Rianne Lachmeijer 06 januari 2019, 15:48

INTERVIEW VP Maroš Šefčovič: "Europa is de eerste die de doelstellingen van Parijs in de praktijk toepast"

Europa neemt de leiding op het gebied van klimaatverandering. “Wij gaan als eerste grote economie op deze planeet bewijzen dat economische groei en CO2-reductie samengaan”, zegt Eurocommissaris Maroš Šefčovič.

Maros sefcovic european union photo paul faith

Europa neemt niet alleen de leiding in het formuleren van klimaatambities, maar voegt de daad bij het woord. “Europa geeft het goede voorbeeld”, aldus Eurocommissaris Maroš Šefčovič. Dat betekent niet dat we achterover kunnen leunen. Integendeel, het recente IPCC-rapport toont dat we nog niet voldoende doen om de opwarming van de aarde tot onder de 2 graden Celsius te beperken. 

Tijdens de top in Katowice presenteerde Šefčovič de strategie waarmee de Europese Unie een klimaatneutrale economie wil bereiken in de tweede helft van deze eeuw. “Ten eerste moeten we eerlijk zijn over het feit dat het elke sector raakt. Het gaat niet meer alleen over stroomopwekking, maar ook over energie-intensieve industrieën, nieuwe transporttechnologieën en energie-efficiëntere gebouwen. De gebouwen moeten slimmer, de bossen beter beheerd en de landbouw veel efficiënter.” Kortom, geen enkele sector ontkomt aan de transitie.

Europese energietransitie

Šefčovič is als vicepresident verantwoordelijk voor de creatie van een Europese ‘energie-unie’. “Vanaf het eerste moment zag ik dat als een grote kans voor een complete modernisering van de Europese industrie.” Volgens Šefčovič gaat het om de grootste transformatie van de energiesector sinds de Industriële Revolutie. Vooral op het gebied van elektriciteit gaat er veel veranderen.

'Wat we nodig hebben is geen simpele verandering, maar een paradigma-verschuiving'

Hij ziet een grote rol voor digitalisering van de energienetten en beter gebruik van kunstmatige intelligentie en blockchain om nieuwe distributiepatronen goed vorm te geven. “Uiteindelijk is het de combinatie van de meest efficiënte technologieën die onze economie de komende dertig tot veertig jaar klimaatneutraal maakt.”

Eén van de uitdagingen waar de Europese Unie nu op focust is de eerlijke invulling van die transitie. “We kunnen de mensen die al generaties lang in de mijnen werken niet in de steek laten.” Daarom ontwikkelt de Europese Unie samen met regio’s die grotendeels afhankelijk zijn van de fossiele industrie duurzame toekomstdoelen. En niet onbelangrijk: de projecten die daaruit voortkomen, komen in aanmerking voor Europese subsidie.

Een Europese energiemarkt

Šefčovič pleit voor een Europese energiemarkt waarbij bijvoorbeeld Nederlandse windenergie en Italiaanse zonne-energie optimaal worden benut. “We moeten het systeem zo inrichten dat we elkaar als één markt kunnen helpen om optimaal en efficiënt gebruik te maken van hernieuwbare energiebronnen. Hier is nog heel wat werk aan de winkel.”

'De schoonste energie is natuurlijk de bespaarde energie'

Zo heeft de Europese Unie een miljoen geïnvesteerd in connectiviteit tussen landen, maar 50 procent van die connecties wordt momenteel geblokkeerd door regelgevers. Dat moet veranderen, vindt Šefčovič.

Onderdeel van die nieuwe elektriciteitsmarkt wordt ook de mogelijkheid voor consumenten om energieproducent te worden. Daarnaast wil Šefčovič dat consumenten meer keuzevrijheid krijgen, zodat zij zelf kiezen welk soort energie zij gebruiken. “Ik verwacht dat dit positieve concurrentie in de markt brengt.”

Energie unie

De realisatie van een energie unie is een van de prioriteiten van de Europese Commissie. Kenmerken van deze unie zijn de koppeling van nationale infrastructuren, overkoepelende wetgeving en grotere onderlinge concurrentie waardoor de energiekosten voor burgers en bedrijven verminderen. Daarnaast staat diversificatie centraal. Door als Europa in te zetten op verschillende (hernieuwbare) energiebronnen wordt ons continent minder afhankelijk van andere continenten.

Nederlandse achterstand

Dat Nederland achterloopt op het gebied van hernieuwbare energie ziet Šefčovič niet als een groot probleem. “Het is inderdaad zo dat volgens het Europese voortgangsverslag over hernieuwbare energie voor alle lidstaten op één na, Nederland, het gemiddelde aandeel hernieuwbare energie gelijk of hoger uitviel dan het beoogde aandeel voor de periode 2013/2014.”

In die periode scoorde Nederland met 5,2 procent hernieuwbare energie in de energiemix 0,7 procent lager dan de beoogde score. In de periode daarop is dat gat groter geworden. Nederland komt in 2015/2016 uit op 5,9 procent hernieuwbare energie in plaats van de voorgestelde 7,6 procent. Het doel van deze metingen is om in stappen toe te werken naar de hernieuwbare energiedoelen voor 2020.

Hoop voor Nederland

Šefčovič maakt zich geen zorgen om de huidige positie van Nederland vanwege de Nederlandse hernieuwbare energiedoelstellingen voor 2023. In dat jaar wil de Nederlandse regering minstens 16 procent hernieuwbare energie in de mix te hebben. Daardoor ligt het Europese doel voor 2020: 14 procent, ook binnen bereik. Daarnaast wijst Šefčovič erop dat wanneer de geplande Nederlandse windparken in gebruik worden genomen het aandeel hernieuwbare energie substantieel toeneemt.

Ook volgt hij het Nederlandse waterstof-onderzoek op de voet. “Ik vind wat Nederland doet op het gebied van waterstof behoorlijk indrukwekkend. Groningen laat zien hoe we de voormalige aardgas-infrastructuur kunnen gebruiken voor nieuwe technologie. Het is een heel goed voorbeeld van een toekomstgerichte innovatie waar de rest van Europa van kan leren.”

Lees ook: Ed Nijpels: Einde oefening voor niet-duurzame bedrijven

Europa als koploper

“Europa is de eerste grote economie die de doelstellingen van Parijs in de praktijk toepast”, zegt Šefčovič. Volgens hem mag Europa ook trots zijn op haar technologische prestaties. Zo is 30 procent van de wereldwijde patenten op hernieuwbare energietechnieken in Europese handen. Ook lukt het Europa om, ondanks het periodieke karakter, hernieuwbare energie te integreren in de energiemix. Daarnaast boekt het continent voortgang op het vlak van energie-efficiëntie. Tot slot verwacht Šefčovič dat Europa haar eigen emissiedoelen zal overtreffen. “We halen in 2030 ten minste 45 procent emissiereductie, dus dat is 5 procent meer dan we hadden beloofd.”

Tegelijkertijd waarschuwt Šefčovič dat het geen gelopen race is: andere continenten gaan ook aan de slag. Zo verwierf China binnen korte tijd positie als grootproducent van elektrische auto's en elektrische bussen. Volgens hem laat het zien hoe snel de tijden veranderen.

De 21ste eeuw: de eeuw van Europa?

Om de Europese koppositie te behouden investeert de Europese Unie miljarden in de ondersteuning van onderzoek en innovatie. Daarnaast is het zaak dat deze innovaties vervolgens ook in Europa toepassing vinden.

Šefčovič, die zelf zijn opleiding afrondde aan Stanford University, reist elke drie à vier jaar af naar Californië en ontmoet dan in Silicon Valley veel Europeanen. “Dat maakt mij tegelijkertijd trots en verdrietig”, aldus de Eurocommissaris. “Die brain drain kunnen we ons niet meer veroorloven.”

Om de Europese koppositie te behouden pleit hij voor lef. Europa moet onder andere innovatie stimuleren, klimaatactie durven nemen, streng industrieel beleid doorvoeren, assertief zijn in haar handelsrelaties en investeren in de jonge generatie. “In het volgende decennium wordt beslist wie de volgende eeuw leidt: Amerika, China of Europa.”

Lees meer over de energietransitie op onze themapagina.

Hoofdafbeelding: Adobe Stock | Portretfoto: European Union 2018 door Paul Faith

Aantal elektrische auto's in 2018 verdubbeld

Het aantal volledig elektrische auto’s in Nederland lag eind 2018 op 48.767. Dat betekent een ruime verdubbeling ten opzichte van eind 2017; toen reden er 23.613 elektrische auto’s rond. De 24.024 nieuwe elektrische auto’s is een verdriedubbeling ten opzichte van 2017. In dat jaar werden 7.964 nieuwe auto’s geregistreerd.De cijfers zijn in lijn met de maandcijfers die de Rijksdienst voor Ondernemen (RVO) publiceert; ook daarin is maand na maand een stijging van het aantal nieuwe elektrische auto’s te zien. De plugin hybrides zijn in de cijfers van BOVAG, RDC en de RAI Vereniging niet meegenomen.BijtellingsregelsDat de cijfers zo positief zijn, komt volgens de drie organisaties mede door de nieuwe bijtellingsregels. Sinds 1 januari geldt het bijtellingspercentage van 4 procent alleen nog voor de eerste 50.000 euro die een auto kost; over het bedrag daarboven moet 22 procent bijtelling betaald worden.Lees ook: Bijtelling omhoog: einde van de Tesla-hype?De naderende verandering was volgens de organisaties in december goed merkbaar: 30 procent van alle verkochte auto’s was een elektrische auto. Dat waren volgens de brancheverenigingen met name auto’s uit het hogere prijssegment, zoals de Jaguar I-PACE en de modellen van Tesla. Deze auto’s kosten stuk voor stuk meer dan 50.000 euro.TeslaVan de 24.000 elektrische auto’s die verkocht werden, ging er het vaakst een Tesla over de spreekwoordelijke toonbank. De Model S werd 5.633 keer verkocht, de grotere Model X 2.966 keer. De Model S werd in 2017 ook al het vaakst gekocht. De nieuwe Model 3 werd tot eind december vijf keer besteld.In de prijsklasse onder de Tesla’s deden de elektrische VW Golf, de Nissan Leaf en de Jaguar I-PACE goede zaken, met verkoopcijfers boven 2.200 exemplaren. Ook de Renault Zoe, BMW I3 en Hyundai Ioniq werden veel verkocht.Markt voor waterstofVoor waterstofauto’s was in 2018 nauwelijks een markt. De Hyundai Nexo werd twaalf keer verkocht, de Toyota Mirai slechts één keer. De komende jaren moet het aantal waterstoftankstations in Nederland worden uitgebreid.Minder positiefOver het komende jaar zijn de brancheorganisaties minder positief. Door de populariteit van elektrische auto’s lopen wereldwijd de levertijden op.Bron: Bovag | Afbeelding: Adobe Stock