Paul van Liempt 03 februari 2023, 11:00

Kiezen voor inhoud aan de top loont

Als je de oude trots Philips vergelijkt met de nieuwe trots ASML zie je opmerkelijke verschillen. Philips richt zich op de korte termijn, heeft een marketeer aan het hoofd en prefereert verkoop boven onderzoek. ASML kijkt naar de lange termijn, kiest voor inhoud aan de top en zet sterk in op research & development.

Liempt Elke week schrijft Paul van Liempt een column over leiderschap

Chipmachinebouwer ASML heeft als voormalig onderdeel van Philips het oude icoon inmiddels volledig overvleugeld. Veldhoven passeert Eindhoven glansrijk, zoals het intussen ook is uitgestegen boven oude gevestigde namen als McDonald’s, Walt Disney, Unilever, Nike en Shell, met een beurswaarde van 219 miljard euro. Het Amerikaanse Bloomberg volgt ASML op de voet en kan de naam van het Brabantse dorp waar het hoofdkantoor staat foutloos spellen. Helemaal nu de Brabantse trots speelbal is geworden in een geopolitieke strijd tussen Amerika en China.

Ook de Volkskrant heeft ASML ontdekt. In een groot interview krijgt Chief Technology Officer Martin van den Brink, verantwoordelijk voor de innovaties van het bedrijf, alle gelegenheid de zegeningen van de technologische parel uit te venten. Klanten die chips maken, als TSMC uit Taiwan, Samsung uit Zuid-Korea en het Amerikaanse Intel zijn voor hun succes onlosmakelijk verbonden aan ASML. De Volkskrant schrijft: ‘Aan hun computerchips, gemaakt met de machines van de ongenaakbare wereldmarktleider uit het Brabantse Veldhoven, is het te danken dat onze telefoons, auto’s, televisies, laptops, spelletjescomputers, pacemakers, slimme koelkasten en andere snufjes almaar sneller en goedkoper worden.’

In een commentaar in de krant steekt de hoofdredacteur zelf de loftrompet af over het bedrijf dat in Veldhoven aan 20.000 mensen werk biedt. ‘Bij ASML staat de technologische ontwikkeling centraal. De belangrijkste man van het concern is een techneut, Martin van den Brink, bij Philips staat een marketeer aan het hoofd. ASML blijft een groot deel van de winst investeren in onderzoek en ontwikkeling. Philips richt zich helemaal op de verkoop.’ Wie op wereldschaal koploper wil zijn moet fundamenteel onderzoek doen, bepleit hoofdredacteur Pieter Klok: ‘Wie de technologische kennis heeft, heeft de macht.’

Wie als land koploper wil zijn zal veel meer geld in R&D moeten steken. Een kwestie van prioriteiten stellen. Alle publieke en private R&D-investeringen bij elkaar opgeteld, komen in Nederland uit op 2,18 procent van het BBP. Duitsland zit op 3 en heeft al de ambitie neergelegd naar 3,5 te streven. Europa zit gemiddeld op 3,3 procent. Een paar maanden terug sprak ik de voorzitter van de VNCI (die de chemische industrie vertegenwoordigt) die zei: ‘Twee jaar geleden was ik in Israël, een land met 7,5 miljoen inwoners. Ze zitten op 5,3 procent R&D, omdat ze heel goed zijn in het aantrekken van venture capital,’ (Gericht op risicovolle investeringen in innovatieve bedrijven, red.), in korte klappen en het stichten van nieuwe bedrijven.’

Hiermee wordt voor Nederland de gewenste richting van de beweging geschetst. Een beweging die leiderschap vraagt met ruimte voor risico, gebaseerd op een fundament van stevige inhoud. ASML geeft het goede voorbeeld met een technisch natuurkundige als technologische topman, iemand met verstand van zaken. Anderen, zoals Philips, kunnen er lering uit trekken. Zodat ze niet in het rijtje komen met het onderwijs en de NPO, dat ik voorbij zag komen in een veel gelikete tweet: ‘Onderwijs lijkt op de NPO. Bestuurders en managers willen de inhoud bepalen en ze weten van niks.’

Opmerkelijk: Tinkerbel-achtige robot vliegt op wind en zonlicht

Steeds meer wetenschappers werken aan minuscule robots die zich voortbewegen met (en aangestuurd worden door) externe stimuli, zoals licht. Wetenschappers maakten al robots die op deze manier kunnen lopen, zwemmen en springen. Vliegen behoorde echter nog niet tot de opties. Wetenschappers van de Finse Tampere Universiteit werken aan die laatste optie, binnen het project FAIRY (een niet-kloppende afkorting van: Flying Aero-robots based on Light Responsive Materials Assembly). Van vorm veranderen Het Finse project moet een fee-achtige robot (gewicht: 1,2 milligram) opleveren die zich voortbeweegt op de wind en aangedreven kan worden door een lichtbron, zoals een laserstraal of led. Licht kan er daarnaast voor zorgen dat de minuscule robot van vorm verandert, van de vorm van een zaadje naar een vorm die iets wegheeft van een fee uit een Disneyfilm. Die eigenschap is bijvoorbeeld belangrijk bij het opstijgen en landen van de robot. Kunstmatige bestuivers De hamvraag is natuurlijk: welke doelen kunnen dit soort robots überhaupt dienen? De onderzoekers verwachten op den duur ook robots van grotere omvang te kunnen maken. Dan zouden ze gps-apparaten en sensoren met zich mee kunnen dragen. Maar de wetenschappers zien ook een andere, belangrijkere toepassing. Hoofdonderzoeker Hao Zeng: “Het klinkt misschien als science-fiction, maar onze robot kan een belangrijke stap voorwaarts zijn richting kunstmatige bestuiving.” Hij voorziet een wereld waarin miljoenen van deze kunstmatige ‘zaadjes’ (zoals die van paardenbloemen) pollen over de wereld verspreiden met behulp van de wind. “Dat zou een enorme impact kunnen hebben op de wereldwijde landbouw. Het verlies van natuurlijke bestuivers door klimaatverandering is namelijk een serieuze bedreiging voor het toekomstige voedselsysteem.” Vele uitdagingen Zo ver is het alleen nog lang niet. Hoe zorg je er bijvoorbeeld voor dat de robot precies daar landt waar hij moet landen? En hoe gebruik je ze opnieuw of maak je ze in ieder geval biologisch afbreekbaar? Die obstakels en vele andere uitdagingen moeten nog getackeld worden. Het project FAIRY loopt nog tot 2026.Ook opmerkelijk: Chinese bosstad die CO2 slurpt Deze waterstofbus brengt jou en je auto van A naar BBomen die bellen als ze gekapt worden