse start-up tex.tracer bereidt kledingbedrijven voor op nieuwe wetgevingHet aftellen is begonnen: is de Nederlandse modebranche klaar voor deze duurzaamheidswetten?5 innovaties die denim duurzaam gaan maken