André Oerlemans
16 december 2022, 10:00

Hoe bedrijven ondanks dreigende onteigening warmtenetten kunnen aanleggen

Kunnen commerciële bedrijven warmtenetten blijven aanleggen nu die verplicht in overheidshanden komen? Nee, zeggen grote spelers als Vattenfall. Ja, zegt de meerderheid van de bedrijven die aangesloten zijn bij de Stichting Warmtenetwerk. Ook gespecialiseerde advocaten zien genoeg mazen in de bekritiseerde warmtewet van minister Jetten.

Warmte congrestival 3 Gespecialiseerd advocaat Eelkje van de Kuilen van AKD. | Credits: Stichting Warmtenet – Koen Mol

Sinds juli staat de Nederlandse warmtebranche op zijn achterste benen. Toen schreef
minister Rob Jetten van Klimaat en Energie aan de kamer dat alle warmtenetten in Nederland op termijn in publiek eigendom moeten komen. Lees gemeenten of andere overheden. Zij krijgen de regie en bepalen wie en waar een warmtenet mag aanleggen. Volgens de minister zijn de betaalbaarheid, betrouwbaarheid en duurzaamheid van warmtenetten op die manier het best geborgd en ontstaat er meer draagvlak en vertrouwen bij burgers voor de noodzakelijke warmtetransitie. In oktober bevestigde de minister dat nog eens met een nieuwe brief over de aanstaande Wet collectieve warmtevoorziening (Wcw), die 1 juli 2024 in moet gaan. “Hoe je het ook noemt, het blijft uiteindelijk een vorm van onteigening”, verwoordde advocaat Maarten de Wit van AKD tijdens het jaarlijkse congres van Stichting Warmtenet de angst onder de bedrijven.

Stoppen met warmtenetten

Voor een bedrijf als Vattenfall
was de laatste brief reden om per direct te stoppen met alle investeringen in warmtenetten. Het bedrijf heeft acht warmtenetten
in Nederland, maar zal die niet meer uitbreiden en zal geen nieuwe meer aanleggen, liet het weten. Volgens Vattenfall verliezen private warmtebedrijven zeggenschap over bestaande en nieuw te ontwikkelen warmtenetten, terwijl zij daar wel financieel en operationeel verantwoordelijk voor blijven. Dat zorgt voor een onwerkbare situatie. Ook andere bedrijven denken dat dit de warmtetransitie alleen maar vertraagt. Toch vond de meerderheid van de deelnemers aan het warmtecongres die reactie van Vattenfall onterecht en te kort door de bocht.

Om Nederland van het gas te halen moeten voor 2030 ruim 500.000 woningen op collectieve warmtenetten aangesloten worden en voor 2050 nog eens 2,6 miljoen. De vraag is hoe je dat gaat halen als commerciële partijen hier niet meer in willen investeren.

Vooral warmte uit afval en biomassa

Nederland telt inmiddels zo’n 400 warmtenetten, die Stichting Warmtenet in een overzicht bijhoudt. Volgens de laatste Monitor Verduurzaming Gebouwde Omgeving van RVO zijn er al 430.000 woningen op aangesloten. De warmte die de netten leveren is op dit moment slechts voor 38,5 procent duurzaam, heeft het Expertise Centrum Warmte berekend. Die duurzame warmte wordt voornamelijk geproduceerd in afvalverbrandingsovens en in biomassacentrales. Zo heeft afval- en energiebedrijf HVC diverse warmtenetten, onder meer in Alkmaar en Dordrecht, waar het net gevoed wordt door de afvalovens. HVC is in handen van 48 gemeenten en 8 waterschappen, die aandeelhouder zijn. Daarom zijn deze warmtenetten ook volgens de definitie van Jetten in publieke handen.

Wat is publiek eigendom

Volgens Eelkje van de Kuilen en Maarten de Wit van AKD is dan ook een belangrijke vraag wat precies bedoeld wordt met publiek eigendom. Een warmtenet kan eigendom zijn van een gemeente, provincie, waterschap, maar ook van gemeentelijke regelingen of indirect via aandelen zoals HVC. Volgens de twee advocaten zijn diverse vormen van samenwerking mogelijk. Zo zijn er warmtebedrijven mogelijk waarbij de overheid de helft van de aandelen plus één in handen heeft. Ook zijn er joint ventures mogelijk waar commerciële warmtebedrijven en overheden samen in deelnemen. “Daar zijn al botsproeven mee gedaan, maar dat wordt een uitermate complexe exercitie”, zegt De Wit. In theorie zouden publieke netwerkbedrijven in zo’n joint venture kunnen stappen, maar ook dat is volgens de advocaten een hele puzzel.

Toch zeggenschap houden

Volgens Van de Kuilen zou de sector ondanks de brief van Jetten moeten kijken hoe het wel kan. Ook als het economisch eigendom van warmtenetten in handen is van de overheid, kunnen private warmtebedrijven invloed blijven uitoefenen. “Je kunt denken als je de brief leest: ik stop ermee. Dit is kansloos. We zijn er klaar mee. Maar je kunt ook in de brief lezen hoe het wel kan. Je wilt iets te zeggen hebben over de infrastructuur. Als je bijvoorbeeld met elkaar afspreekt dat je bepaalde besluiten alleen met tweederde meerderheid neemt, dan is jou instemming als marktpartij nodig om dingen voor elkaar te krijgen. Dat is ook zeggenschap”, zegt ze.

Het warmtecongres werd door 245 bedrijven en medewerkers van overheden en woningbouwcorporaties bezocht. | Credit: André Oerlemans

Aandelen en stemrecht

Een andere mogelijkheid is volgens haar zeggenschap bedingen bij het benoemen van bestuurders en commissarissen. Ook kunnen private partijen in samenwerkingsverbanden aandelen bijzonder maken, waarbij sommige aandelen ander stemrecht in de gezamenlijke BV opleveren. De marktpartij zou dan bijvoorbeeld meer zeggenschap krijgen over de opbrengsten. De publieke partij kan bijvoorbeeld de verkoop van het warmtenet blokkeren. “Er zijn allerlei smaken om de bevoegdheden te verdelen. Zo kun je een gebalanceerde samenwerking krijgen”, adviseert Van de Kuilen. “De vraag is waar de macht ligt. Zorg ervoor dat marktpartijen op de punten die voor marktpartijen essentieel zijn ook echt iets te zeggen hebben of echt iets te blokkeren hebben.”

Uitzonderingen mogelijk

Volgens Michelle de Rijke van Van der Feltz advocaten worden niet alle warmtenetten meteen onteigend. “De brief van de minister heeft veel commotie gegeven en de huidige bestaande warmtebedrijven maken zich zorgen, maar er zijn uitzonderingen mogelijk”, zegt ze. Zo is er in de nieuwe wet een ingroeiperiode van zeven jaar opgenomen. Van 2024 tot 2031 kunnen gemeenten private warmtebedrijven aanwijzen zonder dat hun netten in publieke handen zijn. Dat kan alleen als er geen alternatief is. Ook geldt er overgangsrecht voor bestaande bedrijven en netten die nu al warmte leveren en die niet in publieke handen zijn. Die kunnen hun netten blijven exploiteren tot het einde van hun aanwijzing of concessie om zo hun investering terug te verdienen. Die termijn zal maximaal 30 jaar duren. Zo wordt onteigening juist voorkomen. Dit overgangsrecht geldt ook voor de bedrijven die tijdens de ingroeiperiode warmtenetten aanleggen.

Kleintjes krijgen ontheffing

Ook kleinere partijen vallen buiten de wet. Bedrijven die warmte aan minder dan tien gebruikers leveren, appartementencomplexen of buurtbewoners met een klein collectief warmtesysteem of VVE’s krijgen een ontheffing. “Zo’n klein systeem is onder voorwaarden toegestaan, maar mag in elk geval geen inbreuk maken op de optimale exploitatie van een warmtebedrijf”, zegt De Rijke. Zij ziet daarom nog allerlei kansen voor warmtebedrijven om te investeren in warmtenetten. “Er zitten tal van aspecten in de Wcw die hiervoor mogelijkheden bieden”, zegt ze.

Lees hier meer over warmtenetten:

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.

Changemaker Impact Award: Bouw en Infra

Changemaker Impact Award 2022 Het hele jaar zette Change Inc. Changemakers in de schijnwerper die laten zien dat verduurzamen veel sneller kan. De komende tijd passeren alle 92 Changemakers van 2022 onderverdeeld in negen sectoren nogmaals de revue. Laat je stem achter voor 8 januari en wie weet ontvangt jouw favoriet de Changemaker Impact Award 2022!Patrick Schreven, Directeur mHome Pleit voor schonere producten in de bouw "Ik werkte jaren in de bouw en het verbaasde me dat er zoveel producten worden gebruikt die slecht zijn voor de gezondheid en de planeet. Met mijn bedrijf mHome maken we woningen van natuurlijke, hernieuwbare materialen. Bij de bouw besparen we 90 procent stikstofuitstoot." Glenn Holland, Directeur van BOWLevert modulaire bouwstenen voor kantoor "Bij BOW maken we prefab bouwstenen waarmee jij en ik in een mum van tijd een kantoor compleet kunnen veranderen. We zijn ambitieus, maar ook duurzaam. We zijn het aan de aarde verplicht om te kijken hoe het groener kan. Winst maken en de planeet niet schaden kan heel goed samengaan." Femke Dijkstra: Product owner bij Vereniging Eigen HuisOntwikkelt namens VEH duurzame woningen voor starters"Vereniging Eigen Huis werkt samen met Lowlands om starters op de woningmarkt te helpen. We zoeken jongeren die niet langer op de politiek willen wachten om de woningnood op te lossen, maar zelf het heft in handen nemen. Ons doel is duurzame woningen bouwen die langere periode voor starters beschikbaar blijven." Harry van Zandwijk: CEO bij DaiwaWil de wereld veroveren met geïndustrialiseerde, modulaire bouwwerken "Wij willen het woningprobleem oplossen, zonder daarmee meer CO2 uit te stoten. Daiwa produceert duizenden modulaire woningen per jaar. De woningen worden in onze eigen fabriek gebouwd en vervolgens naar de woninglocatie gebracht. Dat zorgt voor minder kosten en minder CO2-uitstoot."Daan Bruggink: Architect bij ORGA Architect Richt zich op biobased bouwen en biofilische architeur; met veel ruimte voor de natuur "De overheid zou biobased bouwen meer moeten faciliteren. Als mensen leven in een omgeving waar veel ruimte is voor natuurlijke elementen, voelen ze zich gezonder, gelukkiger en zijn ze productiever." Dingena Verkerk: Adviseur duurzaam- en circulair bouwen Arcadis Pleit voor meer openheid tussen bedrijven en sectoren "Kennis delen is voor echte verduurzaming een vereiste. Als Arcadis zijn we in gesprek gegaan met slopers. Niet direct een partij waar je als ingenieursorganisatie mee te maken hebt. Maar hartstikke waardevol. Die sloper heeft weer grondstoffen tot zijn beschikking die wij kunnen gebruiken. De Nederlandse bouwsector heeft de potentie om de meest duurzame van de wereld te worden." Wigand Dijkstra: Regionaal directeur Benelux bij iCell Distribueert brandvertragende, geluidwerende, circulair gemaakte iCell-isolatiematten "iCell is een duurzaam alternatief voor glas- en steenwol. Uiteindelijk streef ik naar een iCell-fabriek in Nederland. Met Nederlandse oude kranten als grondstof. Maar zo’n fabriek bouw je niet zomaar. Voordat we hier een fabriek kunnen bouwen hebben we de commitment van de bouwsector nodig. Want als zij het materiaal niet gebruiken, komt de cirkel niet rond." Pieter Stoutjesdijk: Oprichter TheNewMakers Richt zich op digitaal ontwerp en productie van circulaire en schaalbare woningen "Al onze producten zijn op meerdere niveaus losmaakbaar en onze gebouwen zijn grotendeels gemaakt van hernieuwbare grondstoffen of reststromen. Door digitalisering snijden we de meeste arbeid uit ontwerp, engineering, productie en assemblage. Zo maken we volledig circulair wonen betaalbaar en schaalbaar."Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.