Caspar Van de Poel 12 augustus 2022, 14:16

Nieuwe Australische klimaatwet is goed nieuws, maar niet genoeg

Het hing al even in de lucht, maar Australië zal dankzij de Groenen een nieuwe klimaatwet aannemen. De uitstoot aan broeikasgassen moet sneller omlaag en de klimaattoezichthouder krijgt meer macht. Volgens critici is het verre van genoeg, maar slechts een begin.

Pexels hugo heimendinger 1766215 De Australische premier Albanese gaat iets ambitieuzere klimaatwetgeving invoeren. | Credits: Pexels/Hugo Heimendinger

Een zege voor het klimaat, zo zou je het kunnen noemen. De grote winnaars van de Australische parlementsverkiezingen waren de centrumlinkse Labor Party en diens voorman Anthony Albanese, die nu premier van het land is. De Liberal Party, van conservatieve oud-premier Scott Morrison, werd verslagen. Labor en Albanese wisten zelfs een absolute meerderheid in het Huis van Afgevaardigden te behalen, wat het opstellen van wetgeving een stuk eenvoudiger maakt.

Waarom is dat goed nieuws voor het klimaat? Omdat Albanese en zijn partij iets ambitieuzere klimaatplannen hebben dan de vorige Liberale regering, wat nu met nieuwe wetgeving wordt bewezen. Albanese gaf na zijn overwinning te kennen dat hij naar een 43 procent reductie van broeikasgassen wil in 2030 ten opzichte van 2005. Onder zijn voorganger Morrison, die vaak als klimaatscepticus werd weggezet, was het doel nog 26 tot 28 procent. Ook wil Albanese dat Australië in 2050 klimaatneutraal is.

Wettelijk verankerd

Het waren eerste slechts plannen, mooie woorden, maar die gaan werkelijkheid worden. De Australische Groenen hebben na onderhandelingen hun steun voor nieuwe wetgeving toegezegd: in de Senaat, waar Labor geen meerderheid had, zullen zijn de nieuwe wetgeving steunen. Dat betekent dat de wet aangenomen zal worden. Met deze nieuwe klimaatwet worden beide doelen, die van 2030 en 2050, wettelijk verankerd.

De nieuwbakken premier moest ook wel met duurzame maatregelen over de brug komen. In zijn overwinningsspeech na de parlementsverkiezingen beloofde hij van Australië een duurzame supermacht te maken. Veel kiezers hebben juist op Albanese gestemd vanwege zijn wat progressievere duurzaamheidsstandpunten. Het verder aanscherpen van de klimaatdoelen was daarom een must.

Naast de nieuwe wetgeving krijgt de Climate Change Authority (CCA) in Australië de taak op zich om de verduurzaming te monitoren. Het gouvernementele instituut moet gaan bijhouden of het land op schema ligt om klimaatdoelen daadwerkelijk te realiseren. Daarnaast moet de Australische minister voor klimaatverandering, Chris Bowen, jaarlijks de progressie inzake de klimaatdoelen aan het parlement gaan voorleggen. Ook moeten een aantal overheidsorganisaties met deze verduurzamingsslag in hun achterhoofd gaan opereren, wat effect zal hebben op hun beleidsvoering. Kan er bijvoorbeeld nog een extra gasleiding worden gebouwd? Of heeft dat te veel effect op het gestelde klimaatdoel?

Pas het begin

Hoewel het een stap in de goede richting is klinkt er ook forse kritiek. Zo vinden de Groenen, de partij die Albanese nu steunt om de wetgeving door het parlement te loodsen, de wetgeving niet ambitieus genoeg. Liever zouden zij streven naar nog meer emissiereductie in 2030. Ook willen de Groenen dat er geen nieuwe fossiele projecten worden gestart, zoals kolenmijnen. Premier Albanese gaf aan dat hij daar niet achterstaat, vanwege het ‘verwoestende effect dat dat op de Australische economie zou hebben’.

Critici, zoals het Australische Climate Council, willen dat fossiele industriebronnen sneller – en überhaupt – in de ban worden gedaan. De regering zou onder meer de fossiele industrie niet meer moeten steunen, verwoest land en bos herstellen en sterkere pro-klimaatwetgeving implementeren. De klimaatdoelen zijn weliswaar bijgesteld, nu moet ook nog duidelijk worden hoe die concreet gehaald gaan worden, met welke maatregelen. Deze wet is echt pas het begin, is eigenlijk de consensus. Er is méér nodig.

Lees ook: Hoe Australië zich wapent tegen klimaatverandering: is het nog op tijd?

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.

Dit Amerikaanse bedrijf zegt vleesvervangers te maken uit lucht, maar kan dat wel?

Een vleesvervanger gemaakt van lucht. Dat lijkt de heilige graal, want er is geen landbouwgrond voor nodig om de grondstof van te kweken. Een uitkomst op een aarde die nogal dichtbevolkt is, waar de landbouwgrond steeds minder vruchtbaar wordt en waar ook het water steeds schaarser is. Maar het roept ook veel vragen op. Want hoe kun je van niets iets maken? Het klinkt eerder als gebakken lucht. ‘Lucht is misleidend’ “Het woord Air, dus lucht, is wat misleidend”, zegt Nico Claassens, Assistent Professor microbiologie aan de Wageningen University (WUR). Claassens houdt zich bezig met het ontwikkelen van bacteriën die CO2 kunnen omzetten in bijvoorbeeld eiwitten. “Bij Air Protein wordt de vleesvervanger van gas gemaakt, waterstof om specifiek te zijn.” Dat zit zo: om eiwitten te maken heb je energie nodig. Die energie kan zonlicht zijn, dan gebeurt dat door middel van fotosynthese. Maar de energie kan ook waterstof zijn. En in het geval van de vleesvervanger van Air Protein groeien er bacteriën op waterstof. Als de waterstof ook nog groen is, dus gemaakt met behulp van windmolens of zonnepanelen, is het ook een duurzame optie. Lees ook: Waterstof oogsten met mobiele zonnepanelen van H2arvesterDe Amerikaanse start-up zegt ook coquilles en andere vis van lucht te kunnen maken.Bacterie groeit op CO2 “Een bacterie kan groeien op CO2, maar er zijn hogere CO2-concentraties nodig dan die we in de lucht vinden voor goede bacteriële groei”, legt Claassens uit. “Dus voed je ze met een mix van verschillende gassen: CO2-gas, waterstof en zuurstof, zodat ze kunnen ademhalen, met daarbij een beetje stikstof en wat nutriënten.” Die bacteriën zitten met elkaar in grote vaten en vermenigvuldigen. En omdat bacteriën vaak voor meer dan 60 procent uit eiwitten bestaan, leent het zich goed als vleesvervanger. Dan wordt er nog de smaak van kip of hamburger aan toegevoegd, zodat het er ook echt op lijkt. Het is volgens Claassens dan wel bewerkt eten, maar ook een sojaburger wordt enorm bewerkt, zegt hij. “Het grote verschil is dat deze van een veel duurzamere grondstof dan soja gemaakt is.” Ook het bedrijf Quorn groeit de vleesvervangers op een soortgelijke manier: er wordt suiker uit landbouwgewassen gehaald en aan schimmels gevoerd die daarop groeien. Een duurzamer alternatief, maar daarmee omzeil je niet te landbouw. Maar ook met het maken van eiwitten van groene waterstof is er nog grond nodig. De windmolens- en zonnepanelen moeten immers ergens staan. "Maar daar is veel minder land voor nodig dan voor dezelfde hoeveelheid eiwitproductie met landbouw", zegt Claassens. Lees ook: Zo maken wetenschappers het eten van insecten aantrekkelijk en smaakvol Niet nieuw Volgens Claassens is het idee van het maken van eiwitten uit gas niet nieuw. In jaren 70 en 80 van de vorige eeuw waren er al bedrijven bezig met het maken van eiwitpoeder uit aardgas. “Dat werd toen gebruikt als vee- of visvoer. Het werd toen gigantisch opgeschaald, maar was niet meer rendabel toen olie goedkoper werd. Nu de grote drive duurzaamheid is, wordt het weer interessant.” Het lijkt de heilige graal. Toch is er ook kritiek. Consumenten kunnen afhaken bij het idee, omdat het ‘niet natuurlijk is’. Volgens Claassens is er weinig reden tot zorg. “We eten nu al veel bewerkte producten via de landbouw.” Europa versus Amerika Dat deze start-up nu in Amerika opkomt is ook niet gek. In Europa is de regelgeving om nieuwe producten toe te laten in de markt veel strenger. Daardoor laten we kansen liggen, zegt Claasens. “In Amerika hebben ze al de Impossible Burger, die heel goed wordt ontvangen. Die is gemaakt van soja-eiwit, en er zit heem in. Dat is een bloed-molecuul dat de bekende rode kleur van bloed geeft. Dat wordt ook aan deze nieuwe vleesvervanger toegevoegd”, denkt de onderzoeker. Maar in Europa is heem gemaakt uit gemodificeerde gisten nog niet tot de markt toegelaten. Toch heeft de onderzoeker hoop. Vanwege de duurzaamheidsvoordelen zal de Europese Unie er sneller voor kiezen deze nieuwe ingrediënten toe te laten, en er komen steeds meer start-ups op die bezig zijn met het maken van vleesvervangers uit bacteriën. Die focussen zich in eerste instantie ook op veevoer, omdat de regels daarvoor minder streng zijn. "Er gebeurt ontzettend veel, dus we gaan daar de komende jaren zeker voorbeelden van zien.” Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.